15.09 - ag1 - Zakelijk schrijven - uitleg opmaak

Stillezen
timer
15:00
timer
3:00
1 / 22
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvwoLeerjaar 1

In deze les zitten 22 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 80 min

Onderdelen in deze les

Stillezen
timer
15:00
timer
3:00

Slide 1 - Tekstslide

@jip_gewoon

Slide 2 - Tekstslide

Pak alvast je Chromebook erbij

Planning schrijfvaardigheid
  • Uitleg zakelijke e-mail
  • Formeel/informeel
  • Uitleg JIJ-toets
  • Als er tijd over is: uitleg opdracht "E-mail naar klasgenoot over interview."
Lesdoelen:

  • Ik weet hoe de opmaak van een zakelijke e-mail eruit ziet en kan dit zelf ook toepassen.
  • Ik weet wat voor aanhef en afsluiting ik hoor te gebruiken.
  • Ik kan een zakelijke e-mail opdelen in inleiding/kern/slot.
  • Ik kan uitleggen wat het verschil is tussen formeel en informeel.

Slide 3 - Tekstslide

Opmaak zakelijke e-mail
Aan: E-mailadres geadresseerde
(c.c./b.c.c.)
Onderwerp: Waar gaat de email over?

Aanhef: Geachte heer/mevrouw,

Inleiding: Wie ben je? Waarom schrijf je?

Kern: Belangrijke informatie, vragen etc.

Afsluiting: Bedankje en wat verwacht je?

Met vriendelijke groet,

Naam + achternaam



Zakelijk lettertype, grootte 12.

Titel, tussenkopjes,
alinea’s.

Verschil formeel en
informeel.

Aanhef, inleiding/kern/slot, afsluiting.

Slide 4 - Tekstslide

Wat klopt er niet?
Geachte oma, ik heb je zo gemist!
A
Ik moet met een hoofdletter.
B
Geachte hoort niet bij oma.

Slide 5 - Quizvraag

Hoe hoort het?
Een brief naar iemand die je niet kent sluit je af met...
A
Doei!
B
Groetjes,
C
Met vriendelijke groet,

Slide 6 - Quizvraag

Formeel

Je kent de persoon niet
Officiële gelegenheden 
(bezoek belangrijk persoon, je werk)

Kenmerk: netjes en beleefd
Informeel

Je kent die persoon heel goed




Kenmerk: schrijven zoals je praat (wel goed gespeld!)

Slide 7 - Tekstslide

Wanneer gebruik je informeel taalgebruik?

Slide 8 - Open vraag

Wanneer gebruik je formeel taalgebruik?

Slide 9 - Open vraag

Wat hoort bij elkaar?
Formeel
Informeel
Met vriendelijke groet,

Jip Joppe
Groetjes,
Jip
Geachte meneer De Jong,
Lieve mama, 

Slide 10 - Sleepvraag

Formeel
Informeel
Telefoonnotitie
Sollicitatiebrief
Ansichtkaart
Bedankbrief
E-mail naar docent
E-mail naar je opa
Sms naar je baas
Appje naar je vader
Instagram
Verslag

Slide 11 - Sleepvraag

Wanneer schrijf je een zakelijke e-mail?

Slide 12 - Woordweb

In een zakelijke e-mail gebruik je formele taal.
A
Waar.
B
Niet waar.

Slide 13 - Quizvraag


Een zakelijke e-mail 

Slide 14 - Tekstslide

Bij een zakelijke brief/e-mail geef je altijd aan waar het over gaat in de regel:
A
onderwerp
B
aanhef
C
betreft
D
inleiding

Slide 15 - Quizvraag

Ik wil mijn nieuwe camera laten repareren bij de zaak waar ik die gekocht heb. Ik schrijf een ..................................... e-mail naar die afdeling.


A
zakelijke
B
persoonlijke

Slide 16 - Quizvraag

In een zakelijke
e-mail staan minstens 2 komma's. Waar?
A
Na aanhef en na het woord 'want'
B
Na de slotgroet en na het onderwerp
C
Na aanhef en slotgroet
D
Na het onderwerp en het woord 'dus'

Slide 17 - Quizvraag

Heb je nu genoeg kennis om zelf een zakelijke e-mail te maken?
A
JA
B
Nee

Slide 18 - Quizvraag

JIJ-toets
Je kunt er niet voor leren.
We kijken gewoon hoe ver we zijn!

Slide 19 - Tekstslide

Schrijf een e-mail aan je klasgenoot. Lees de opdracht goed!

Slide 20 - Tekstslide

Hoe vond je het om een zakelijke
e-mail te schrijven?

Slide 21 - Open vraag

Lesdoelen:

  • Ik weet hoe de opmaak van een zakelijke e-mail eruit ziet en kan dit zelf ook toepassen.
  • Ik weet wat voor aanhef en afsluiting ik hoor te gebruiken. 
  • Ik kan een zakelijke e-mail opdelen in inleiding/kern/slot. 
  • Ik kan uitleggen wat het verschil is tussen formeel en informeel.

Slide 22 - Tekstslide