Formuleren 3: dat als samentrekking beknopte bijzin begrenzen

1 / 39
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 39 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Laat hier het huiswerk voor vandaag zien.

Slide 4 - Open vraag

Antwoorden opdracht 12
  1. De eurolanden moeten beter samenwerken en meer voor elkaar overhebben, omdat speculanten te veel invloed krijgen op de rente op staatsleningen, wanneer de landen dat niet doen.
  2. Voorstanders van een verbod op gewelddadige games zijn van mening dat jongeren agressief gedrag gaan vertonen, als ze te veel tijd aan dit soort spellen besteden.
  3. Mijn buurman bouwt een hoge schutting om zijn tuin, zodat zijn nieuwe vriendin, die een ware zonaanbidster is, daar in de zomer onbespied in de zon kan liggen als die omheining straks klaar is.
  4. Veel hoogopgeleide mannen geven in dit onderzoek aan dat ze een gelukkiger gezinsleven zouden hebben, als zij het iets rustiger aan konden doen.
  5. Theodore geeft al enkele maanden geen cent van zijn zakgeld meer uit, omdat hij de nieuwste iPad wil kopen, zodra hij voldoende geld heeft gespaard.

Slide 5 - Tekstslide

  • Lesdoelen




Je herkent een dat/als-constructie in de zin en kunt deze verbeteren.
Je herkent een foutieve samentrekking in de zin en kunt deze verbeteren.
Je herkent een foutieve beknopte bijzin en kunt deze verbeteren.
Je herkent een zin die onjuist begrensd is en kunt deze verbeteren.

Slide 6 - Tekstslide

Foutieve samentrekking

Samentrekking is een manier om niet te hoeven herhalen wat je al eerder hebt geschreven. Je kunt soms woorden, woordgroepen of zinsdelen weglaten. Een bruikbaar middel dus om de vaart in je tekst te houden en nodige herhalingen te voorkomen.



Slide 7 - Tekstslide

Als in een samengestelde zin dezelfde woorden twee keer voorkomen, kun je de woorden meestal de tweede keer weglaten.



Slide 8 - Tekstslide

Wat is een samengestelde zin?
Een samengestelde zin is een zin die...

Slide 9 - Open vraag

 samentrekking
Als je in een zin bepaalde woorden steeds herhaalt, wordt de zin saai. Daarom mag je in sommige gevallen bepaalde woorden weglaten.  Dat noem je 'samentrekking'. 
Je mag dat alleen niet in alle gevallen doen.

Slide 10 - Tekstslide

Goed of fout?

De verslagen ontvingen wij vandaag en zullen direct worden voorgelezen.
A
goed
B
fout

Slide 11 - Quizvraag

fout in grammaticale functie


De verslagen (lv) ontvingen wij vandaag en de verslagen (o) zullen direct worden voorgelezen.

Slide 12 - Tekstslide

Goed of fout?

Ik houd heel erg van dieren, maar mijn zusjes niet.
A
goed
B
fout

Slide 13 - Quizvraag

fout in vorm (getal)


Ik (enkv) houd heel erg van dieren, maar mijn zusjes (mv) houden niet van dieren.


Slide 14 - Tekstslide

Goed of fout?

Hij maakt altijd zijn huiswerk, want graag een goede indruk.
A
goed
B
fout

Slide 15 - Quizvraag

fout in de betekenis


Hij maakt altijd zijn huiswerk, want hij maakt graag een goede indruk.

Slide 16 - Tekstslide

Dus aan welke voorwaarden moet je voldoen aan je delen van een zin samentrekt?

Slide 17 - Open vraag

drie voorwaarden voor een samentrekking
  1. grammaticale functie moet gelijk blijven
  2. vorm van de weggelaten vorm moet gelijk blijven (enkelvoud en meervoud bijvoorbeeld)
  3. Betekenis moet gelijk blijven

Slide 18 - Tekstslide

15 min. in break-out rooms
Maak  opdracht 14, blz. 222


timer
15:00

Slide 19 - Tekstslide

Opdracht 14
1 Onjuist: enkelvoud/meervoud
Verbetering: De prijzen zijn bij dit energiebedrijf misschien wat hoger, maar de service is een stuk beter.
2 Onjuist: de werkwoorden ‘uitkijken naar’ en ‘omkijken naar’ hebben duidelijk verschillende betekenissen
Verbetering: De gescheiden man keek vooral uit naar nieuwe relaties, maar keek daardoor nauwelijks om naar zijn kinderen.
3 Onjuist: ‘onze vertrekkende directeur’ is de eerste keer onderwerp en de tweede keer meewerkend voorwerp. 
Verbetering: Onze vertrekkende directeur wordt straks door de burgemeester toegesproken en hem wordt een korte vakantiereis naar de Seychellen aangeboden.
4 Onjuist: ‘De pinksterdagen’ is de eerste keer het onderwerp van de zin en de tweede keer het lijdend voorwerp. 
Verbetering: De pinksterdagen beloven heel zonnig te worden en die gaan we dus maar eens doorbrengen in onze stacaravan aan de kust.
5  Juist

Slide 20 - Tekstslide

Opdracht 14
6 Onjuist: ‘deed’ heeft in ‘deed afnemen’ een andere betekenis dan in ‘deed hem de das om’. 
Verbetering: De crisis deed de winst van de cateraar snel afnemen en deed hem uiteindelijk de das om.
7 Onjuist: The Blair Witch Project is de eerste keer het onderwerp van de zin en de tweede keer het lijdend voorwerp. 
Verbetering: The Blair Witch Project was een heel enge film, maar die film had ik desondanks voor geen goud willen missen.
8 Juist
9 Juist
10 Onjuist: ‘het slachtoffer ‘is de eerste keer het meewerkend voorwerp van de zin en de tweede keer het lijdend voorwerp. 
Verbetering: Beroepsinbreker K.R. heeft het slachtoffer eerst een klap op zijn hoofd gegeven en het slachtoffer daarna van zijn geld en zijn creditcard beroofd.

Slide 21 - Tekstslide

Op welke manier kan ik een foutieve beknopte bijzin en onjuiste begrenzing voorkomen?

Slide 22 - Tekstslide

Hoofdzin of bijzin?
Een zin kan enkelvoudig (één persoonsvorm) of samengesteld (meerdere persoonsvormen) zijn.  Als een zin samengesteld is, kan deze bestaan uit twee hoofdzinnen of een hoofdzin en een bijzin.


Slide 23 - Tekstslide

Hoe herken je een hoofdzin? De pv en het ow staan naast elkaar.

Hoe herken je een bijzin? Je kunt nog iets tussen het ow en de pv zetten.

Voorbeeld: Als ik nieuwe schoenen koop (bz), wil ik ze meteen aan (hz).

Slide 24 - Tekstslide

(Foutieve) beknopte bijzin
Bij een beknopte bijzin ontbreken de persoonsvorm en het onderwerp. Er is wel een verzwegen onderwerp. Dat is eigenlijk een onderwerp dat niet genoemd wordt. Het verzwegen onderwerp moet hetzelfde zijn als het onderwerp van de hoofdzin, anders klopt de zin niet.


Slide 25 - Tekstslide

1. Wachtend op de bus, hielden ze elkaars hand vast. GOED

2. Na koffie gedronken te hebben, reed de bus verder. FOUT


Als een beknopte bijzin niet klopt (omdat het ow in de hoofd- en bijzin niet hetzelfde zijn), is er sprake van een foutieve beknopte bijzin.

Slide 26 - Tekstslide

3 soorten
1.   Met een voltooid deelwoord:
Eindelijk in Bethlehem gearriveerd, bleken alle herbergen vol te zijn

Eindelijk in bethlehem gearriveerd, zagen de reizigers dat alle herbergen vol waren.
 

Slide 27 - Tekstslide

2.   Met een onvoltooid deelwoord

Werkend aan de lastige opgaven, ging de saaie wiskundeles snel voorbij.

Werkend aan de lastige opgaven, vond Ellen de saaie wiskundeles snel voorbij gaan.

Slide 28 - Tekstslide

3. Met te + hele werkwoord

Het licht viel zomaar uit, na met het nieuwe koffiezetapparaat drie kopjes te hebben gezet.

Na met het nieuwe koffiezetapparaat drie kopjes koffie te hebben gezet, merkte ik dat het licht zomaar uitviel.

Slide 29 - Tekstslide

Goed of fout?
1. Op onze vakantiebestemming aangekomen, vielen de mussen van het dak.
A
goed
B
fout

Slide 30 - Quizvraag

Goed of fout?
2. Liggend in zijn hangmat, las Johan het dagblad.
A
goed
B
fout

Slide 31 - Quizvraag

Goed of fout?
3. Na het licht te hebben uitgedaan, was het pikdonker.
A
goed
B
fout

Slide 32 - Quizvraag

Maak opdracht 15, blz. 224
timer
6:00

Slide 33 - Tekstslide

Antwoorden 15
  1. A Zwervend door Finnmarken zocht Alfred naar kraters die door meteorieten waren veroorzaakt. 
  2. B Door de houten delen van het jacht elk jaar te lakken bescherm ik mijn schip tegen bedreigingen als paalworm en houtrot. 
  3. B Eindelijk eerste geworden mocht de marathonloper zijn naam op de zilveren beker onder die van zijn voorgangers laten graveren. 
  4. B Zwoegend op een moeilijke toets merkte hij dat de tijd een stuk sneller voorbijging dan hij dacht. 
  5. B Na als acteur vele successen gevierd te hebben bleek Jeroen Krabbé ook als schilder veel belangstelling te wekken. 

Slide 34 - Tekstslide

Slide 35 - Tekstslide

Onjuiste begrenzing
Het begrenzen van zinnen kan op twee manieren verkeerd gaan:

1.   Soms staat een zinsdeel los dat eigenlijk deel uitmaakt van een grotere, samengestelde zin

 2.   Soms worden twee zelfstandige zinnen ten onrechte aan elkaar geplakt

Slide 36 - Tekstslide

Voorbeelden
Ik sta in de file. Waardoor ik waarschijnlijk niet op tijd kom.

Nederlandse studenten kunnen steeds gemakkelijker geld lenen bij DUO en particuliere banken, daardoor raken ze echter steeds vaker diep in de schulden, dat kan in hun latere leven tot problemen leiden.

Slide 37 - Tekstslide

Huiswerk
- Opdracht 18 maken (226)

Slide 38 - Tekstslide

Vind je deze stof gemakkelijk?
0 = nee 100 = ja, heel erg
0100

Slide 39 - Poll