Citeren en parafraseren

Bronnen gebruiken in een tekst
Citeren en parafraseren en een bronnenlijst bijhouden
Ideeën van anderen gebruiken in jouw tekst...
hoe doe je dat zonder dat je plagiaat pleegt?
1 / 18
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 18 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Bronnen gebruiken in een tekst
Citeren en parafraseren en een bronnenlijst bijhouden
Ideeën van anderen gebruiken in jouw tekst...
hoe doe je dat zonder dat je plagiaat pleegt?

Slide 1 - Tekstslide

Lesdoelen
In deze les leer je:
...Wat plagiaat is;
...Hoe je uitspraken en ideeën kunt overnemen in jouw tekst;
...Hoe je een bron goed opschrijft in de tekst en eronder.  

In de volgende slide staat een video waarin je erachter komt wat plagiaat is.

Slide 2 - Tekstslide

Wat weet jij
over plagiaat?

Slide 3 - Woordweb

Slide 4 - Video

Als je plagiaat pleegt...
A
Citeer je tekst van een ander en vermeld je de bron.
B
Parafraseer je een tekst van een ander en vermeld je de bron.
C
Doe je alsof een idee van een ander jouw idee is.
D
Gebruik je tekst van een ander zonder een bron te vermelden.

Slide 5 - Quizvraag

Hoe gebruik je een idee van een ander 
in jouw tekst?
 Je kunt op verschillende manieren informatie uit een andere tekst in jouw eigen verslag verwerken:
1. Je citeert een letterlijke uitspraak.
2. Je parafraseert een uitspraak/tekst van een ander.
3. Je schrijft een samenvatting.

We oefenen dit met een kleine opdracht.

Slide 6 - Tekstslide

Waarom gaan we hiermee aan de slag?
Opdracht  - ontwikkelingen in de mode OF AI in het dagelijks leven

  • Ga op zoek naar een recente ontwikkeling;
  • Verzamel informatie over die ontwikkeling;
  • Gebruik een online bron voor het verzamelen van informatie.

Slide 7 - Tekstslide

Welke bronnen heb jij tot nu toe gevonden voor jouw onderzoek bij opdracht 1 van het project?

Slide 8 - Open vraag

Bronnenlijstje aanleggen
Om voor jezelf overzichtelijk te houden waar jij je informatie vandaan hebt, is het handig om een bronnenlijst bij te houden.

  • Onderaan je tekst neem je een kopje ‘bibliografie’ op met de links naar de originele teksten / video’s / webpagina’s; (zie instructiefilmpje Smartschool) 

  • Ook vermeld je de boeken of tijdschriften die je gebruikt hebt.




Slide 9 - Tekstslide

Gebruik bij het maken van een bronnenlijst
aan de 3 W's!
Waar heb je de tekst gevonden?

Wie heeft de tekst geschreven?

Wanneer is de tekst geschreven of wanneer heb jij de website gelezen?

Slide 10 - Tekstslide

Wat doe je als de auteur niet bij de bron genoteerd staat?
A
Dan gebruik je de naam van de organisatie.
B
Dan schrijf je in plaats van de naam 'z.a.' wat staat voor 'Zonder auteur'.
C
Dan vul je geen naam, maar alleen een jaartal in.

Slide 11 - Quizvraag

Bronnenlijst
  • Alfabetische volgorde

  • Auteur, jaartal, titel, boek/tijdschrift/website, uitgeverij, evt. datum 
Tip: Je kan gebruik maken van een site als https://www.scribbr.nl/bronvermelding/generator/

Slide 12 - Tekstslide

Lever jouw bronnenlijst in!
Op Smartschool vind je nog meer informatie over hoe je een bronnenlijst op kunt stellen
Volgende les: citeren en parafraseren. 
Hoe gebruik je je bronnen op de juiste manier in je eigen tekst?

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Video

Kies stukje tekst uit jouw opdracht 1 van het project, waarbij je gebruik maakt van een bron voeg een goed citaat toe.
Knip en plak de alinea met het citaat in het antwoordvak van deze vraag.

Slide 15 - Open vraag

Slide 16 - Video

Kies stukje tekst uit jouw opdracht 1 van het project, waarbij je gebruik maakt van een bron voeg een goede parafrase toe. Knip en plak de alinea met het citaat in het antwoordvak van deze vraag.

Slide 17 - Open vraag

In hoeverre kun je na deze les een citaat of parafrase in jouw teksten gebruiken?
😒🙁😐🙂😃

Slide 18 - Poll