Kernfysica (1)
Kernfysica (1)
Welke woorden of ideeën komen bij je op bij radioactiviteit?
Straling en gezondheid
Ioniserende straling
radioactief
Wat is de belangrijkste bron van straling voor iedere Nederlander.
Natuurlijk, binnenshuis
Natuurlijk, buitenshuis
Natuurlijk, in het eigen lichaam
Industie en consumenten producten
Atoombouw.
Een atoom is opgebouwd uit: protonen, neutronen en elektronen.
Bijvoorbeeld:
Hoeveel protonen, neutronen en elektronen heeft dit element?
4 protonen, (9-4) 5 neutronen, 4 elektronen.
Atoombouw.
Isotopen:
dit zijn atomen van hetzelfde chemische element maar met een verschillend aantal neutronen.
Bijvoorbeeld: Koolstof Waterstof
Radioactieve straling.
Ontdekt door: Wilhelm Röntgen, Antoine Becquerel en Madame Curie
Radioactieve straling wordt uitgezonden door: Radioactieve stoffen.
Tegenwoordig: Ioniserende straling.
Voorbeeld:
Invuloefening
Isotopen:
dit zijn atomen van hetzelfde chemische element maar met een verschillend aantal neutronen.
alfa (α ) en bèta (β ) deeltjes straling
gamma (γ) en röntgen elektromagnetische straling
symbool deeltje massa (u)
α He 4
β e 1/1836
γ foton géén
Rö foton géén
soort straling
α-deeltjes
β-deeltjes
γ-straling
röntgenstraling
ioniserend doordringend deeltje
vermogen vermogen
groot klein heliumkern
matig matig elektron
klein groot foton
klein groot foton
doordringend vermogen
α- en β-deeltje dracht
γ- en röntgenstraling halveringsdikte
dracht
Maximale afstand waarover α- of β-deeltjes (deeltje) in een materiaal doordringt
halveringsdikte d½
Afstand waarbij een materiaal de helft van de invallende straling doorlaat
Sleepvraag
Deeltjes
Golven (fotonen)
alfa straling
beta straling
gamma straling
röntgen straling
doordringend vermogen
doordringend vermogen
doordringend vermogen
α- en β-straling dracht
γ- en röntgenstraling halveringsdikte
waarmee bestralen?
1 meter beton
alfa, beta & gamma straling.
Invuloefening
Dracht:
Maximale afstand waarover α- of β-deeltjes in een materiaal doordringt
Halveringsdikte d½
Afstand waarbij een materiaal de helft van de invallende straling doorlaat
Welk soort straling heeft het meest doordringend vermogen?
Zet ze in de juiste volgorde met bovenaan de minst doordringende.
halveringstijd 30,25 jaar
halveringstijd
De halveringstijd (halfwaardetijd) τ is de tijdsduur waarin het oorspronkelijk aantal instabiele kernen met de helft is afgenomen.
Radioactief verval
De activiteit A (in becquerel: Bq) van een radioactieve bron hangt af van de beginactiviteit
A0 (op t = 0 s), de tijd t en de halveringstijd t1/2 van de radioactieve stof:
Halveringstijd
De halveringstijd t1/2 hangt af van de soort radioactieve stof
Vervalkromme
Beginactiviteit
De beginactiviteit A0 hangt af van het aantal instabiele atoomkernen N0 (op t = 0 s) en de halveringstijd t1/2 van de radioactieve stof
● hoe groter N0 is, des te groter is A0
● hoe groter t1/2 is, des te kleiner is A0
Absorptie van γ- en röntgenstraling
De intensiteit I van de doorgelaten straling hangt af van de intensiteit I0 van de invallende straling, de dikte d en de halveringsdikte d1/2 van het absorberende materiaal:
Halveringsdikte
De halveringsdikte d1/2 hangt af van
de soort straling
het soort materiaal
Doorlaatkromme
I = intensiteit van een bron (%)
I0 = intensiteit van een bron op tijdstip 0 (100 %)
D = dikte (cm)
D0,5 = halveringsdikte (cm)
A = activiteit van een bron (Bq)
A0 = Activiteit van een bron op tijdstip 0 (Bq)
D = dikte (cm)
D0,5 = halveringsdikte (cm)
M = massa van een bron (gram)
M0 = massa van een bron op tijdstip 0 (gram)
D = dikte (cm)
D0,5 = halveringsdikte (cm)
I = intensiteit van een bron (%)
I0 = intensiteit van een bron op tijdstip 0 (100 %)
T = tijd (s)
T0,5 = halveringstijd (s)
A = activiteit van een bron (Bq)
A0 = Activiteit van een bron op tijdstip 0 (Bq)
T = tijd (s)
T0,5 = halveringstijd (s)
M = massa van een bron (gram)
M0 = massa van een bron op tijdstip 0 (gram)
T = tijd (s)
T0,5 = halveringstijd (s)
Een loodplaat is 3,0 cm dik en heeft voor gammastraling een halveringsdikte van 1,0 cm.
Vraag: Hoeveel % wordt er geabsorbeerd?
Bij een onderzoek maakt men gebruik van 57Co met een T1/2 van 270 dagen.
Vraag: Hoeveel % is vervallen na: a) 270 dagen; b) 540 dagen en c) 810 dagen?
20 microgram van 131I vervalt en zendt beta- en gamma straling uit.
Vraag: Hoeveel microgram is er nog over na 40 dagen? T1/2 131I = 8 dagen.
Gegeven het isotoop 131I met een T1/2 van 8 dagen.
Vraag: Hoeveel % van het oorspronkelijk aantal isotopen is na 20 dagen nog niet gedesintegreerd?
De beginactiviteit van een hoeveelheid molybdeen is 20GBq.
Vraag: Hoe groot is de activiteit na 1 week? T1/2 = 66 uur
Maar nu anders:
Stel dat je halveringstijd/dikte of de blootgestelde tijd/dikte
moet uitrekenen?
Bij een behandeling wordt een radioactieve stof ingebracht.
Hoe lang moet T1/2 zijn om ervoor te zorgen dat er na 10 uur nog maar 3,125% intensiteit te meten is?
Een veel gebruikt isotoop is Tc99m. T1/2 = 6,0 uur. Een patiënt wordt ingespoten met 6,0 mg Tc99m. Bereken hoelang het duurt totdat de hoeveelheid Tc99m in het lichaam is gedaald tot 0,10 mg.
bescherming tegen uitwendige bestraling
beperking van de bestraaltijd
handhaving van een zo grootmogelijke afstand
toepassing van afschermingsmaterialen
gebaseerd op een drietal principes
grafische weergave van de kwadratenwet
wanneer de afstand tot de bron verdubbelt
wordt het oppervlak waarover de straling
wordt verdeeld vier maal groter
Toepassingen
Bijv: Bestralen van bloedproducten en/of proefdieren
gericht op veiligheid werknemer
stralingsveld rond het bestralingsapparaat
meting van het dosistempo
lekkage van de bron
veegtest
uit te voeren controles
weerstandsverhoging tegen terrorisme
maatschappelijke ontwrichting door (dreigen met) vuile bom
voorkomen van weesbronnen
onopgemerkt bij verwerking / omsmelten van schroot
Regeling hoogactieve bronnen