De natuur is alles om ons heen dat niet door mensen is gemaakt. Het gaat om levende dingen, zoals planten, bomen, dieren en mensen. Maar ook niet-levende dingen horen erbij, zoals lucht, water, stenen, bergen en de aarde zelf.
In de natuur leven alle planten en dieren samen. Ze hebben elkaar nodig om te overleven. Bijvoorbeeld: planten maken zuurstof, dieren eten planten of andere dieren, en mensen gebruiken de natuur om te leven.
De natuur is belangrijk omdat wij ervan afhankelijk zijn. Zonder natuur zouden we geen eten, geen schoon water en geen lucht om te ademen hebben.
De natuur is ook altijd in beweging. Planten groeien, dieren worden geboren en gaan dood, en het weer verandert steeds. Alles in de natuur hoort bij elkaar en vormt samen één groot systeem.