Werken in de keuken
Hoofdstuk 2, 2.1 - 2.8
Werken in de keuken
Hoofdstuk 2, 2.1 - 2.8
Leerdoelen
Na vandaag weet je meer over;
de horecakeuken,
een keukenindeling,
apparatuur,
werkzaamheden,
professionele houding.
Horecakeuken
Grote groepen
Meerdere gerechten
Thuiskeuken
Jezelf, familie of vrienden
Een gerecht
Welke verschillen zie je?
Keuken indeling
Routing
Warme- en koude kant
Warme kant:
Warme gerechten, vooral hoofdgerechten en sidesdish (friet/aardappel)
Fornuis, oven, grill en frituur.
Koude kant:
Koude gerechten, vooral voorgerechten/salades
Koelingen, salade bar en vriezer.
Wat is er nog meer in de keuken?
De pass
Het gerecht wordt afgemaakt en de bediening kan het gerecht meenemen.
Spoelkeuken/spoelruimte
Waar alle vieze afwas heen gaat.
Koeling & vriezer
Vaak groot, om alles gekoeld te bewaren.
Magazijn
Waar alle gedroogde en ingemaakte producten worden bewaard.
Verschillende rangen in de keuken
Chef de cuisine
Keukenchef/chef-kok
Sous-chef (de cuisine)
Tweede chef van de keuken
Rôtisseur
Braadmeester
Entremétier
Kok voor garnituren zoals aardappels, groente, pasta of rijst
Garde manger
Kok voor de koude keuken
Pâtissier
Patissier; desserts/nagerechten
Professionele houding
Werktempo
Afspraak is afspraak
Aanmelden en afmelden
Persoonlijke hygiëne
Verantwoordelijkheidsgevoel
Wie maakt de desserts/nagerechten?
Garde manger
Sous-chef
Rotisseur
Pâtissier
Van welk materiaal is een horecakeuken gemaakt en waarom?
Koude kant en warme kant werken NIET samen in de keuken.
Juist
Onjuist
Aan de slag!
Boek: Keuken assistent
Maken:
Hoofdstuk 2, Werken in de keuken (2.1 - 2.8)
blz. 21-27