Voorbereiding PTA hst 5,6 en 7

Voorbereiding PTA hst 5,6 en 7
Economie & Ondernemen
1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
Economie & OndernemenMiddelbare schoolvmbo b, k, gLeerjaar 3

In deze les zitten 28 slides, met tekstslides.

Onderdelen in deze les

Voorbereiding PTA hst 5,6 en 7
Economie & Ondernemen

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

5.1 Hoe ziet de winkel eruit
1. verkoopsystemen
  • bediening
  • zelf bediening
  •  zelfkeuze
2. Routing
  • vrije routing
  • vaste routing

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

5.1 Hoe ziet de winkel eruit
3.  Gedrag van klanten
  • kijken eerst vooruit
  • kijken vooral naar rechts
4. Derving
  •  kassa's op strategische plekken
  •  enz

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

5.2 welke sfeer is er in de winkel
1. Sfeer
  •  huisstijl
  • verlichting
  • muziek
  • kleur (warm/koud/neutraal)
  • geur
  • thema's


Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

5.3 Hoe zijn de schappen ingedeeld
1. Presentatiehoogte
  •  reik/oog/grijp en bukhoogte
2. schappenplan
3.facings

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

5.4 Wat valt erop in een winkel
  • verkoopsterke/ verkoopzwakke plekken
  •  attentiewaarde = de mate waarin een artikel opvalt
  • brandpunt = een artikel hoge attentie waarde die sfeer brengt
  • eyecatcher = is opvallend promotiemateriaal
  • vaste en tijdelijke artikel presentatie

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

5.5 Hoe maak je een opvallende presentatie
1. Compositie
2. opbouwmateriaal
3. Decoratiemateriaal
  • stopkracht
4 etalages
  • gesloten
  • open
  • half open



Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

5.5 Hoe maak je een opvallende presentatie
5 inloopwinkel
6. plannen van een presentatie
  •  wat wil je bereiken
  • wat heb ik nodig

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

6.1  Hoe presenteer je artikelen netjes 
- Nette winkel
- Schone winkel
- Volle schappen
- Spiegelen
- Display aanvullen


Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

6.2 Waarom moet je op de houdbaarheidsdatum letten
  • Artikelen over de datum
  •  Houdbaarheid
  • 1   t.h.t. datum
  • 2  t.g.t. datum
  • Aanvullen op datum
  • Fifo
  • Lifo

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

6.2 Waarom moet je op de houdbaarheidsdatum letten
  • bederf
  •  beschadiging
  • afschrijven  (niet meer kunnen verkopen)

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

6.3 Hoe vul je artikelen aan
  • (deels) Uitpakken
  • Beugelen van       kledingstukken
  • Ompakken (bloemen)
  • Afval verwerken
  • Oog voor de klant

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

6.4 Is de winkel klaar voor de klant
Klaar voor de klant? Checklist
1. Controleren aan de hand van een checklist
2. Schappen schoon
3. Prijsinformatie aanwezig
4. Alles aanwezig
5. Rommel opgeruimd

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bruto-verkoopprijs
Bruto-verkoopprijs
Netto-verkoopprijs
btw

Er zijn 2 manieren om de 3 bedragen uit te rekenen:
  1. Vanuit de netto-verkoopprijs (bruto-verkoopprijs - btw)
  2. Vanuit de bruto-verkoopprijs (= netto-verkoopprijs + btw)

Slide 15 - Tekstslide

In de bruto-verkoopprijs zit een gedeelte btw (belasting toegevoegde waarde). 
BTW =
  • 0% = goederen van Nederland naar het buitenland
  • 9% = goederen en diensten
  • 21% = dienstverlening en duurzame producten
Bruto-verkoopprijs
Netto-verkoopprijs            100%                        100%
Btw                                 +              9%+        of           21%+
Bruto-verkoopprijs             109%                        121%


Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Voorbeeld...
De netto-verkoopprijs van een T-shirt is €15,60. Je berekent het btw bedrag en de bruto-verkoopprijs.
1. Btw bedrag berekenen
  • 15,60 : 100 x 21 = €3,28 of   21 : 100 x 15,60= €3,28
2. Bruto-verkoopprijs berekenen
  • bruto-verkoopprijs = 15,60 + 3,28 = €18,88
3. Bruto verkoopprijs in één keer
  • 15,60/100 x 121 = €18,88

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

btw berekenen
2 manieren;
1. Je weet de netto verkoopprijs, dus de prijs zonder btw 
2.Je weet de consumentenprijs, dus de prijs met btw.

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe doe je dat met 9% ?




Hoe doe je dat met 21 %



Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Btw berekenen vanuit consumentenprijs

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe doe je dat met 9% ?



Hoe doe je dat met 21% ?



Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Berekenen consumentenprijs
Onthoud twee dingen:
1. De nettoverkoopprijs is altijd 100%
2. De btw-percentages zijn 9 of 21%

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Van verkoopprijs naar consumentenprijs (9%)
Van verkoopprijs naar consumentenprijs (21%)

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Van consumenten prijs naar verkoopprijs (9%)
Van consumenten prijs naar verkoopprijs (21%)

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Netto-verkoopprijs
Netto-verkoopprijs
Inkoopprijs
brutowinst opslag

Slide 26 - Tekstslide

In de bruto-verkoopprijs zit een gedeelte btw (belasting toegevoegde waarde). 
BTW =
  • 0% = goederen van Nederland naar het buitenland
  • 9% = goederen en diensten
  • 21% = dienstverlening en duurzame producten
Netto-verkoopprijs
Inkoopprijs                                100%                        
Bruto Winst opslag +              40% +               
Netto-verkoopprijs               140%                       


Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Voorbeeld...
De Inkoopprijs van een spijkerbroek €50. De Brutowinstmarge bedraagt 50% van de inkoopprijs.

1. Brutowinstmarge bereken
  • €50 : 100 x 50% = €25 of 50 : 100 x €50 = €25
2. Netto-verkoopprijs berekenen
  • € 50 + € 25 = € 75 


Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies