Wiederholun Redemittel, Imperatief, adjektive, Präpositionen

Wiederholun Redemittel, Imperatief, adjektive, Präpositionen
1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsSecondary EducationAge 13

In deze les zitten 25 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Wiederholun Redemittel, Imperatief, adjektive, Präpositionen

Slide 1 - Tekstslide

Redemittel

Slide 2 - Tekstslide

Entschuldigung, können Sie mir helfen?

Slide 3 - Open vraag

Können Sie mir sagen, wie ich zum Bahnhof komme?

Slide 4 - Open vraag

Haben Sie eine Karte für mich?

Slide 5 - Open vraag

Die habe ich zufällig bei mir.

Slide 6 - Open vraag

Präpositionen

Slide 7 - Tekstslide

zum Bahnhof

Slide 8 - Open vraag

an der Ampel

Slide 9 - Open vraag

am Park entlang

Slide 10 - Open vraag

durch den Tunnel

Slide 11 - Open vraag

über die Brücke

Slide 12 - Open vraag

in der Nähe der Kirche

Slide 13 - Open vraag

Adjektive
de leerling       een nieuwe leerling            de leerling is nieuw

het boek                 een nieuw boek                   het boek is nieuw

Adjektive bekommen bei einem Wort mit Artikel de ein -e. Het-Wörter bekommen kein -e

Slide 14 - Tekstslide

De trui is ____ (leuk)

Slide 15 - Open vraag

Het boek is _______ (nieuw)

Slide 16 - Open vraag

Hier is jouw ____ boek. (nieuw)

Slide 17 - Open vraag

De (rood) ________bloemen zijn prachtig.

Slide 18 - Open vraag

De (druk) _______ stad is vol toeristen.

Slide 19 - Open vraag

Ik drink thee uit een (klein) _____ kopje

Slide 20 - Open vraag

Jullie lezen die (dik) _________ boeken.

Slide 21 - Open vraag

Onze (lief) _______ hond is heel speels

Slide 22 - Open vraag

Die (snel) _______ auto is heel duur

Slide 23 - Open vraag

Ik heb dat (nieuw) _______ boek gekocht. (het boek)

Slide 24 - Open vraag

werken aan werkbladen

Slide 25 - Tekstslide