Grammatica ng/wg hww/zww/kww 2e 19-6-2018

Planning en lesdoelen
  • Uitleg en oefenen hww/kww/zww en ng/wg
  • Afmaken Leswijs 6.3 grammatica + oefentoets 6.3
  • Klaar?  https://www.taalvoutjes.nl/quiz 
                 http://www.nederlandsetaaltest.nl/test-je-nederlands

Je kunt werkwoorden in een zin benoemen
Je kunt het ng en het wg benoemen in een zin
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvwoLeerjaar 2

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Planning en lesdoelen
  • Uitleg en oefenen hww/kww/zww en ng/wg
  • Afmaken Leswijs 6.3 grammatica + oefentoets 6.3
  • Klaar?  https://www.taalvoutjes.nl/quiz 
                 http://www.nederlandsetaaltest.nl/test-je-nederlands

Je kunt werkwoorden in een zin benoemen
Je kunt het ng en het wg benoemen in een zin

Slide 1 - Tekstslide

Als er één werkwoord in een zin staat, is dit altijd kww of zww.
A
waar
B
niet waar

Slide 2 - Quizvraag

Een hww komt altijd in combinatie met een zww/kww voor
A
waar
B
niet waar

Slide 3 - Quizvraag

Typ minimaal 3 koppelwerkwoorden (kww)

Slide 4 - Open vraag

Zww:
  • Kan enige ww in de zin zijn
  • Is iets wat je kan doen
  • Niet te vervangen door zijn

Hww:
  • Werkwoorden die overblijven als je zww/kww gevonden hebt
Kww:
  • Kan enige ww in de zin zijn
  • Drukt een toestand uit -zijn
  • Is te vervangen door andere kww's - worden, lijken, blijken, blijven

Slide 5 - Tekstslide

Jan heeft drie jonge eendjes GEZIEN.
Gezien is een
A
kww
B
hww
C
zww

Slide 6 - Quizvraag

Jan HEEFT drie jonge eendjes gezien.
Heeft is een
A
kww
B
hww
C
zww

Slide 7 - Quizvraag

Zij is nog nooit zo moe GEWEEST.
GEWEEST is een
A
kww
B
hww
C
zww

Slide 8 - Quizvraag

Zij IS nog nooit zo moe geweest
IS is een
A
kww
B
hww
C
zww

Slide 9 - Quizvraag

Naamwoordelijk gezegde
  • Zinnen met een kww hebben een naamwoordelijk gezegde (ng)
  • kww: zijn, worden, blijken, blijven, lijken....   - een toestand: zijn
  • Het ng bestaat uit alle ww-en + een naamwoordelijk deel
  • Het naamwoordelijk deel vind je door de vraag: wie/wat + ww-en+ o

Jan is een aardige jongen
 -  Wat is Jan?  - een aardige jongen
 -  ng: is een aardige jongen

Slide 10 - Tekstslide

Naamwoordelijk gezegde
  • Bij een ng heb je NOOIT een lv of een mv!!! 

  • Bwb's heb je wel.
  • Gisteren was hij wel aardig.

Slide 11 - Tekstslide

Streekvervoer staakt vanaf maandag voor onbepaalde tijd
A
ng
B
wg

Slide 12 - Quizvraag

De bestuurder van het witte busje is een 34-jarige man uit Heerlen.
A
ng
B
wg

Slide 13 - Quizvraag

Het busje is door de politie teruggevonden in Heerlen
A
ng
B
wg

Slide 14 - Quizvraag

Planning en lesdoelen
  • Uitleg en oefenen hww/kww/zww en ng/wg
  • Afmaken Leswijs 6.3 grammatica + oefentoets 6.3
  • Klaar?  https://www.taalvoutjes.nl/quiz 
                 http://www.nederlandsetaaltest.nl/test-je-nederlands

Je kunt werkwoorden in een zin benoemen
Je kunt het ng en het wg benoemen in een zin

Slide 15 - Tekstslide