1.4 de brander

1.4 de brander 
1 / 21
volgende
Slide 1: Tekstslide
NaskMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 1

In deze les zitten 21 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

1.4 de brander 

Slide 1 - Tekstslide

Wat gaan we deze les doen?

Leerdoelen van deze les?

Introductie, instructie en controle vragen over de les;

Vragen maken die horen bij de les.

Slide 2 - Tekstslide

Welke zintuigen gebruik je bij onderzoek doen?

Slide 3 - Woordweb

Noem 3 veiligheidsregels in een practicumlokaal

Slide 4 - Open vraag

Noem 3 veiligheidsmaterialen in een practicumlokaal

Slide 5 - Open vraag

leerdoelen:
1.4.1 Je kunt de werking van de brander uitleggen.
1.4.2 Je kunt een brander op de juiste manier aanmaken.
1.4.3 Je kunt de verschillende vlammen van een brander noemen.
1.4.4 Je kunt de brander instellen, zodat de gewenste vlam ontstaat.


Bij practicum moet je soms iets verwarmen. Daarvoor gebruik je een brander. De brander werkt op gas.

Slide 6 - Tekstslide

1.4.1 Je kunt de werking van de brander uitleggen.

Onderdelen van de brander

Op de foto’s zie je een brander.

De brander op de linker foto (a) heeft een geeloranje vlam. 
Op de middelste foto (b) brandt hij met een blauwe vlam die je niet hoort.
De brander op de rechter foto (c) heeft een blauwe vlam die ruist.

Slide 7 - Tekstslide

1.4.1 Je kunt de werking van de brander uitleggen.

Onderdelen van de brander
De brander werkt op gas. 
de brander zit een gaskraan. 
Met de gaskraan laat je meer of minder gas in de brander. 
De vlam wordt dan groter of kleiner. 
Je kunt deze kraan ook helemaal dicht draaien.

Slide 8 - Tekstslide

1.4.1 Je kunt de werking van de brander uitleggen.

Onderdelen van de brander
Gas kan alleen branden als er zuurstof bij komt. Zuurstof zit in de lucht.
De lucht komt door de luchtschijf bij het gas.
Met de luchtschijf laat je meer of minder lucht bij het gas.
Met de luchtschijf dicht is de vlam geeloranje (afbeelding 1a). Met de luchtschijf een beetje open is de vlam blauw en stil (afbeelding 1b). Met veel lucht wordt de vlam lichtblauw en ruist hij (afbeelding 1c).

Slide 9 - Tekstslide

Begrippen:

Slide 10 - Tekstslide

Uit welke onderdelen bestaat de brander? Noem deze drie:

Slide 11 - Open vraag

1.4.2 Je kunt een brander op de juiste manier aanmaken.
Brander aanmaken
De brander moet je altijd op dezelfde manier aanmaken:
1 Doe de luchtschijf dicht.
2 Controleer of de gaskraan dicht is.
3 Draai de gaskraan op je tafel open.
4 Houd een brandende lucifer boven de schoorsteen.
5 Draai de gaskraan een beetje open, zodat de brander met een geeloranje vlam gaat branden.
6 Draai de luchtschijf langzaam open om de juiste vlam te krijgen.

Slide 12 - Tekstslide

1.4.3 Je kunt de verschillende vlammen van een brander noemen.
1.4.4 Je kunt de brander instellen, zodat de gewenste vlam ontstaat.
Drie vlammen
De pauzevlam gebruik je als je de brander even niet nodig hebt. Een pauzevlam is geeloranje. 
Je maakt de pauzevlam zo:

1 Draai de luchtschijf dicht.
2 Draai de gaskraan zo ver dicht, dat je een kleine, geeloranje vlam hebt.
3 Zet de brander van je af.



Slide 13 - Tekstslide

1.4.3 Je kunt de verschillende vlammen van een brander noemen.
1.4.4 Je kunt de brander instellen, zodat de gewenste vlam ontstaat.
Drie vlammen

De stille blauwe vlam gebruik je om iets warm te houden. 
Of om een kleine hoeveelheid te verwarmen. 
Bijvoorbeeld een klein beetje water. Je maakt de stille blauwe vlam zo:
1 Begin met een pauzevlam.
2 Draai de gaskraan een klein beetje verder open.
3 Draai de luchtschijf een klein beetje open.
4 De vlam is blauw en maakt geen geluid.




Slide 14 - Tekstslide

1.4.3 Je kunt de verschillende vlammen van een brander noemen.
1.4.4 Je kunt de brander instellen, zodat de gewenste vlam ontstaat.
Drie vlammen
De ruisende blauwe vlam is heel heet.
 Een ruisende blauwe vlam gebruik je als iets heel heet moet worden. 
Of om een grote hoeveelheid te verwarmen, 
bijvoorbeeld een liter water.
Je maakt de ruisende blauwe vlam zo:
1 Begin met een pauzevlam of een stille blauwe vlam.
2 Draai de gaskraan verder open.
3 Draai de luchtschijf verder open.
4 De vlam is blauw en maakt een ruisend geluid.




Slide 15 - Tekstslide

Begrippen:

Slide 16 - Tekstslide

Quiz





Je stoot per ongeluk de brander om en de brander blijft branden. Wat moet je als eerste doen?
A
Water over de brander gooien
B
Je pakt de brander vast en zet hem rechtop
C
Je maakt de gaskraan dicht

Slide 17 - Quizvraag

Slide 18 - Tekstslide

Aan het werk! NOVA
Wat? 1.4 de brander
Opdracht: 1 t/m 5 Niet de P-opdrachten!

Waar? In Magister naar leermiddelen Nova Nask. 
Hoe? Als het bord op rood staat werk je alleen en in stilte.
Als het bord op groen staat mag je fluisterend overleggen met je buurman. 
Heb je vragen? Steek je hand op en ik kom bij je. 
Klaar? Kijk het dan na!

timer
1:00

Slide 19 - Tekstslide


Schrijf drie dingen op die je deze les hebt geleerd.
Dit is een open vraag.

Slide 20 - Open vraag


Stel een vraag over iets wat je 
nog niet zo goed hebt begrepen.
Dit is een open vraag.

Slide 21 - Open vraag