1.4A speak out Unit 1A3 Vocab en APA

ATEOTL
You can describe people who are important to you
You can write a personal profile
You know how to use "bronvermelding"


 

1 / 33
volgende
Slide 1: Tekstslide
EnglishMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 33 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 100 min

Onderdelen in deze les

ATEOTL
You can describe people who are important to you
You can write a personal profile
You know how to use "bronvermelding"


 

Slide 1 - Tekstslide

TODAY  Unit 1A3
 *Book 
 *Notebook+ Pen
 *Laptop
 *English connect
 

Next test: Writing test:
RW:DM41: 11 Nov
        LSK41: 11 Nov
        Para: 12 Nov
RO: DM41: 13 Nov
                  AGENDA 1 hour class:
  1. Activator (5 min)
  2. Vocab bank
  3. Diagram assignment review 
  4. APA 7- citation [bron vermelden]
  5. Check up and closure (5 min)

About: Describing characters
and citation

Slide 2 - Tekstslide

Bring your stuff!!
Phones in bag
No food (unless I allow it)
Arrive on time

No littering
Be respectful
Try hard
Hats, headphones, hoodies off

Slide 3 - Tekstslide

Lesson plan Block 1: 
1-1 (10/9):  Intro and lead in
1-2 (15/9)  Les 1:  Intro 2
                      Les 2: animals/plants book
1-3 (22/9): Les 1:Unit 1A 1
                      Les 2: animal/plants book
1-4 (29/9): Les 1: Unit 1A 2 + APA
                       Les 2: Unit 1A2 + worksheet
1-5 (6/10): Les 1: Unit 1B 
                      Les 2:  Writing

1-6 (13/10): Les 1: Unit 1B2 + 
                        Les 2: worksheet
Autumn Break
1-7 (27/10): Les 1:happy to chat
                       Les 2: Unit  1C:writing                                                              practice test 
1-8 (3/11):   Les 1: Unit 1C2 + formative
                       Les 2: 1D Speak & Writing
1-9 (10/11): TEST 1 Writing

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Link

pearsonenglish.com/login
Doer Rotterdam: RO-O-DM4:  BTUX29X2
Dier Rijswijk: RW-O-DM:  X442RYUM
LSK: 25 RW-O-LSK4: GJ2Y432F
Para: 25 RW-O-PV:  3CS5NN27

Slide 6 - Tekstslide

Words to describe someone (friendly, nice)

Slide 7 - Woordweb

Vocab bank page 136

Slide 8 - Tekstslide

answers

Slide 9 - Tekstslide

Add these words to your diagram (group 1)
Noisy                         Crazy
Patient                      Bossy
Polite                         Generous
Reliable                    Funny
Rude                          Helpful
Serious                     Kind
Easy-going              Tidy


Add these extra difficult words to you diagram (Group 2)
Modest                           Protective
Creative                          Supportive
Hyperactive                  Cynical     
Impulsive                       Sincere
Considerate                  Empathetic
Resourceful                   Jealous
Gregarious                     Patronising
Moody                              Mature
https://www.yourdictionary.com/articles/personality-adjectives


Slide 10 - Tekstslide

Bronvermelding (APA)
Deze les leer je:
- Wat APA bronvermelding is;
- Je begrijpt wat het nut is van bronvermeldingen in teksten;
- Je kunt in je tekst op een juiste manier (APA) verwijzen.

Slide 11 - Tekstslide

Plagiaat
Het is belangrijk dat je geen teksten of ideeën van anderen samenvat of aanpast en deze vervolgens presenteert als jouw eigen werk. Dit wordt als plagiaat gezien. Maar wanneer je onderzoek doet voor een opdracht en informatie uit boeken en websites haalt, kun je wel delen daarvan gebruiken, zolang je de richtlijnen van APA volgt.

 

 

APA is een regel die aangeeft hoe je bronnen op de juiste manier moet citeren. Door een juiste APA-bronvermelding te gebruiken, toon je welke delen van jouw werk afkomstig zijn van het werk van anderen.

Slide 12 - Tekstslide

Bronvermelding
Volgens APA-stijl. De APA-stijl is gemaakt door de American Psychological Association.









Slide 13 - Tekstslide

Bronnen
In de tekst die je gaat schrijven maak je gebruik van informatie van derden. Je 'verzint' namelijk zelf geen feiten. 
Je haalt jouw informatie uit andere documenten: gedocumenteerd schrijven.

Slide 14 - Tekstslide

Wanneer verwijzen?
Zodra je iets citeert of parafraseert geef je dit aan in de tekst.

Zowel in de tekst (verkorte weergave) 

als aan het eind de tekst (volledige weergave) geef je de gebruikte bronnen aan (bronvermelding/literatuurlijst)


Slide 15 - Tekstslide

Citeren/parafraseren
Wat is het verschil?

Slide 16 - Tekstslide

Citeren en parafraseren
-Een citaat is een letterlijk overgenomen passage uit een publicatie. 
-Een parafrase is een weergave in eigen woorden van een passage uit een publicatie.

Slide 17 - Tekstslide

Citeren / parafraseren
Citeren. Wie? De auteur stelt: "Wie met een reclamebalpen belangrijke aantekeningen maakt of goedkope wegwerpaanstekers gebruikt, heeft geen individuele smaak." (Peppmeier, 2006)

Parafraseren. Wie? Peppmeier (2006) beweert dat het zonder x-factor veel moeilijker is om dingen te bereiken in het leven.

Slide 18 - Tekstslide

Verwijzen - in de tekst
In de tekst zelf noem je alleen de auteur en het jaartal. De volledige gegevens volgen dus pas na het document.

Citaat: (Auteur, jaartal, p.xx)
Parafrase: (Auteur, jaartal)

Slide 19 - Tekstslide

Citeer uit het boek Gezelschapsdieren van Animalis (2022) op pagina 92 de zin: 'De Flatcoated retriever is een vrolijke, levendige en actieve hond'. op de volgende manier:
"zin" (auteur, jaartal, p.xx)

Slide 20 - Open vraag

Meerdere auteurs?
In de tekst:
2: (Achternaam 1 & Achtern. 2, jaartal)
3-5: (Achternaam 1, Achternaam 2 & Achternaam 3, jaartal)
>5 of 2e keer: (Achternaam 1 et al., jaartal)

In bronvermelding: Alle namen!
APA schrijfwijzer

Slide 21 - Tekstslide

Verwijzing:In de bronvermelding
BOEK:
Achternaam auteur, voorletter(s). (jaar). Titel boek (Xe ed.). Uitgever

WEBSITE:
Achternaam auteur, voorletter(s) (Publicatiejaar of update). Titel van het document of de website. Geraadpleegd op [dag maand jaar], van [URL website].

Slide 22 - Tekstslide

Producttoets: WORD
>Laatste pagina van je document!

Bronvermelding or literatuurlijst:

Alfabetisch opsomming van bronnen


Slide 23 - Tekstslide

Producttoets: FLYER
>Onderin in een hoek (klein lettertype)

Bronvermelding or literatuurlijst:


Alfabetisch opsomming van bronnen

Slide 24 - Tekstslide

APA-quiz

Slide 25 - Tekstslide

Ronde 1 
wel of geen plagiaat?

Slide 26 - Tekstslide


In mijn verslag neem ik letterlijk de tekst over van iemand anders. Ik vermeld alleen de bron in de bronnenlijst.  
A
Plagiaat
B
Geen plagiaat

Slide 27 - Quizvraag

Dit is een correcte verwijzing in de tekst:
A
(Terlouw & Visser, 2017)
B
(Terlouw, J. en Visser, K.)
C
(Terlouw en Visser, p.2)
D
Terlouw en Visser

Slide 28 - Quizvraag


Wanneer gebruik je et al.?

Slide 29 - Open vraag

Is het publicatiejaar van een bron onbekend dan gebruik je de afkorting:
A
z.d.
B
g.j.
C
z.j.
D
a.j.

Slide 30 - Quizvraag

Assignment 2: APA7
What?  In Its Learning, lees in Algemene informatie de pagina APA bronvermelding en maak de opdracht APA bronvermelding.
How? Alone, on your laptop in Pearson Online , with music on
Time? 20 minutes or finish at home                  Help? Ask me
Ready? Make Online Practice Unit 1A
Why? To be able to make your 'producttoets'



timer
20:00

Slide 31 - Tekstslide

Next lesson: Unit 1A4 Writing
HOMEWORK: Online Practice 1A

Slide 32 - Tekstslide

What did you think of the lesson?
😒🙁😐🙂😃

Slide 33 - Poll