Ned_din21april_Havo3_H2__Test_

1 / 21
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 2

In deze les zitten 21 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Wat gaan we doen?
Terugblik 
Voorlezen
Stillezen 
Samen oefenen 
Zelfstandig aan de slag
Evalueren
Vooruitblik 
Wisseling docent/pauze

Slide 2 - Tekstslide

Hoe was de les gegaan?


Wat heb je gedaan?











Slide 3 - Tekstslide



Week 19 april - 23 april 
Lesdag 1 Herhalen stof hoofdstuktoets + boekpromotie
Lesdag 2 Herhalen stof hoofdstuktoets + Kahoot!
Lesdag 3 Toets hoofdstuk 2 

Na de meivakantie:
Schrijftoets (betoog) (12 mei)
Boekopdracht (presentatie waarschijnlijk) (3 juni)
Hoofdstuktoets Hoofdstuk 3 (24 juni)










Slide 4 - Tekstslide

Kos
Kos, een jongen van dertien, vertelt over de meest bizarre periode in zijn leven. Zijn moeder is drie jaar geleden overleden en zijn vader krijgt - net op het moment dat Kos het winnende doelpunt maakt in de kampioenswedstrijd - een hartaanval. Als vader in het ziekenhuis ligt, dreigt het in het hotel dat hij runt behoorlijk in de soep te lopen. Kos probeert de zaak draaiende te houden, samen met zijn zussen.

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Video

Voorlezen (94)

Slide 7 - Tekstslide

stillezen (15 min)
timer
5:00

Slide 8 - Tekstslide

Lesdoel 
Je bent voorbereid voor de hoofdstuktoets 2 voor de volgende onderdelen:

Spelling
Lezen
Woordenschat
Grammatica (woordsoorten en zinsdelen)

Let op: in google classroom komt vandaag de informatie voor de toets!



Slide 9 - Tekstslide

Wat is juist?
Bij een tekst met een standpunt en argumenten soort het tekstdoel:
A
amuseren
B
overtuigen
C
informeren
D
activeren

Slide 10 - Quizvraag

Wat moet op de .... ?

Een .... is een reactie op een bepaalde mening of stelling. De ene persoon vindt iets, de ander stelt daar een andere opvatting tegenover.

A
aanleiding
B
tegenwerping
C
constatering
D
afweging

Slide 11 - Quizvraag

Een onderschikkende en meervoudige argumentatie heeft altijd meerdere argumenten.

Een enkelvoudige argumentatie heeft één argument.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 12 - Quizvraag

Een feitelijke argumentatie kun je niet controleren.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 13 - Quizvraag

Havo-boek
blz 92 (alleen onderdeel lezen, vraag 1-11 en 13)
blz 93 (woordenschat, vr 14)
blz 94 (spelling, vr18)

Denk ook aan de modules spelling (deel 1, 2 en 3) 

Wat ga je doen als je klaar bent?
Laat je werk zien aan de docent (de modules test worden na goedkeuring eruit gehaald)
Stillezen
Woorden leren 'woordenschat'





timer
40:00

Slide 14 - Tekstslide

Wat ging goed?
Wat kan er de volgende keer beter?

Slide 15 - Tekstslide


Wat gaan we de volgende les doen?



Slide 16 - Tekstslide

Slide 17 - Tekstslide

Nakijken

Slide 18 - Tekstslide

Slide 19 - Link

Onderwerp zoeken
Je leest de tekst oriënterend. 

Door naar de titel te kijken, tussenkopjes, plaatjes en de eerste of laatste zin (bij een korte tekst) of de eerste of laatste alinea (bij een lange tekst) kom je achter het onderwerp van de tekst.


Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Link