polaris GT nask hfst 4 elektriciteit

polaris GT2  nask hfst 4 elektriciteit
1 / 47
volgende
Slide 1: Tekstslide
NASKNatuurkundeMiddelbare schoolvmbo g, t, mavo, havoLeerjaar 2

In deze les zitten 47 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

polaris GT2  nask hfst 4 elektriciteit

Slide 1 - Tekstslide

formatief:
maak een eigen notitie in je schrift als je de vraag fout hebt.
leerdoel/begrip   bladzij nummer
bijvoorbeeld
spanningsbron bladzij 92
Serie schakeling bladzij 104

Slide 2 - Tekstslide

De spanning op een stopcontact is .......
A
U= 12 V
B
U= 230 V
C
U= 9 V
D
U = 1,5 V

Slide 3 - Quizvraag

fout:
noteer:
spanningsbron bladzij 92

Slide 4 - Tekstslide

Een spanningsbron levert energie
A
waar
B
niet waar

Slide 5 - Quizvraag

Wat is geen spanningsbron?
A
accu
B
batterij
C
schakelaar
D
dynamo

Slide 6 - Quizvraag

omrekenen mV V kV
500 mV is:
A
500.000 V
B
0,5 V
C
5 V
D
50 V

Slide 7 - Quizvraag

fout? noteer
spanning omrekenen bladzij 92

Slide 8 - Tekstslide

Een spanningsbron levert energie
A
waar
B
niet waar

Slide 9 - Quizvraag

omrekenen mA, A, kA
750 A is:
A
750.000 A
B
75 kA
C
0,75 kA
D
7500 mA

Slide 10 - Quizvraag

fout? noteer
stroomsterkte  omrekenen bladzij 100

Slide 11 - Tekstslide

De eenheid van stroomsterkte is:
A
Volt
B
Watt
C
Ampère
D
Ohm

Slide 12 - Quizvraag

De stroomkring is:
A
open
B
gesloten

Slide 13 - Quizvraag

Sommige stoffen geleiden elektriciteit goed. Dit noem je geleiders.
Welke stoffen zijn geleiders?

A
goud
B
hout
C
lucht
D
koper

Slide 14 - Quizvraag

Elk onderdeel van een stroomkring heeft een eigen functie. Een batterij is opgenomen in een gesloten stroomkring.

Welke uitspraak is juist?
De batterij:

A
levert stroom in de stroomkring
B
meet de stroom in de stroomkring.
C
vervoert de lading in de stroomkring.
D
meet de lading in de stroomkring.

Slide 15 - Quizvraag

fout:
noteer:
stroomkring bladzij 98 en 100

Slide 16 - Tekstslide

Hoeveel spanning wordt gemeten met deze voltmeter?
timer
0:20
A
1,6 V
B
16 V
C
6 V
D
6 A

Slide 17 - Quizvraag

Wat is geen geleider
A
aluminium
B
ijzer
C
kunstof
D
koper

Slide 18 - Quizvraag

Hoe voorkomt een meterkast dat er brand uitbreekt?
A
De apparaten in huis worden verdeeld in kleine groepen
B
Een zekering stopt de elektriciteit als deze overbelast raakt
C
Er gaat een alarm af als je te veel stroom gebruikt
D
Alle antwoorden zijn goed

Slide 19 - Quizvraag

fout? Noteer
veiligheid, bladzij 110 en 112

Slide 20 - Tekstslide

Wat is hier de stroomsterkte?
A
230 V
B
11A
C
2400 W
D
50-60HZ

Slide 21 - Quizvraag


Waar kun je een schakelaar plaatsen die ervoor zorgt dat alleen lampje B en C aan en uit gaat?
Gemengde schakeling
A
Tussen B en C
B
Tussen A en B
C
Tussen batterij en B
D
Tussen batterij en D

Slide 22 - Quizvraag

fout? Noteer
serie en parallel bladzij 104

Slide 23 - Tekstslide

Het energieverbruik thuis meet je in.
A
kW
B
kWh
C
W
D
Wh

Slide 24 - Quizvraag

In de meeste huizen vind je in de meterkast een aardlekschakelaar. Wanneer treedt een aardlekschakelaar in werking?
A
losraken van aarddraad in apparaat
B
verschil tussen stroom van fasedraad en nuldraad
C
overbelasting

Slide 25 - Quizvraag

8.d Hiernaast zie je een schakeling.
is dit een serie of parallel schakeling?
A
serieschakeling
B
parallelschakeling

Slide 26 - Quizvraag

een spanningsbron heeft twee polen
A
een noord en zuid pool
B
een plus en minpool
C
twee pluspolen
D
twee minpolen

Slide 27 - Quizvraag

Wat heb je nodig voor een stroomkring?
A
stroomdraden en een lampje
B
batterij, stroomdraden en een lampje
C
schakelaar, lampje en stroomdraden
D
batterij, schakelaar en een lampje

Slide 28 - Quizvraag

Welke meter zit er NIET in de meterkast
A
watermeter
B
kWh meter
C
gasmeter
D
afstandsmeter

Slide 29 - Quizvraag

Welk onderdeel in de meterkast meet
of er stroom 'weg lekt'?
(Klik op de afbeelding voor een vergroting)
A
Elektriciteitsmeter
B
kWH-meter
C
Hoofdschakelaar
D
Aardlekschakelaar

Slide 30 - Quizvraag

6 batterijen van 1,5 V worden op de juiste manier in serie geschakeld. dit levert een spanning op van:
A
0 V
B
1,5 V
C
4,5 V
D
9 V

Slide 31 - Quizvraag

Twee lampen zijn parallel geschakeld.
Welke uitspraken zijn waar?
Waar
Niet waar
De lampen gebruiken dezelfde spanningsbron
De lampen gebruiken dezelfde spanningsbron
De lampen zitten in 1 stroomkring
De lampen zitten in verschillende stroomkringen

Slide 32 - Sleepvraag

Waar moeten de Volt en Ampèremeter staan?
V
A

Slide 33 - Sleepvraag

Groepschakelaar
Hoofdleiding
KWh- meter
Aardlekschakelaar
Hoofdschakelaar

Slide 34 - Sleepvraag

Spanningsmeter
Stroommeter
Volt
Ampere
V
A

Slide 35 - Sleepvraag

Spanning
Stroom
I
U
Ampère [A]
Volt [V]

Slide 36 - Sleepvraag

onderdeel
functie
Voorkomt overbelasting.
Schakelt de stroom uit als er een 'lek' is in je huis
Hierlangs kan en 'lekstroom' lopen
Aardlekschakelaar
Groepen
Aardelektrode

Slide 37 - Sleepvraag

Zet het juiste symbool erbij!
LED

Slide 38 - Sleepvraag

Sleep het juiste woord naar de juiste schakeling.
Parallel-
schakeling
Serie-
schakeling
Serie-
schakeling

Slide 39 - Sleepvraag

Welke schakeling hoort bij welk schakelschema?
Serie
Parallel

Slide 40 - Sleepvraag

Sleep de onderdelen naar de juiste plaats in de meterkast.
Zekering
Aardlekschakelaar
kWh-meter

Slide 41 - Sleepvraag


Goed

Fout
Met een schakelaar kan je een stroomkring sluiten.
In een serie- schakeling heeft elke vertakking een aparte stroomkring
Plastic is een isolator
Met een dynamo kan je stroom opwekken, met een generator ook.
Stroom meet je met een voltmeter.
75 mA = 0,075 A
Kortsluiting ontstaat als teveel elektrische apparaten tegelijk aan staan.

Slide 42 - Sleepvraag

Zet de stoffen die geleiden onder "geleider" en de stoffen die niet geleiden onder "isolator"
Geleider:
Isolator:
plastic
glas
ijzer
koolstof
rubber
koper

Slide 43 - Sleepvraag

Serieschakeling
Parallelschakeling
Alles in 1 stroomkring
Meerdere stroomkringen
Overal dezelfde spanning
Spanning wordt verdeeld
1 lampje kapot = alles uit
1 lampje kapot = de rest blijft aan

Slide 44 - Sleepvraag

10
hoe heet het meetinstrument dat je hier ziet?
Wat meet je met dit instrument?
In welke eenheid meet dit instrument?
Welke stand geeft de meter aan?
Meterkast
Elektriciteitsmeter
Meter
Energiegebruik
Voltage
Spanning
kWh
kWm
Watt/uur
134 346 kWh
134,3 kWh
1, 34 kWh

Slide 45 - Sleepvraag

Zet de spanningsbronnen bij de juiste spanning
Laagste Spanning
Hoogste Spanning
1,5 Volt
9 Volt
12 Volt
230 Volt

Slide 46 - Sleepvraag

Er blijven twee antwoorden over
Spanningsbron
Lamp
Schakelaar
Geleider

Slide 47 - Sleepvraag