Paragraaf 3 Sparen met profijt

Programma
Uitleg paragraaf 2.3 Sparen met profijt
1 / 24
volgende
Slide 1: Tekstslide
EconomieMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 3

In deze les zitten 24 slides, met tekstslides en 4 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Programma
Uitleg paragraaf 2.3 Sparen met profijt

Slide 1 - Tekstslide

Leerdoelen
Ik kan aangeven dat er verschillende doelen zijn om te sparen
Ik kan aangeven dat er verschillende spaarvormen zijn
Ik kan uitleggen wat inflatie is
Ik kan uitleggen wat koopkracht is
Ik kan aangeven wat er met de koopkracht gebeurt als je spaart

Slide 2 - Tekstslide

0

Slide 3 - Video

Spaardoelen
Voor welke doelen kun je sparen? Het zijn er 3...

Slide 4 - Tekstslide

2.3 Sparen met profijt

Sparen = een deel van je inkomen niet uitgeven

Spaardoelen/spaarmotieven = 

1) Doel- grote uitgave
2) Voorzorg- tegenvallers opvangen
3) Rente

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Video

Enkelvoudige interest
Kees-Jan stort 1.200 euro op een rekening. Het rentepercentage is 2%. Hoeveel rente ontvangt hij in 1 jaar  ? Hoeveel rente ontvangt hij in 2 jaar?

Slide 7 - Tekstslide

Enkelvoudige interest
Bij enkelvoudige interest wordt alleen interest berekend over het beginkapitaal.




Slide 8 - Tekstslide

Formule Enkelvoudige interest
(kapitaal x percentage) : 100 = totaal ... euro rente

Slide 9 - Tekstslide

Antwoord
Kees-Jan stort 1.200 euro op een rekening. Het rentepercentage is 2%. 

jaar 1              € 1.200 : 100  x 1 = € 12
jaar 2             € 1.200 : 100 x 2 = € 24

Oftewel: (1200 x 2) : 100 = 12 euro rente per  jaar

Slide 10 - Tekstslide

Rentebedrag stijgt
  • hoger rente percentage
  • hoger spaarbedrag
  • langere looptijd

Slide 11 - Tekstslide

Formule Samengestelde interest
Rekenen met groeifactor
Kapitaal x 1.0p^L =  totaal ... euro rente
p = is percentage en L = looptijd

Bijvoorbeeld: Bedrag is 1000€, rente is 6 en de looptijd is 6 jaar!
Rekenmachine: 1000€ x 1.06^6 = 1418,52€

Slide 12 - Tekstslide

Samengestelde interest
Sofie stort 2.000 euro op een spaarrekening. Het rentepercentage is 3%. Hoeveel staat er na  twee jaar op deze rekening?

Slide 13 - Tekstslide

samengestelde interest
Spaarbedrag € 2,-- rentepercentage 10%. Hoeveel geld heb ik dan over 2 jaar?

jaar 1: € 2,- x 1,10 = € 2,20
jaar 2: € 2,20 x 1,10 = € 2,42


Slide 14 - Tekstslide

Spaarvormen verschillen van elkaar:

- door de hoogte van het rentepercentage
- door de hoogte van het minimale spaarbedrag
- door de periode (looptijd) waarin het spaargeld niet opvraagbaar is. 

Slide 15 - Tekstslide

Opgave
Sofie stort 2.000 euro op een spaarrekening. Het rentepercentage is 3%. Hoeveel staat er na twee jaar op deze rekening?

jaar 1 € 2.000 : 100 x 3 = € 60
jaar 2 € 2.060 :100 x 3 = € 61,80
na twee jaar staat er op de rekening € 2.060 + € 61,80 = 2.120,80

of rekenen met groeifactor: 2000 x 1.03^2= € 2120,80

Slide 16 - Tekstslide

Spaarvormen
  • Verschillende soorten spaarvormen. 
  • Opvraagbaarheid van het spaartegoed, denk hierbij aan de looptijd. 
  • Hoe langer de looptijd, hoe hoger het rentepercentage.

Slide 17 - Tekstslide

Depositosparen
= Manier van sparen waarbij spaargeld gedurende de looptijd niet (zonder boete) opgevraagd kan worden.


Spaardeposito gebruik je als je langere tijd het geld niet nodig hebt. (1 of meerdere jaren)

Slide 18 - Tekstslide

Wat is koopkracht?

Slide 19 - Tekstslide

Koopkracht en inflatie
  • koopkracht : de hoeveelheid goederen en diensten die je kan kopen.  
  • Koopkracht van een spaarder stijgt door rente en daling inflatie.

  • inflatie: de gemiddelde stijging van de prijzen

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Video

Leerdoelen
Ik kan aangeven dat er verschillende doelen zijn om te sparen
Ik kan aangeven dat er verschillende spaarvormen zijn
Ik kan uitleggen wat inflatie is
Ik kan uitleggen wat koopkracht is
Ik kan aangeven wat er met de koopkracht gebeurt als je spaart

Slide 22 - Tekstslide

Huiswerk
Paragraaf 2.3

Slide 23 - Tekstslide

Slide 24 - Video