Par 3: Strafrecht, de opsporing

Par 3: Strafrecht: de opsporing
Open ook bladzijde 36 van je tekstboek.

Deze paragraaf gaat over het strafrecht, en hoe de opsporing van criminelen gaat
1 / 13
volgende
Slide 1: Tekstslide
maatschappijleerVoortgezet speciaal onderwijs

In deze les zitten 13 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Par 3: Strafrecht: de opsporing
Open ook bladzijde 36 van je tekstboek.

Deze paragraaf gaat over het strafrecht, en hoe de opsporing van criminelen gaat

Slide 1 - Tekstslide

Overzicht vorige les
  • Rechtsstaat en de grondbeginselen
  • Verdeling van de macht --> Trias politica
  • Grondwet en grondrechten
  • legaliteitsbeginsel


BEKIJK NU HET FILMPJE VIA DE WEBSITE OP DE VOLGENDE PAGINA
herhaling

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Link

Veiligheid vs Vrijheid
Taak van de overheid

- Handhaving voor een veilige samenleving --> Bijvoorbeeld de coronaspoedwet invoeren
- rechtsbescherming --> de grondwet moet ons beschermen tegen machtsmisbruik van de overheid

Slide 4 - Tekstslide

Wat is jouw mening over de Coronaspoedwet?
A
Voorstander van invoering --> meer veiligheid
B
tegenstander van invoering --> meer vrijheid
C
Anders namelijk....?

Slide 5 - Quizvraag

Het strafrecht
  • Maakt onderscheid tussen misdrijven en overtredingen
  • Criminaliteit --> alle misdrijven die in de wet staan

Slide 6 - Tekstslide

3

Slide 7 - Video

01:20
Wat gebeurt er na een misdrijf?
Stap 1: politie verzamelt informatie over het strafbare feit.
de officier van justitie leidt het opsporingsonderzoek. Aan het einde van het onderzoek wordt het proces-verbaal opgemaakt.
Stap 2: De officier van justitie bepaalt wat er met het proces verbaal gedaan wordt. Als er voldoende bewijs is gaat de zaak naar de rechter
Stap 3: De rechter stelt vast of de verdachte schuldig is

Slide 8 - Tekstslide

02:00
Opsporingsbevoegdheden politie
Zonder toestemming                                                                          Met toestemming
1. Iemand staande houden                                                               1. Binnengaan van een woning
2. Fouilleren                                                                                             2. Afluisteren van telefoongesprekken
3. Aanhouden                                                                                          3. Preventief fouilleren
4. Negen uur op het bureau vasthouden                                   4. Langer dan 9 uur vasthouden
5. In beslag nemen van bewijs                                                        5. Infiltratie

Slide 9 - Tekstslide

03:00
De officier van justitie
Alle officieren van justitie samen noem je het Openbaar Ministerie (ook wel OM)

- Seponeren
- Transactie/strafbeschikking
- Vervolgen

Slide 10 - Tekstslide

Seponeren, transactie, vervolgen? Wat kies jij en waarom?
Op school steekt een jongen een afvalcontainer in brand. De directeur stuurt hem van school en doet aangifte.

Slide 11 - Open vraag

Seponeren, transactie, vervolgen? Wat kies jij en waarom?
Een man doet aangifte omdat hij bij een ruzie in een café is geslagen en geschopt. De man heeft pijn, maar geen blijvend letsel

Slide 12 - Open vraag

Vervolg
Maak opdracht: 3,5,8,9,11,12,13 blz 30-35 WB 

Slide 13 - Tekstslide