Hoofdstuk 6 - Politiek in de praktijk | HAVO

'Politiek in de praktijk
Hoofdstuk 6
1 / 81
volgende
Slide 1: Tekstslide
MaatschappijwetenschappenMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4-6

In deze les zitten 81 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 15 videos.

time-iconLesduur is: 150 min

Onderdelen in deze les

'Politiek in de praktijk
Hoofdstuk 6

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 2 - Tekstslide

Inleiding op de stelling in de volgende slide. Kop is van 2 januari 2022
https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/van-gennip-en-bruins-slot-cda-brengen-het-aantal-vrouwen-in-rutte-iv-op-tien-niet-eerder-was-het-zo-gelijk-verdeeld~b7acc911/
Ben je het eens met de stelling? Geef een argument voor of tegen. 'De kandidatenlijst van iedere politieke partij moet verplicht voor de helft uit vrouwen bestaan.'
Ben je het eens met de stelling?
Geef een argument voor of tegen.
'De kandidatenlijst van iedere politieke
partij moet verplicht voor de helft uit
vrouwen bestaan.'

Slide 3 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Wat heb ik dit hoofdstuk geleerd?
Vorig hoofdstuk leerde ik...
  • wat de verschillende meetinstrumenten zijn.
  • wat variabelen en hypothesen zijn en hoe we dit kunnen weergeven in een conceptueel model.
  • wat indicatoren en categorieën zijn.
  • wat de eisen aan onderzoek zijn.
  • wat correlatie en causaliteit is. 

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat leer ik dit hoofdstuk?
  • wat het begrip representatie inhoudt.
  • welke politieke stromingen er zijn.
  • de functies van politieke partijen.
  • de twee modellen van politieke besluitvorming.
  • wat het begrip globalisering inhoudt.
Ik leer...

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

§6.1 Representatie en representativiteit

Slide 6 - Tekstslide

Pagina 95
Welke opstanden ken jij? 
Waartegen werd er geprotesteerd?
Welke opstanden ken jij?
Waartegen werd er
geprotesteerd?

Slide 7 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 8 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Politieke bindingen
Burgers hebben politieke bindingen met de overheid.
De stabiliteit van het politiek systeem te maken met de kwaliteit van politieke bindingen in een samenleving.

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Politieke binding en vertrouwen
Het vertrouwen in het politieke systeem neemt toe wanneer burgers het gevoel hebben dat de overheid problemen goed aanpakt en andersom.
Politieke partijen hebben een belangrijke rol bij het vertrouwen in de overheid, zij hebben de macht om wat aan problemen te doen.

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies




Wanneer voel jij je verbonden met Nederland?
Wanneer voel jij je verbonden met Nederland?

Slide 11 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Volkssoevereiniteit
Volkssoevereiniteit is het principe waarbij de inwoners de koers van het land bepalen.

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Op welke manier(en) kunnen inwoners in Nederland de koers van het land bepalen?
Op welke manier(en)
kunnen inwoners in
Nederland de koers
van het land bepalen?

Slide 13 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 14 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Representatie
Representatie is de vertegenwoordiging van een groep in (politieke) organisaties door één of enkele betrokkenen die namens de groep optreden.

Bijvoorbeeld: volksvertegenwoordigers in de politiek representeren burgers.

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Representativiteit
Representativiteit is de mate waarin de (politieke) besluiten, de standpunten of achtergrondkenmerken van vertegenwoordigers overeenkomen met die van de groep die vertegenwoordigd wordt.

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Representativiteit
Indicatoren van representativiteit. 
Daarvoor wordt gekeken naar overeenkomsten op:
  • achtergrondkenmerken - lijkt de politiek op de bevolking?
  • standpunten - horen mensen hun mening terug bij hun politieke partij?
  • besluiten  komen de standpunten en de besluiten van een partij met elkaar overeen?

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 18 - Tekstslide

Het icoontje bevat de hyperlink naar het artikel. 

Bron
https://www.nu.nl/tweede-kamerverkiezingen-2021/6119504/aantal-kamerleden-met-migratieachtergrond-lijkt-te-stijgen-na-verkiezingen.html



Het aantal Kamerleden met migratieachtergrond stijgt.
Van welke indicator van representativiteit is dit een voorbeeld?
Het aantal Kamerleden met migratieachtergrond stijgt. Van welke indicator van representativiteit is dit een voorbeeld?
A
Achtergrondkenmerken
B
Standpunten
C
Besluiten

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Representatie en representativiteit
Bij representatie gaat het om een situatie waarin een groep vertegenwoordigd wordt.
Bij representativiteit gaat het om de kwaliteit van de representatie.

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gebrek aan representativiteit
  • Als mensen ontevreden zijn over het politieke systeem, zullen ze voorstellen om eraan te sleutelen. 
Bijvoorbeeld: verlaging van kiesgerechtigde leeftijd naar 16 jaar.

  • Het vertrouwen (gezag) in het politieke systeem en het vertrouwen in de rechtsstaat is erg belangrijk voor de stabiliteit van het politiek systeem.

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

§6.2 Politieke partijen

Slide 22 - Tekstslide

Pagina 99
Welke Nederlandse politieke partijen ken je allemaal?
Welke Nederlandse politieke
partijen ken je allemaal?

Slide 23 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Politieke partijen
  • Politieke partijen zijn groepen mensen die dezelfde waarden en normen belangrijk vinden.
  • Op basis van een politieke ideologie maken partijen een beginselprogramma.
  • Partijen bewegen zich vaak binnen een bepaalde stroming.

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Het ontstaan van politieke stromingen
Partijen bewegen zich meestal binnen politieke stromingen. Deze kwamen vanaf halverwege de 19e eeuw in Nederland op.

Halverwege 19e eeuw: liberalisme en socialisme

Eind 19e eeuw: confessionele en christendemocratische partijen

Jaren 1960: pragmatische en populistische partijen

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 26 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Politieke stromingen
Liberalisme: liberalen leggen de verantwoordelijkheid voor het oplossen van maatschappelijke problemen het liefst bij de markt en het individu.
Socialisme: een actieve rol van de overheid om gelijk(waardig)heid en solidariteit te waarborgen.

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Politieke stromingen
Christendemocratie: combinatie van conservatieve standpunten over ethische normen met naastenliefde, het maatschappelijk middenveld is belangrijk voor het oplossen van problemen.

Pragmatisme: willen oplossingen die door experts als het beste worden gezien.
Populisme: belang van het vertegenwoordigen van het volk, een bepaalde stijl van politiek bedrijven.

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Socialisme
Liberalisme

Slide 29 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Politieke partijen
Later kwamen er nieuwe partijen en stromingen bij:

  1. Christendemocractisce of confessionele partijen
  2. Fascistische partijen
  3. Pragmatische en populistische partijen

Slide 30 - Tekstslide

In paragraaf 4.3 zijn de stromingen al uitgebreid behandeld. Omdat het herhaling is, wordt dit niet nog een keer uitgelegd.
Confessionele partijen
Populistische partijen

Slide 31 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 32 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Politieke partijen - Christendemocratie
Confessionalisme (christendemocratie):
SGP: partijprogramma gebaseerd op Bijbelse waarden en normen.
CDA: middenpartij met de nadruk op fatsoensnormen en het belang van het maatschappelijk middenveld.
ChristenUnie: centrum-linkse partij die omschreven kan worden als christelijk-sociaal.

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 34 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Politieke partijen - Socialisme
PvdA: linkse, pragmatische, sociaaldemocratische partij.
GroenLinks: progressieve linkse partij die zich sterk maakt voor klimaat en een grote publieke sector.
SP: meest linkse partij, die onder andere kritisch is over marktwerking in de zorg.
PvdD: ecologische partij voor dierenwelzijn en dierenrechten.
DENK: zet zich in voor de rechten van culturele minderheden.
50PLUS: komt op van de belangen van ouderen.

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 36 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Politieke partijen - Liberalisme
VVD: klassiek liberale waarden over vooral economische vrijheid.
D66: sociaal-liberale middenpartij die zich inzet voor individuele vrijheid en het onderwijs.
PVV: conservatief liberaal en populistische partij die tegen de islamisering van Nederland is en linkse standpunten heeft als het gaat om economie.
Forum voor Democratie: conservatief liberale en nationalistische partij en daarnaast klimaat- en eurosceptisch.

Slide 37 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Politieke partijen - Nieuwe partijen
Volt: progressieve partij die zich inzet voor Europese samenwerking, klimaat, gelijkheid in onderwijs en de woningmarkt.
JA21: rechtse conservatief-liberale partij die tegen immigratie en het geldverslindende klimaatbeleid is.
BoerBurgerBeweging: komt op voor de belangen van boeren en burgers op het platteland.
BIJ1: partij die zich inzet voor gelijke rechten en gelijke kansen en strijdt tegen institutioneel racisme.

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 39 - Video

Deze slide heeft geen instructies

5 Functies van politieke partijen
  1. Rekrutering en selectie
  2. Mobilisatie
  3. Articulatie
  4. Aggregatie
  5. Communicatie

Slide 40 - Tekstslide

Pagina nr. 104



Welke functie van een politieke partij komt tot uiting
bij het indienen van een motie in de Tweede Kamer?
Welke functie van een politieke partij komt tot uiting
bij het indienen van een motie in de Tweede Kamer?
A
Mobilisatie
B
Articulatie
C
Aggregatie
D
Communicatie

Slide 41 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 42 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Veranderingen in politieke partijen
  • De opkomst van de 'zwevende kiezer'
  • Afname van leden
  • Concurrentie media en pressiegroepen
  • Binnenhalen politieke functies

Slide 43 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

§6.3 Besluitvormingsmodellen

Slide 44 - Tekstslide

pagina 106
Twee modellen van besluitvorming
Systeemmodel
Barrièremodel
Een besluitvormingsproces is: 
... net als een machine
... een politieke strijd om macht
De nadruk van het model ligt op de:
... eisen, steun, kansen en bedreigingen door omgevingsfactoren
... macht in besluitvorming: realisatiemacht en hindermacht

Slide 45 - Tekstslide

Tabel staat in het boek op blz 107

Slide 46 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Systeemmodel
De evaluatie van de beslissing kan leiden tot een nieuwe invoer. Omgevingsfactoren kunnen de besluitvorming beïnvloeden.

4 fasen: Invoer, omzetting, uitvoer en feedback
 

Volgens Easton kun je besluitvorming begrijpen doordat er informatie in gaat (invoer), verwerkt wordt en er een beslissing uitkomt (uitvoer).

Slide 47 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Systeemmodel van Easton

Slide 48 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 1: invoer
Er gaat een pakket aan wensen, eisen en steun het besluitvormingsproces in.
Steun heeft te maken met actoren die aangeven ergens mee eens te zijn.
Dit kan actief: stemmen, lid zijn van een partij, etc.
En passief: door niet te protesteren en het systeem te accepteren.

Slide 49 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 2: omzetting
  1. Politieke agendavorming: moet een maatschappelijk probleem politiek worden aangepakt?
  2. Beleidsvoorbereiding: beleidsadviezen worden gegeven en alternatieven worden opgesteld.
  3. Beleidsbepaling: het maken van beslissingen over welk beleid uitgevoerd moet worden.

Slide 50 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 3: uitvoer
Invoer wordt in de omzetting veranderd in een politiek besluit

Ambtenaren zorgen ervoor dat dit besluit uitgevoerd wordt.

Slide 51 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 4: terugkoppeling
Om het nieuwe beleid steeds beter te maken, is het belangrijk dat er terugkoppeling (of in het Engels: feedback) gegeven wordt.
Via metingen, evaluaties, debatten en de media. 

Slide 52 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies



De petitie voor de 'sleepwet' werd in 2017 ruim 400.000 keer ondertekend.
Bij welke stap van omzetting hoort deze actie?
De petitie voor de 'sleepwet' werd in 2017 ruim 400.000 keer ondertekend. Bij welke stap van omzetting hoort deze actie?
A
Politieke agendavorming
B
Beleidsvoorbereiding
C
Beleidsbepaling
D
Geen een

Slide 53 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 54 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Barrièremodel
In verschillende fases moeten barrières genomen worden om tot nieuw beleid te komen.
Sommige actoren hebben de macht om barrières te kunnen nemen: realisatiemacht

Andere actoren zullen proberen te verhinderen dat er een nieuwe wet of maatregelkomt. Zij hebben hindermacht

Slide 55 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Barrièremodel van Bachratz en Barach (theorie)

Slide 56 - Tekstslide

Figuur op blz 110
Barrièremodel
De verschillende barrières die genomen moeten worden:
  1. (H)erkennen van het probleem: pas als een of meerdere partijen een probleem (h)erkennen is er sprake van een politiek probleem.
  2. Afwegen van wensen en verlangens: agenda-setting.
  3. Besluitvorming: het beleid wordt bepaald.
  4. Uitvoering: het uitvoeren van het beleid door ambtenaren, hiervoor is wel draagvlak nodig. Als dat er bijvoorbeeld niet is, kan gebruik gemaakt worden van hindermacht.




Slide 57 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Barrièremodel van Bachratz en Barach (praktijk)

Slide 58 - Tekstslide

Figuur op blz 111
§6.4 Invloed op besluitvorming en globalisering

Slide 59 - Tekstslide

Pagina 113

Slide 60 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Omgevingsfactoren
  • Demografisch
  • Ecologisch
  • Cultureel
  • Economisch
  • Technologisch
  • Sociaal

Slide 61 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies



Stel de overheid beslist in de toekomst om Eid al-Fitr (het Suikerfeest) te benoemen tot officiële feestdag. Door welke omgevingsfactor is dit besluit vooral beïnvloed?
Stel de overheid beslist in de toekomst om Eid al-Fitr (het Suikerfeest) te benoemen tot officiële feestdag. Door welke omgevingsfactor is dit besluit vooral beïnvloed? 
A
Demografische omgevingsfactoren
B
Culturele omgevingsfactoren
C
Economische omgevingsfactoren
D
Sociale omgevingsfactoren

Slide 62 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies




Stel door een toename in de jaarlijkse sneeuwval, waarbij veel treinverkeer uitvalt, besluit de overheid dat meer treinwissels moeten worden voorzien van een verwarmingsinstallatie. Door welke omgevingsfactor is dit besluit vooral beïnvloed?
Stel door een toename in de jaarlijkse sneeuwval, waarbij veel treinverkeer uitvalt, besluit de overheid dat meer treinwissels moeten worden voorzien van een verwarmingsinstallatie. Door welke omgevingsfactor is dit besluit vooral beïnvloed? 
A
Sociale omgevingsfactoren
B
Economische omgevingsfactoren
C
Technologische omgevingsfactoren
D
Ecologische omgevingsfactoren

Slide 63 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 64 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Pressiegroepen en politieke partijen
  • Kandidaten bij verkiezingen
  • Gericht op het inrichten van de gehele samenleving
  • Moet vaak compromissen sluiten
Politieke partij
Pressiegroep
  • Geen kandidaten bij verkiezingen
  • Gericht op een enkel specifiek terrein in de samenleving
  • Hoeft bijna nooit compromissen te sluiten

Slide 65 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 66 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Massa-media
De functies van media zijn o.a. vermaak, verbinding en informeren

De media zijn door de jaren heen veranderd:
  • Mediabestel is commercieel en concurrerend geworden
  • Er is meer sprake van mediahypes
  • Berichtgeving over de politiek is meer gepersonaliseerd, wat leidt tot actieve mediastrategieën onder politici.

Slide 67 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De laatste tijd hebben ook politici TikTok ontdekt. Wat vind jij daarvan?
De laatste tijd hebben
ook politici TikTok ontdekt.
Wat vind jij daarvan?

Slide 68 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 69 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Hypotheses
Cultivatiehypothese -het wereldbeeld van de zware (media)kijkers vertoont meer overeenkomsten met de mediawerkelijkheid en het wereldbeeld van de lichte (media)kijkers meer met de ‘echte’ werkelijkheid.

Opinieleidershypothese - invloed van media op publiek gaat via opinieleiders of idolen. 

Slide 70 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hypotheses
De media framing hypothese - de socialiserende invloed van  media krijgt vorm via framing.

Selectiviteitshypothese - de socialisatie van mensen via verschillende media wordt bepaald door de keuzes die mensen zelf maken uit het media-aanbod.

Slide 71 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 72 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Globalisering
Globalisering is het proces van uitbreiding en intensivering van contacten en afhankelijkheden over zeer grote afstand en over landsgrenzen heen.

Slide 73 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat merk jij van globalisering?
Wat merk jij van
globalisering?

Slide 74 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies


Ben je het meer eens met de hyperglobalisten of de andersglobalisten?
Ben je het meer eens met de hyperglobalisten of de andersglobalisten?
Hyperglobalisten
Andersglobalisten

Slide 75 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Slide 76 - Link

Deze slide heeft geen instructies

Slide 77 - Link

Deze slide heeft geen instructies



Wat heb je geleerd deze les?
Wat heb je geleerd deze les?

Slide 78 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies



Wat vind je nog lastig?
Wat vind je nog lastig?

Slide 79 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat leerde ik dit hoofdstuk?
Ik leerde ...
  • wat het begrip representatie inhoudt. 
  • welke politieke stromingen er zijn.
  • de functies van politieke partijen.
  • de twee modellen van politieke besluitvorming.
  • wat het begrip globalisering inhoudt.

Slide 80 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Einde van hoofdstuk 6
Politiek in de praktijk

Slide 81 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies