7.2 spelling - werkwoorden

7.2 spelling - werkwoorden
1 / 17
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvmbo g, t, mavoLeerjaar 4

In deze les zitten 17 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

7.2 spelling - werkwoorden

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Tekstslide

Soorten werkwoorden
Werkwoorden kun je indelen in 2 soorten werkwoorden. 
We kunnen:
- sterke werkwoorden
- zwakke werkwoorden

Slide 7 - Tekstslide

Werkwoorden
- Eigen vorm in de verleden tijd
- Klinker verandert in de verleden tijd
- Voltooid deelwoord eindigt meestal op -en 
- Altijd hetzelfde vervoegd als andere werkwoorden
- Eindigen op -de en -te in de verleden tijd
- Helemaal anders
Regel: 
Schrijf zoals je hoort
Regel: 
Gebruik 'T KOFSCHIP X
Regel: 
Geen regel 
wij dragen - wij droegen - wij hebben gedragen
wij spelen - wij speelden - wij hebben gespeeld
wij zijn - ik waren - wij zijn geweest 
Sterke 
werkwoorden
Zwakke 
werkwoorden
Onregelmatige werkwoorden

Slide 8 - Tekstslide

Nederlands

Lastige werkwoordsvormen
Het is snel gebeurd. 
Het gebeurt snel.

Stappen
1. Wees je bewust van verraderlijke vormen. 
2. Gebruik het werkwoordschema.
3. Controleer verraderlijke vormen altijd goed.

Slide 9 - Tekstslide

Werkwoordschema !!
  • pv?
  • Tijd? vt/ tt
  • vt  stam plus de(n) of te(n)
  • Heeft infinitief al een t of d( stam)? Dan dd of tt
  • Geen PV maar bijvoeglijk naamwoord? Zo kort mogelijk!

Slide 10 - Tekstslide

Zet de volgende werkwoorden in het werkwoordschema

slapen

vinden

geven

blijven

bellen

confronteren 

betrappen

Slide 11 - Tekstslide

slapen           vinden                  blijven          bellen            betrappen
geven            confronteren

Slide 12 - Tekstslide

Infinitief
Het infinitief is het hele werkwoord. 
bv: ‘maken’, ‘rennen’, ‘werken’, ‘koken’ en ‘denken’

De hobbyboer maakt appelmoes. (geen infinitief)
De hobbyboer wil appelmoes maken. (wel infinitief)


Slide 13 - Tekstslide

Voltooid deelwoord
Wat is een voltooid deelwoord?


Slide 14 - Tekstslide

Voltooid deelwoord
- Het voltooid deelwoord is een werkwoordsvorm.
- Het voltooid deelwoord geeft aan dat iets is afgelopen 
   (voltooid).
- Het voltooid deelwoord is  niet de persoonsvorm. 
- In een zin met een voltooid deelwoord staat altijd een vorm 
   van hebben, worden of zijn.
- Het voltooid deelwoord begint vaak met ge-, be- of ver-.

Slide 15 - Tekstslide

Het onvoltooid deelwoord
Het onvoltooid deelwoord geeft aan dat een handeling nog bezig is: Kijkend naar de nieuwe serie

Het onvoltooid deelwoord eindigt op:
 -nd(e)

Slide 16 - Tekstslide

onvoltooid deelwoord

  • Je schrijft een onvoltooid deelwoord altijd hetzelfde:
  • hele werkwoord  + d:
  • fluitend
  • lopend
  • wachtend

Slide 17 - Tekstslide