Some / any b3

Happy Fridaaaaay
Welcome back!
1 / 14
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolvmbo bLeerjaar 2

In deze les zitten 14 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Happy Fridaaaaay
Welcome back!

Slide 1 - Tekstslide

Planning today:
Learn about new grammar item : Some / any
+ repeat 'used to' 

Slide 2 - Tekstslide

Grammar: Some / any
'Some' en 'any' betekenen allebei 'enige' / 'enkele' / 'een paar'
'Not .. any' betekent 'geen'.
Ondanks dat 'some' en 'any' hetzelfde betekenen, gebruik je ze op verschillende manieren.

Slide 3 - Tekstslide

Some / any
'Some' gebruik je in een bevestigende zin, dus wanneer je een 'normale' zin maakt of wanneer je een vraag stelt waar je het antwoord 'ja' op verwacht. Bijvoorbeeld:
I've got some good books here.
Can I have some of your chips?

Slide 4 - Tekstslide

Some / any
'Any' gebruik je wanneer je een ontkennende zin maakt, oftewel wanneer je dus 'not' in de zin gebruikt. Je gebruikt 'any' ook bij vraagzinnen. Voorbeeld:
We don't have any bread left.
Do you have any black shirts?

Slide 5 - Tekstslide

Some / any
We kennen natuurlijk een hoop woorden die 'some' of 'any' bevatten. Bijvoorbeeld 'somebody' of 'anybody'.

Welke woorden ken je nog meer die 'some' of 'any' bevatten?

Slide 6 - Tekstslide

Some / any
Something / anything = iets
somebody / anybody = iemand
someone / anyone = iemand
somewhere / anywhere = ergens

not .. anything = niets
not ... anybody = niemand
not ... anyone = niemand
not .. anywhere = nergens

Slide 7 - Tekstslide

vul in: some of any:
Can I have ....... sugar in my coffee?
A
some
B
any

Slide 8 - Quizvraag

some of any?
He didn't have ........ pain after the operation.
A
some
B
any

Slide 9 - Quizvraag

some of any?
Are there ........ cookies in the house?
A
some
B
any

Slide 10 - Quizvraag

Some of any?
Can I have ....... water please?
A
some
B
any

Slide 11 - Quizvraag

some of any?
I need ........ information about that.
A
some
B
any

Slide 12 - Quizvraag

Slide 13 - Link

And now...... 
Practice with what I will give you. 
Also: practice 'used to' again. 

Slide 14 - Tekstslide