VD: korte werkvorm gesteentevorming

VD: korte werkvorm gesteentevorming


1 / 11
volgende
Slide 1: Slide
newEditorAardrijkskundeWOStudiejaar 1

In deze les zitten 11 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 10 min

Onderdelen in deze les

VD: korte werkvorm gesteentevorming


Hoofdstuk

§ paragraaf

Voorkennis

  • Je kunt platentektoniek uitleggen m.b.v. de continenten Afrika en Zuid-Amerika;

  • Je kunt het ontstaan van het Himalaya-gebergte uitleggen d.m.v. het tekenen op een kaart.

  • Je kunt vertellen wat het begrip aardlaag betekent.


Nieuwe kennis

  • Sediment

  • Erosie

  • Sedimentatie

  • Sedimentgesteente

Hoofdstuk

§ paragraaf

Nieuwe begrippen

  • Erosie: het afbrokkelen van gesteente als gevolg van wind, water of ijs

  • Sediment: afgebrokkeld gesteente op volgorde van grootte: grind, zand, klei

  • Sedimentatie: het afzetten van sediment

  • Sedimentgesteente: een aardlaag opgebouwd uit één of meerdere lagen sediment die onder druk + tijd één gesteente vormen


Leerdoelen

  • Je ontdekt de invloed van de kracht van winderosie op verschillende korrelgroottes

  • Je ontdekt de invloed van korrelgrootte op de mate van in- en uitspoeling.

Ik heb een glas melk en ik heb een koekje. Wat gebeurt er met het koekje als ik deze in het glas melk laat vallen?

Hoofdstuk

§ paragraaf

Nieuwe begrippen

  • Erosie: het afbrokkelen van gesteente als gevolg van wind, water of ijs


Voor gesteentevorming werkt het precies andersom: wanneer je de melk (water, wind of ijs) langs het koekje (gesteente) laat stromen, dan brokkelt het koekje af.


  • Sediment: afgebrokkeld gesteente op volgorde van grootte: grind, zand, klei



Wat verwacht je dat er gaat gebeuren?

Hoofdstuk

§ paragraaf

Sedimentatie

  • Erosie: het afbrokkelen van gesteente als gevolg van wind, water of ijs

  • Sediment: afgebrokkeld gesteente op volgorde van grootte: grind, zand, klei

  • Sedimentatie: het afzetten van sediment


Je krijgt per tweetal: 3 koekjes, één practicumblad


Opdracht:

  • Laat koek 1 heel, breek koek 2 in stukken van 1cm en verkruimel koek 3

  • Blaas tegelijkertijd alle stukken koek tegen het witte blad aan. Probeer te variëren in hoe hard je blaast; blaas soms zachtjes, soms hard, soms met je mond, soms met je neus.

Wat viel je op toen je tegen de (stukken) koek blies?

Hoofdstuk

§ paragraaf

Sedimentatie

  • Erosie: het afbrokkelen van gesteente als gevolg van wind, water of ijs

  • Sediment: afgebrokkeld gesteente op volgorde van grootte: grind, zand, klei

  • Sedimentatie: het afzetten van sediment


Hoe kleiner de korrel, hoe minder kracht er nodig is om de korrel te verplaatsen.

  • Korrelgrootte: van groot naar klein: grind - zand - klei

  • Kracht: van groot naar klein: ijs - water - wind


Let op: ijs kan ook klei vervoeren, maar wind geen grind!

Hoofdstuk

§ paragraaf

Sedimentatie

  • Erosie: het afbrokkelen van gesteente als gevolg van wind, water of ijs

  • Sediment: afgebrokkeld gesteente op volgorde van grootte: grind, zand, klei

  • Sedimentatie: het afzetten van sediment

  • Sedimentgesteente: een aardlaag opgebouwd uit één of meerdere lagen sediment die onder druk + tijd één gesteente vormen


Opdracht:

  • Verzamel op je witte blad alle stukken van koek 1, 2 en 3.

  • Verdruk alle stukken koek samen totdat je één geheel krijgt.

  • Breng deze naar je docent

Welk gesteente is sedimentgesteente?

A

B

C

D

A

Gesteente A

B

Gesteente B

C

Gesteente C

D

Gesteente D