omgeving - huis - les 2a woordenschat

Thema omgeving
Het huis - les 2
1 / 21
volgende
Slide 1: Tekstslide

In deze les zitten 21 slides, met tekstslides.

Onderdelen in deze les

Thema omgeving
Het huis - les 2

Slide 1 - Tekstslide

De woorden van Lowan worden soms op een wat andere volgorde aangeboden, maar is dit thema bedoeld om gelijktijdig met Lowan aan te bieden.
Het thema maakt deel uit, van het grotere thema rondom 'de omgeving'. Lowan de omgeving kan hierna gegeven worden.
Joyce.

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De badkamer
Ik was mij in de badkamer.

Ik sta onder de douche in de badkamer.

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Het dak
Het huis heeft een dak.

De man klimt op het dak om de goot schoon te maken..

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De radio
Ik luister muziek op de radio.

Ik kan op mijn telefoon ook naar de radio luisteren.

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De trap
Ik loop op de trap naar beneden.

Met de trap kan ik naar de eerste verdieping.

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De eettafel
Ik zit aan de eettafel.

Ik zit met mijn broer aan de eettafel te eten.

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Het bed
Ik lig in bed.

Mijn bed staat op de slaapkamer.

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De wastafel
De wastafel is in de badkamer.

Ik was mijn handen bij de wastafel.

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Het bad
Ik zit lang in bad.

Vader wast het kind in het bad.

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De douche
Ik sta kort onder de douche.

Ik was mijn haren met zeep onder de douche.

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De handdoek
De handdoek is erg zacht.

Ik droog mijn handen aan de handdoek.

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies