blok 6 week 2 les 1

Herhaling tremawoord
Twee puntjes boven een klinker (a, e, i, o en u) noem je een trema.

Wanneer gebruik je een trema?
 
1 / 18
volgende
Slide 1: Tekstslide
SpellingBasisschoolGroep 7,8

In deze les zitten 18 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Herhaling tremawoord
Twee puntjes boven een klinker (a, e, i, o en u) noem je een trema.

Wanneer gebruik je een trema?
 

Slide 1 - Tekstslide


1 Veel woorden die eindigen op ee, krijgen er in het meervoud soms ën bij.
 Zonder trema is het moeilijk uit te spreken: Twee - Tweeen.
Het trema geeft aan dat een nieuwe klankgroep begint.
 

Slide 2 - Tekstslide

2 Soms eindigen woorden op ie.
Valt de klemtoon hierop, dan komt er soms ën bij.
Valt de klemtoon niet op ie, dan komt er een n bij.


Slide 3 - Tekstslide



3 Als je in een woord twee of drie opeenvolgende klinkers niet als één klank mag lezen, dan zet je op de tweede klinker vaak een trema.

poëzie – naïef – ruïne - reünie


Slide 4 - Tekstslide

woorden
met een trema

Slide 5 - Woordweb

Luister naar het woord en schrijf op

Slide 6 - Open vraag

Luister naar het woord en schrijf op

Slide 7 - Open vraag

Luister naar het woord en schrijf op

Slide 8 - Open vraag

Luister naar het woord en schrijf op

Slide 9 - Open vraag

Luister naar het woord en schrijf op

Slide 10 - Open vraag

Luister naar het woord en schrijf op

Slide 11 - Open vraag

Luister naar het woord en schrijf op

Slide 12 - Open vraag

Dictee

Slide 13 - Open vraag

Dictee

Slide 14 - Open vraag

Dictee

Slide 15 - Open vraag

Dictee

Slide 16 - Open vraag

Dictee

Slide 17 - Open vraag

Dictee

Slide 18 - Open vraag