1hvb 5-10-2023 - over inleiding, slot en hoofdgedachte

Welkom bij Nederlands!
Todo:
  • liggen de spullen die je nodig hebt op tafel?

Op tafel heb je liggen:
  • lesboek
  • schrift
  • pen
  • laptop
1 / 17
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolhavoLeerjaar 2

In deze les zitten 17 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 40 min

Onderdelen in deze les

Welkom bij Nederlands!
Todo:
  • liggen de spullen die je nodig hebt op tafel?

Op tafel heb je liggen:
  • lesboek
  • schrift
  • pen
  • laptop

Slide 1 - Tekstslide

Wat gaan we deze les doen
  • Voorlezen
  • Bespreken oefentoets
  • Bespreken huiswerk, H3, opdrachten 4 en 5
  • Theorie H1 tm H3 herhalen


Slide 2 - Tekstslide

  • Huiswerk:
Vrijdag 6 oktober: 
Maken: extra opdracht online (6 )
Leren: H1 t/m H3, paragraaf Lezen

  • Toets:
woensdag 11 oktober: H1 t/m H3, paragraaf Lezen

Slide 3 - Tekstslide

Na deze lessen kun je
  • oriënterend lezen om het onderwerp van een tekst te bepalen.
  • globaal en zoekend lezen om informatie uit een tekst te halen.
  • het deelonderwerp van een alinea (of alinea's) bepalen.
  • precies lezen om de hoofdgedachte van een tekst te bepalen.
  • de inleiding en het slot van een tekst herkennen. 
Doel

Slide 4 - Tekstslide

Oefentoets bespreken

Slide 5 - Tekstslide

Oefenen

Slide 6 - Tekstslide

Wat is oriënterend lezen?
A
Je bekijkt de tekst en je leest de eerste alinea.
B
Je leest de hele tekst.
C
Je bestudeert de tekst.
D
Je leest de hele tekst kritisch door.

Slide 7 - Quizvraag

Hoe vind ik het onderwerp van de tekst?
A
Door oriënterend te lezen.
B
Door globaal te lezen.
C
Door zoekend te lezen.
D
Door precies te lezen.

Slide 8 - Quizvraag

Het onderwerp van een tekst
A
Vind je door te vragen: wie/wat + persoonsvorm?
B
Geeft in het kort aan waar een tekst over gaat.
C
Vind ik door een tekst helemaal van A-Z te lezen.
D
Geeft in een hele zin aan waar een tekst over gaat.

Slide 9 - Quizvraag

Ik wil weten welk feest er dit weekend is en lees daarom de buurtkrant. Welke leesstrategie pas ik toe?
A
Oriënterend lezen
B
Globaal Lezen
C
Precies lezen
D
Zoekend Lezen

Slide 10 - Quizvraag

Wat is globaal lezen?
A
oriënterend lezen en de eerste en laatste alinea van de tekst lezen
B
oriënterend lezen en de eerste en laatste zinnen van alle alinea's lezen

Slide 11 - Quizvraag

Wat is het doel van de inleiding van een tekst?
A
de aandacht van de lezer trekken en het onderwerp introduceren
B
uitleggen waarom de tekst is geschreven
C
de lezer gunstig stemmen
D
vertellen wat je verder in de tekst kunt verwachten

Slide 12 - Quizvraag

Hoe maakt een schrijver het onderwerp van de tekst bekend? (meerdere antwoorden mogelijk)

Vaak met een...
A
... voorbeeld
B
... (grappige) anekdote
C
... bijzondere situatie

Slide 13 - Quizvraag

Wat is de hoofdgedachte van de tekst?
A
Hetzelfde als het onderwerp.
B
Een vraag over de tekst.
C
Een zin die het belangrijkste vertelt over het onderwerp van de tekst.
D
Een hele lange samenvatting over de tekst.

Slide 14 - Quizvraag

Om de hoofdgedachte van de tekst te vinden, moet ik...
A
... zoekend lezen
B
... oriënterend lezen
C
... precies lezen
D
... globaal lezen

Slide 15 - Quizvraag

Je kunt
  • oriënterend lezen om het onderwerp van een tekst te bepalen.
  • globaal en zoekend lezen om informatie uit een tekst te halen.
  • het deelonderwerp van een alinea (of alinea's) bepalen.
  • precies lezen om de hoofdgedachte van een tekst te bepalen.
  • de inleiding en het slot van een tekst herkennen. 
Doel 

Slide 16 - Tekstslide

Volgende les
Vrijdag 6 oktober:
Boek lezen

Woensdag 11 oktober:
toets H1, H2 en H3 => paragraaf Lezen




Huiswerk 6 oktober
Leren:
H1, H2 en H3, Lezen: theorie.

Maken: 
Extra opdracht online 6 (en eventueel al opdracht 8)

Slide 17 - Tekstslide