Module C2: Ouderenmishandeling - discriminatie in de zorg
Ouderenmishandeling
1 / 50
volgende
Slide 1: Tekstslide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 2,3
In deze les zitten 50 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 4 videos.
Lesduur is: 60 min
Onderdelen in deze les
Ouderenmishandeling
Slide 1 - Tekstslide
Leerdoelen
- De student benoemt verschillende vormen van oudermishandeling.
- De student benoemt minimaal 6 gedragssignalen welke een aanwijzing van ouderenmishandeling kunnen zijn.
- De student benoemt minimaal 4 oorzaken van ouderenmishandeling.
- De student legt uit wat vpk interventies zijn bij (een vermoeden van) ouderenmishandeling.
0
Slide 2 - Tekstslide
Slide 3 - Video
Ik heb wel eens te maken gehad met ouderenmishandeling
Nooit
Ja door een collega
Ja in de privésfeer
Mogelijk heb ik zelf wel eens een oudere mishandeld
Ik twijfel
Slide 4 - Poll
Ouderenmishandeling
'Al het handelen en het nalaten van handelen van al degenen die in een terugkerende persoonlijke of professionele relatie met de oudere (iemand van 65 jaar of ouder) staan, waardoor de oudere persoon lichamelijke en/of psychische en/of materiële schade lijdt en waarbij van de kant van de oudere sprake is van een vorm van gedeeltelijke of volledige afhankelijkheid '
(tk 2010/2011).
Slide 5 - Tekstslide
Slide 6 - Video
Hoe uit zich ouderenmishandeling?
Slide 7 - Woordweb
Herkennen jullie gedragssignalen van ouderenmishandeling?
Slide 8 - Woordweb
Slide 9 - Tekstslide
Slide 10 - Video
Welke vormen ken je van ouderenmishandeling?
Slide 11 - Woordweb
Vormen van ouderenmishandeling
Lichamelijke mishandeling
Psychische mishandeling
Verwaarlozing
(Financiële) uitbuiting, materiële benadeling
Seksueel misbruik
Schending van rechten
Slide 12 - Tekstslide
Slide 13 - Tekstslide
Slide 14 - Tekstslide
Wat kunnen oorzaken zijn van ouderenmishandeling?
Slide 15 - Woordweb
Slide 16 - Tekstslide
Wat moet je doen als je een vermoeden hebt van ouderenmishandeling?
A
112 bellen
B
melden bij veilig thuis
C
de huisarts inlichten
D
de dader aanspreken
Slide 17 - Quizvraag
www.ggdwb.nl
Slide 18 - Link
www.rijksoverheid.nl
Slide 19 - Link
Slide 20 - Tekstslide
Waarom wordt ouderenmishandeling niet altijd gemeld?
Slide 21 - Open vraag
Slide 22 - Tekstslide
Slide 23 - Tekstslide
Slide 24 - Tekstslide
Slide 25 - Tekstslide
Slide 26 - Tekstslide
Slide 27 - Tekstslide
Slide 28 - Tekstslide
Pauze
korte pauze!
timer
0:15
Slide 29 - Tekstslide
Slide 30 - Video
Slide 31 - Tekstslide
signalenkaart.nl
Slide 32 - Link
Slide 33 - Tekstslide
Slide 34 - Tekstslide
Slide 35 - Tekstslide
Opdracht
Werk de opdracht uit en lever deze in op ItsLearning
Slide 36 - Tekstslide
Discriminatie in de zorg
Discriminatie in de zorg
Wat is het, waarom moeten we het kennen?
Slide 37 - Tekstslide
Wat is discriminatie?
Discriminatie is ongelijk behandelen of achterstellen van mensen vanwege persoonlijke kenmerken die er niet toe doen (zoals huidskleur, leeftijd, geslacht, geloof, seksuele voorkeur, handicap) en dat mag niet.
Slide 38 - Tekstslide
Hoe ziet discriminatie eruit in de zorg?
• Patiënten krijgen andere zorg op basis van kenmerken
• Vooroordelen beïnvloeden diagnose of behandeling
• Onbewuste bias kan ertoe leiden dat signalen van patiënten niet serieus genomen worden
Voorbeelden: denkbeeld dat pijn bij vrouwen ‘psychosomatisch’ is of dat bepaalde groepen meer ‘harde’ klachten hebben dan anderen.
Slide 39 - Tekstslide
Hoe ziet discriminatie eruit in de zorg?
Bias betekent letterlijk vertekening of vooringenomenheid.
Het is een (vaak onbewuste) neiging om sneller een oordeel te vormen over iemand op basis van eerdere ervaringen, aannames of stereotypes.
In de zorg is dat relevant, omdat bias invloed kan hebben op hoe je observeert, interpreteert en handelt.
Slide 40 - Tekstslide
Triage-bias
Een patiënt komt binnen met “alweer buikpijn”.
Je kent hem als frequente bezoeker.
Onbewuste gedachte: “Zal wel weer niks zijn.”
Gevolg: minder scherp observeren.
Risico: je mist een acute appendicitis of ischemie.
Slide 41 - Tekstslide
Leeftijd-bias
Een 25-jarige met thoracale pijn.
Snelle gedachte: “Te jong voor een infarct.”
Maar jonge mensen krijgen ook myocardinfarcten.
Leeftijd mag je denken sturen, maar niet je onderzoek beperken.
Slide 42 - Tekstslide
Geslachts-bias
Vrouw met atypische klachten: misselijkheid, moeheid, druk op de borst.
Een patiënt spreekt weinig Nederlands en reageert anders dan jij gewend bent.
Je denkt: “Hij overdrijft” of “Hij begrijpt het niet.”
Misschien is er pijn, angst of schaamte.
Communicatieproblemen worden dan geïnterpreteerd als gedragsproblemen.
Slide 44 - Tekstslide
5. Verslavings-bias
Iemand met bekend alcohol- of drugsgebruik.
Komt binnen met verminderd bewustzijn.
Snelle gedachte: “Intoxicatie.”
Maar het kan ook een intracraniële bloeding zijn.
Als je stopt met denken, is bias gevaarlijk.
Slide 45 - Tekstslide
Impact op gezondheid
Discriminatie heeft concrete gevolgen:
• Slechtere gezondheid
• Stress en angst
• Vertraging in zorg en verkeerde diagnose
• Groepsverschillen worden groter
Kortom: discriminatie maakt ziek.
Slide 46 - Tekstslide
Vooroordelen en onbewuste bias
Veel discriminatie gebeurt niet bewust. Mensen hebben onbewuste ideeën die invloed hebben op hoe zij beoordelen en handelen. Dat kan ertoe leiden dat een patiënt minder serieus genomen wordt.
Slide 47 - Tekstslide
Stagediscriminatie
Studenten ervaren soms discriminatie bij het zoeken naar stage of tijdens stage. Dat is ook ongelijk behandelen op grond van kenmerken en verboden volgens de wet.