Week 25 16-03 2mh 9.1 en 9.2 omtrek + oppervlakte cirkel

Planning
  • Start H9 : cirkels en cilinder (afsluiting met 2t H9 + H10)
  • Metriek stelsel
  • Opdrachten
  • Paragraaf 9.1 : omtrek cirkel
  • Opdrachten
  • Paragraaf 9.2 : oppervlakte cirkel
  • Opdrachten
  • Huiswerk
1 / 32
volgende
Slide 1: Tekstslide
WiskundeMiddelbare schoolvmbo lwoo, mavo, havoLeerjaar 2

In deze les zitten 32 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Planning
  • Start H9 : cirkels en cilinder (afsluiting met 2t H9 + H10)
  • Metriek stelsel
  • Opdrachten
  • Paragraaf 9.1 : omtrek cirkel
  • Opdrachten
  • Paragraaf 9.2 : oppervlakte cirkel
  • Opdrachten
  • Huiswerk

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Metriek stelsel lengtematen
      




                                         

Slide 3 - Tekstslide

Metriek stelsel oppervlakte
      




                                         

Slide 4 - Tekstslide

Metriek stelsel inhoud
      




                                         
10 mm
10 mm
10 mm
1000 
mm3

Slide 5 - Tekstslide

Maken
  • Opdracht V3, V4, V7 (page 86-87)
  • Zelf nakijken

  • Klaar? V9 en V10 (page 87)

Hierna: paragraaf 9.1 : omtrek cirkel


Slide 6 - Tekstslide

Slide 7 - Tekstslide

Ezelsbruggetje
Diameter = lang woord (lange lijn)
Straal = kort woord (korte lijn)

Slide 8 - Tekstslide

De straal van de cirkel is vanuit het midden van de cirkel naar de rand.
A
Waar
B
Niet waar

Slide 9 - Quizvraag

De diameter van de cirkel is van de ene kant van de cirkel naar de andere kant van de cirkel door het midden.
A
Waar
B
Niet waar

Slide 10 - Quizvraag

De rode lijn is ….
A
de oppervlakte van de cirkel
B
de omtrek van de cirkel
C
de diameter van de cirkel
D
de straal van de cirkel

Slide 11 - Quizvraag

De rode lijn is ….
A
de oppervlakte van de cirkel
B
de omtrek van de cirkel
C
de diameter van de cirkel
D
de straal van de cirkel

Slide 12 - Quizvraag

Van een cirkel is de diameter 60 mm.
De straal is dan ...
A
120 mm
B
30 mm
C
120 mm 2
D
30 mm2

Slide 13 - Quizvraag

Van een cirkel is de straal 100 cm.
De diameter is dan ...
A
200 cm
B
50 cm
C
200 cm 2
D
50 cm 2

Slide 14 - Quizvraag

Omtrek van een cirkel

      


Antwoord rond je af op één decimaal tenzij anders wordt gevraagd




                                         
De roze cirkel heeft een diameter van 4 m.
Bereken de omtrek.

Slide 15 - Tekstslide

Het getal pi is ongeveer ...
A
4,13
B
4,31
C
3,14
D
3,41

Slide 16 - Quizvraag

De diameter van een cirkel is 5 m.
Bereken de omtrek van de cirkel.
Rond af op 2 decimalen.
A
3,14 m
B
7,09 m
C
10,34 m
D
15,71 m

Slide 17 - Quizvraag

De diameter van een 2 euromunt is 25,75 mm.
Bereken de omtrek van een 2 euromunt.
Rond af op 1 decimaal.
A
80,9 mm
B
90,8 mm
C
95,8 mm
D
98,0 mm

Slide 18 - Quizvraag

De straal van een cirkel is 40 cm.
Bereken de omtrek van de cirkel.
Rond af op 1 decimaal.
A
3,14 cm
B
125,7 cm
C
251,3 cm
D
512,6 cm

Slide 19 - Quizvraag

Welke berekening voor de omtrek van de cirkel is juist?
A
omtrek = π x 3
B
omtrek = π x 3 x 3
C
omtrek = π x 6
D
omtrek = π x 6 x 6

Slide 20 - Quizvraag

Welke berekening voor de omtrek van de cirkel is juist?
A
omtrek = π x 10
B
omtrek = π x 5
C
omtrek = π x 5 x 5
D
omtrek = π x 10 x 10

Slide 21 - Quizvraag

Klassikaal

  
      




                                         

Slide 22 - Tekstslide

Maken
  • Opdracht 7, 8 (page 90)
  • Zelf nakijken

  • Klaar? U1 en U2 (page 91)

Hierna: paragraaf 9.2 : oppervlakte cirkel


Slide 23 - Tekstslide

Oppervlakte van een cirkel




kan ook geschreven worden als

Slide 24 - Tekstslide

Oppervlakte van een cirkel






De blauwe cirkel heeft een diameter van 4 m.
Bereken de oppervlakte.

Slide 25 - Tekstslide

Mijn cirkel heeft een straal van 8 cm, de oppervlakte is .....
(afronden op 1 decimaal)
A
201,1dm2
B
25,1cm2
C
50,3cm2
D
201,1cm2

Slide 26 - Quizvraag

Mijn cirkel heeft een straal van 6 cm, de oppervlakte is .....
A
het juiste antwoord staat er niet tussen
B
13,04 cm²
C
103,09 cm²
D
113,10 cm²

Slide 27 - Quizvraag

Mijn cirkel heeft een diameter van 10 meter. Wat is de oppervlakte?
A
het juiste antwoord staat er niet tussen
B
78,5 m²
C
78,5 cm²
D
7,85 m²

Slide 28 - Quizvraag

Welke berekening voor de oppervlakte van de cirkel is juist?
A
oppervlakte = π x 3
B
oppervlakte = π x 3 x 3
C
oppervlakte = π x 6
D
oppervlakte = π x 6 x 6

Slide 29 - Quizvraag

Welke berekening voor de oppervlakte van de cirkel is juist?
A
oppervlakte= π x 10 x 10
B
oppervlakte = π x 5
C
oppervlakte = π x 5 x 5
D
oppervlakte = π x 10

Slide 30 - Quizvraag

Klassikaal





Slide 31 - Tekstslide


Maken:
  • Opdracht 14, 15, 16 (page 93-94)
  • Zelf nakijken

  • Klaar? U3 (page 95)



Slide 32 - Tekstslide