een natuurwetenschappelijke theorie over de evolutie van het leven op Aarde. Het beschrijft hoe een soort kan evolueren: erfelijke genen van een dier worden overgedragen op de jongen van dat dier; als een dier een bepaalde eigenschap heeft waardoor dat beter kan overleven dan een andere soort, heeft dat dier meer kans om jongen te baren en dus ook die goede eigenschap door te geven aan die jongen. Samengevat gaat de theorie over de geleidelijke groei van levende organismen.