Les 10 ecologie

1 / 11
volgende
Slide 1: Link
Mens & NatuurMiddelbare schoolvwoLeerjaar 2

In deze les zitten 11 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 80 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Link

Leerdoelen
  • Ik kan het belang van biodiversiteit uitleggen voor mezelf en de wereld.
  • Ik kan benoemen hoe ik zelf kan bijdragen aan het vergroten van de biodiversiteit.
  • Ik benoem eigenschappen van ecosystemen en de rol van biotische en abiotische factoren zoals bodem en water.




Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Video

Leefomgeving

  • de meest geschikte omgeving met de beste omstandigheden voor een dier, noem je een biotoop.
 
  • Abiotische factoren = Niet levende natuur
  • Biotische factoren = Levende natuur 

Slide 4 - Tekstslide

Biodiversiteit
  • Ecosysteem = Een gebied met alle dieren, planten & omgevingsfactoren.
  • Biodiversiteit = De soortenrijkdom (hoeveelheid verschillende soorten).

Het Jenga-effect: Als er te veel blokjes verdwijnen, stort het hele systeem in.

Wat kunnen we doen?
  • Duurzaam leven en leefgebieden beschermen

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Video

Wat heb je nodig voor fotosynthese?
A
Koolstofdioxide en water
B
Zuurstof en glucose
C
Zuurstof, glucose en zonlicht
D
Koolstofdioxide, water en zonlicht

Slide 7 - Quizvraag

Wat betekent het plaatje hiernaast?
A
Het product is schadelijk voor het milieu
B
Het product is te recyclen
C
Het product is schadelijk voor de mens
D
Het product is duurzaam

Slide 8 - Quizvraag

Wat gebeurt er met ijsklontjes in cola?
A
A. bevriezen
B
C. smelten
C
D. condenseren
D
B. verdampen

Slide 9 - Quizvraag

Wat zijn fossiele brandstoffen?
A
Zonlicht, wind, aardgas
B
Aardgas, aardolie, steenkool
C
CO², zonlicht, aardolie
D
Steenkool, aardgas, zonlicht

Slide 10 - Quizvraag

Welke biotoop heeft de grootste biodiversiteit?
A
heide
B
savanne
C
duinen
D
hooggebergte

Slide 11 - Quizvraag