2526 ADO3 cours 27 ét 4

Cours 27
Quelle est l'origine du carnaval?

LDT 50 exo 6,7 

Pendant & il y a -> LDT 59 exo 7















 




1 / 7
volgende
Slide 1: Tekstslide
FransMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 3

In deze les zitten 7 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Cours 27
Quelle est l'origine du carnaval?

LDT 50 exo 6,7 

Pendant & il y a -> LDT 59 exo 7















 




Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Link

Qu'est-ce que tu trouves du carnaval?

Slide 3 - Open vraag

LDT 50
LDT 50 exo 6, 7 - luister naar de mening van de jongeren
6. Wat hebben zij gezien?
Hebben zij een positieve of een negatieve mening?
7. Wie zegt wat? (combineer de naam met de letters van de zinnen)
b. hoeft niet


Slide 4 - Tekstslide

LDT 50
1 - lees de folder, vrai / faux?
a. Het is aan jongeren gericht
b. De 104 is een museum
c. In de 104 zijn Franse en buitenlandse kunstenaars
d. De 104 is interessant voor alle leeftijden
2. Lees de folder nog een keer, wat kun je doen in de 104?
3. Welke Franse woorden kun je onder de 4 plaatjes zetten?
5 - lees artikel 2 en geef antwoord
a. Waar gaat het artikel over (kies uit onderstaande antwoorden)
b. hoeft niet


Slide 5 - Tekstslide

pour donner son avis...
je pense que c'est.... - ik denk dat het.... is bijv: je pense que c'est bizarre
je trouve que c'est.... - ik vind dat het.... is
selon moi - volgens mij
pour moi - voor mij
à mon avis - naar mijn mening
beau, belle - mooi
moche - lelijk
bizarre - vreemd
ennuyeux, ennuyeuse - vervelend/saai
génial(e) - te gek
intéressant(e) - interessant
original(e) - origineel
pas mal - niet slecht
surprenant(e) - verrassend

Slide 6 - Tekstslide

vocabulaire
pendant = tijdens -> pendant les cours = tijdens de lessen
pendant + tijdsaanduiding -> 
voorbeeld 1: pendant des années = al jaren / jarenlang
voorbeeld 2: pendant 10 jours = 10 dagen lang
 il y a 10 jours = 10 dagen geleden

Slide 7 - Tekstslide