Melodie: motief, thema en riff (Muziek vmbo), les 3: Terugblik quiz

VAKTHEORIE · MELODIE

QUIZ

Terugblik: Melodie: motief, thema en riff

1 / 15
volgende
Slide 1: Slide
newEditorMuziekMiddelbare schoolvmbo g, tLeerjaar 3,4

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min
Dit is niet oké

Introductie

Terugblik met quiz van acht vragen, waaronder vier luistervragen over nazin, riff, sequens en ostinato.

Onderdelen in deze les

VAKTHEORIE · MELODIE

QUIZ

Terugblik: Melodie: motief, thema en riff

Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Joseph Karl Stieler / Wikimedia Commons, publiek domein

Video: Mozart: Eine kleine Nachtmusik, I. Allegro (Swiss Orchestra). Wat leerlingen horen: eerst de opgaande openingszin, daarna een zin die daarop antwoordt. Goede antwoord: nazin.

Je hoort het begin van Mozarts Eine kleine Nachtmusik. Hoe heet het antwoord op de eerste zin?

A

Voorzin

B

Break

C

Ostinato

D

Nazin

Het thema begint met een zin die als een vraag klinkt en krijgt dan een antwoord. Dat antwoord is de nazin. Wie voorzin kiest, noemt de eerste zin.

Video: Guns N' Roses: Sweet Child O' Mine (officiele video). Wat leerlingen horen: de beroemde gitaarfrase waarmee het nummer begint. Goede antwoord: de frase komt steeds terug en geeft het nummer zijn karakter.

Je hoort het begin van Sweet Child O' Mine. Waarom is de gitaarmelodie een riff?

A

Hij komt steeds terug en geeft het nummer zijn karakter

B

Hij klinkt maar één keer aan het begin

C

Hij wordt alleen door de zanger gezongen

D

Hij is een stilte waarin een solist doorspeelt

De gitaarfrase komt steeds terug en maakt het nummer herkenbaar. Wie de stilte kiest, verwart riff met break.

Video: Beethoven: Symfonie nr. 5, deel 1 (Concertgebouworkest, Ivan Fischer). Wat leerlingen horen: het motief ta-ta-ta-taa, daarna nog een keer op een andere hoogte. Goede antwoord: het klinkt nog een keer op een andere hoogte (sequens).

Je hoort het begin van Beethovens vijfde. Wat gebeurt er met het motief?

A

Het klinkt steeds precies even hoog

B

Het verandert in een riff

C

Het klinkt nog een keer op een andere hoogte

D

Het stopt voor een break van twee maten

Het motief klinkt twee keer, de tweede keer lager. Dat is een sequens. Wie even hoog kiest, hoort de herhaling maar let niet op de toonhoogte.

Welke twee begrippen horen bij elkaar als vraag en antwoord?

A

Riff en break

B

Motief en ostinato

C

Voorzin en nazin

D

Thema en sequens

De voorzin klinkt als een vraag, de nazin als het antwoord.

Welke bewering over een thema klopt?

A

Een thema kan uit een of meer motieven bestaan

B

Een thema bestaat altijd uit één toon

C

Een thema is altijd een patroon onder de melodie

D

Een thema klinkt nooit twee keer in een stuk

Een thema is langer dan een motief en kan uit motieven zijn opgebouwd. Wie patroon onder de melodie kiest, verwart thema met ostinato.

Op welk instrument speel je vaak een riff?

A

Op een triangel

B

Op de pauken

C

Op buisklokken

D

Op een elektrische gitaar

Een riff speel je vaak op een elektrische gitaar of basgitaar. Wie kerkorgel kiest, denkt aan klassieke muziek.

De basgitaar speelt het hele nummer onder de melodie hetzelfde korte patroon. Wat is dat?

A

Een nazin

B

Een ostinato

C

Een break

D

Een sequens

Een kort patroon dat steeds blijft herhalen onder de melodie is een ostinato. Wie break kiest, denkt aan een onderbreking.

Video: Ravel: Bolero (WDR Sinfonieorchester, Alondra de la Parra). Wat leerlingen horen: zacht en steeds hetzelfde ritme op de kleine trom, met een melodie erboven. Goede antwoord: de kleine trom.

Je hoort het begin van Boléro. Welk instrument speelt het ritme dat steeds terugkomt?

A

De kleine trom

B

De pauken

C

De triangel

D

De trombone

De kleine trom speelt vanaf het begin zacht hetzelfde ritme, het ostinato. Wie de pauken kiest, denkt aan een ander slagwerkinstrument.

Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?

1

Heel zeker

2

Redelijk zeker

3

Niet zo zeker

4

Helemaal niet zeker

Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.

♪ VAKTHEORIE · MELODIE

GOED GEDAAN!

Je kent nu het motief, het thema, de riff, het ostinato en de break. Luister vandaag naar je favoriete nummer: kun je de riff of het motief horen?

Deze slide heeft geen instructies