1mh1 10/06

1 / 27
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 1

In deze les zitten 27 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Planning for this lesson. 
  • Tweede onderdeel van de leestekst even bespreken!
  • Wat moet je leren voor de toets? 
  • Laten we wat onderdelen herhalen! :) 

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

5.1 Weinig / een beetje: a little / a few <> little / few

Slide 4 - Tekstslide

Fill in the correct answer:
.... Time
A
A few
B
A little

Slide 5 - Quizvraag

Fill in the correct answer:
... dollars
A
a few
B
a little

Slide 6 - Quizvraag

Fill in the correct answer:
..... monkeys
A
a few
B
a little

Slide 7 - Quizvraag

Fill in the correct answer:
.... Sugar
A
A few
B
A little

Slide 8 - Quizvraag

Maak nog even aantekeningen als het nodig is!

Slide 9 - Tekstslide

5.3 should/ shouldn't

Slide 10 - Tekstslide

Wat betekend 'should'
A
moet
B
zou
C
zou moeten
D
kan

Slide 11 - Quizvraag

Wat betekend 'shouldn't'?
A
moet niet
B
zou niet moeten
C
zou niet kunnen
D
kan niet

Slide 12 - Quizvraag

You have a great job; you _____ change it.
A
should
B
shouldn't

Slide 13 - Quizvraag

You _____ drink so much coffee; it's bad for your blood pressure.
A
should
B
shouldn't

Slide 14 - Quizvraag

It's an incredible film. You _____ watch it.
A
should
B
shouldn't

Slide 15 - Quizvraag

You _____ go to that restaurant. The food is terrible.
A
should
B
shouldn't

Slide 16 - Quizvraag

Maak nog even aantekeningen als het nodig is!

Slide 17 - Tekstslide

5.4 much/many

Slide 18 - Tekstslide

MUCH (VEEL)

- NIET telbaar
- enkelvoud

EXAMPLE: 
My brother has much money
We don't have much time



MANY (VEEL)

- WEL telbaar
- meervoud

EXAMPLE:
My sister has many friends
There were many people at the party

Slide 19 - Tekstslide

There has been ..... rain lately
A
much
B
many

Slide 20 - Quizvraag

We have .... apples
A
many
B
much

Slide 21 - Quizvraag

5.8 present simple <> present continuous

Slide 22 - Tekstslide


We often ........... (talk) about or holiday.
A
talk
B
talks

Slide 23 - Quizvraag


I... (dance) right now.
A
Am dancing
B
Dances

Slide 24 - Quizvraag


I … ( work) at school right now
A
work
B
am working

Slide 25 - Quizvraag

Maak nog even aantekeningen als het nodig is.

Slide 26 - Tekstslide

Wow wat hebben wij hard gewerkt vandaag!
  • Voor nu hebben we alle grammatica van Unit 5 die we voor de toets moeten kennen. 
  • Voor de tijd die we nog over hebben raad ik aan dat je alvast gaat starten met de woordjes en zinnen leren. 
  • Je moet de woordjes van Unit 5 kennen (NL/EN + EN/NL)
  • Je moet de zinnen van Unit 6 kennne. (Zoals ze er staan) 

Slide 27 - Tekstslide