Oefentoets: religie, mythe en wetenschap

Oefentoets: religie, mythe en wetenschap
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
FilosofieMiddelbare schoolmavo, havo, vwoLeerjaar 2

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Oefentoets: religie, mythe en wetenschap

Slide 1 - Tekstslide

Instructie

Slide 2 - Tekstslide

Welke religie is als eerst ontstaan?
A
Hindoeïsme
B
Boeddhisme
C
Jodendom
D
Islam

Slide 3 - Quizvraag

Pan Gu scheidde alle ..... in de wereld.
A
gebeurtenissen
B
filosofieën
C
ideeën
D
tegenstellingen

Slide 4 - Quizvraag

Hoe zou je de buddha het best beschrijven?
A
Een wetenschapper
B
De schepper
C
Een verlicht man
D
Een god

Slide 5 - Quizvraag

Wie is de stamvader van het Jodendom, Christendom en de Islam?
A
Moses
B
Jezus
C
Mohammed
D
Abraham

Slide 6 - Quizvraag

Op het plaatje zie je Egyptische goden. Welk belangrijk woord past bij het plaatje?
A
Boeddhisme
B
polytheïsme
C
monotheïsme
D
Abrahamitisch

Slide 7 - Quizvraag

Wat is de beste beschrijving van een Djinn?
A
Een onzichtbaar wezen dat goed is.
B
Een onzichtbaar wezen dat niet goed of slecht is.
C
Een onzichtbaar wezen dat slecht is.
D
Een zichtbaar wezen.

Slide 8 - Quizvraag

Er is een belangrijk verschil tussen het Hindoeïsme en de andere vier grote religies. Wat is dit verschil.
A
Het Hindoeïsme heeft geen vaste geloofsregels
B
Het Hindoeïsme is een taal, geen religie
C
Het Hindoeïsme heeft geen Goden
D
Het Hindoeïsme heeft ook 1 God maar deze heeft geen stamvader.

Slide 9 - Quizvraag

"De vakantie vliegt voorbij!"
Schoolrooster 
Timing
Meetbare tijd
Chronos
Kairos

Slide 10 - Sleepvraag

Het Boeddhisme komt vooral voor in...
A
Europa
B
Zuid-Oost Azië
C
Zuid-Amerika
D
Noordelijk Afrika

Slide 11 - Quizvraag

Noem een belangrijk verschil tussen religie en wetenschap?

Slide 12 - Open vraag

Wat is een paradigma
A
Een manier van kijken naar wereld.
B
Een denkmodel/ grondidee dat door wetenschappers als "waar" wordt gezien.

Slide 13 - Quizvraag

Welk antwoord is GEEN voorbeeld van een paradigma?
A
De aarde is rond.
B
Alles met massa heeft zwaartekracht.
C
De snelheid van een leeuw is 80 kilometer per uur.
D
De zon is het centrum van ons sterrenstelsel.

Slide 14 - Quizvraag

Einde
Succes met de toets!

Slide 15 - Tekstslide