Les 1 - Grootheden en eenheden

Les 1 - Grootheden en eenheden
Bekijk het filmpje en maak daarna het testje
1 / 46
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolhavo, vwoLeerjaar 2

In deze les zitten 46 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 15 min

Onderdelen in deze les

Les 1 - Grootheden en eenheden
Bekijk het filmpje en maak daarna het testje

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Video

Slide 3 - Video

Sleep de woorden "grootheid"en "eenheid"op de juiste plaats
Van een pak suiker wordt de massa gemeten. Het pak blijkt 450 g te wegen.
In deze zin is massa een 
en gram is de 
grootheid
eenheid

Slide 4 - Sleepvraag

Tijd is een
een banaan weegt ongeveer 0,1
Kay is 17 jaar oud. Hij weegt 65.000
Kay is ongeveer 1,65
Uur is een
gram
grootheid
kilogram
eenheid
meter

Slide 5 - Sleepvraag

Grootheid
Eenheid
mm
lengte
kilogram
massa
℃
temperatuur
oppervlakte
m2

Slide 6 - Sleepvraag

Is lengte een grootheid of een eenheid
A
grootheid
B
eenheid

Slide 7 - Quizvraag

Hieronder staan eenheden en grootheden. Welke is de eenheid?
A
Afstand
B
Energie
C
Massa
D
seconde

Slide 8 - Quizvraag

Welke eenheid hoort er bij de grootheid afstand
A
meter
B
kilogram
C
volt
D
lengte

Slide 9 - Quizvraag

Grootheid of eenheid:
Snelheid
A
Grootheid
B
Eenheid

Slide 10 - Quizvraag

Grootheid of eenheid:
Temperatuur
A
Grootheid
B
Eenheid

Slide 11 - Quizvraag

Grootheid of eenheid:
Kilogram
A
Grootheid
B
Eenheid

Slide 12 - Quizvraag

Grootheid of eenheid:
Millimeter
A
Grootheid
B
Eenheid

Slide 13 - Quizvraag

Grootheid of eenheid:

Centimeter
A
Grootheid
B
Eenheid

Slide 14 - Quizvraag

Grootheid of eenheid:
Snelheid
A
Grootheid
B
Eenheid

Slide 15 - Quizvraag

Grootheid of eenheid:

Inhoud
A
Grootheid
B
Eenheid

Slide 16 - Quizvraag

Grootheid of eenheid:
Temperatuur
A
Grootheid
B
Eenheid

Slide 17 - Quizvraag

Een symbool voor de grootheid van massa is ...
A
g
B
cm
C
p
D
m

Slide 18 - Quizvraag

Is lengte een grootheid of een eenheid
A
grootheid
B
eenheid

Slide 19 - Quizvraag

Wat is het symbool van de grootheid van Volume?

A
L
B
V
C
p
D
m

Slide 20 - Quizvraag

Vermogen is een grootheid.
Wat is de eenheid voor vermogen?
A
Power (P)
B
Volt (V)
C
Watt (W)
D
Ampère (A)

Slide 21 - Quizvraag

Wat is de grootheid die je hiermee kunt bepalen
A
gewicht
B
massa
C
volume
D
lengte of afstand

Slide 22 - Quizvraag

Een grootheid is
A
iets wat je meet
B
iets waarin je meet
C
iets waarmee je meet
D
iets hoe je meet

Slide 23 - Quizvraag

Welke eenheid hoort er bij de grootheid afstand
A
meter
B
kilogram
C
volt
D
lengte

Slide 24 - Quizvraag

Wat is de eenheid en het symbool van de grootheid kracht
A
symbool : F eenheid : Newton
B
symbool : N Eenheid : Kilogram
C
symbool : F Eenheid : Meter
D
symbool : N eenheid : Newton

Slide 25 - Quizvraag

Bij de eenheid decibel (dB) hoort de grootheid
A
Geluidssnelheid
B
Amplitude
C
Geluidssterkte
D
Frequentie

Slide 26 - Quizvraag

Wat is GEEN grootheid?
A
Oppervlakte
B
Inhoud
C
Temperatuur
D
meter per seconde

Slide 27 - Quizvraag

wat is een grootheid?
A
iets wat je kunt leren
B
iets wat je kunt horen
C
Iets wat je kunt meten
D
iets wat je kunt zien

Slide 28 - Quizvraag

Met een maatcilinder kan je een grootheid meten. Welke grootheid?
A
massa
B
lengte
C
temperatuur
D
volume

Slide 29 - Quizvraag

Spanning is een grootheid.
Wat is de eenheid voor spanning?
A
Watt
B
Volt
C
Ampere
D
Stroom

Slide 30 - Quizvraag

Wat is de grootheid
A
dichtheid
B
frequentie
C
volume
D
vermogen

Slide 31 - Quizvraag

Wat is een natuurkundige grootheid
A
dat wat je kunt meten of berekenen in de natuurkunde
B
dat wat een getal een betekenis geeft in de natuurkunde
C
een beroemde natuurkundige zoals Einstein

Slide 32 - Quizvraag

Een grootheid is
A
iets wat je meet
B
iets waarin je meet
C
iets waarmee je meet
D
iets hoe je meet

Slide 33 - Quizvraag

Welke combinatie van grootheid en eenheid horen bij elkaar?
A
spanning en ampère
B
stroomsterkte en volt
C
spanning en volt
D
volt en ampère

Slide 34 - Quizvraag

De grootheid en eenheid van stroomsterkte is:
A
I in Ampere
B
I in Volt
C
U in Ampere
D
U in Volt

Slide 35 - Quizvraag

Sleep de eenheden naar de juiste grootheid
Volume (V)
Massa (m)
Stroom-
sterkte (I)
Afstand (s)
Spanning (U)
Tijd (t)
Liter (L)
Seconde (s)
Ampere (A)
Meter (m)
Gram (g)
Volt (V)

Slide 36 - Sleepvraag

Tekst
Tekst
Sleep naar de juiste kolom
Grootheid
Eenheid
Afstand
Tijd
Temperatuur
Meter
Seconde
Graden Celcuis
Uur
Kilometer
Massa
Gram

Slide 37 - Sleepvraag

Afstand
Tijd
Snelheid
Eenheid:
Symbool grootheid:
Symbool eenheid:
Symbool grootheid:
Eenheid:
Symbool eenheid:
Symbool grootheid:
Eenheid:
Symbool eenheid:
s
meter
m/s
meter per seconde
v
m
seconde
t
s

Slide 38 - Sleepvraag

Grootheid
Eenheid
massa
volume
temperatuur
tijd
kilogram
seconde
milliliter
° Celcius

Slide 39 - Sleepvraag

Sleep het symbool en de eenheid naar de juiste grootheid/eenheid. 
Gemiddelde snelheid
Afstand
Tijd
vgem
Vgem
s
S
t
T
m/h
km/s
m/s
km/u
km/h
m
km
dm
cm
hm

Slide 40 - Sleepvraag

Wat is een grootheid en wat is een eenheid?
Grootheid
Eenheid
lengte
oppervlakte
seconde
kilogram
snelheid
centimeter
uur
tijd
kilometer
gewicht
hectare

Slide 41 - Sleepvraag

                   Grootheid  Eenheid

   Spanning


       Stroom


Weerstand  
U
R
I
V
A
Ί
S
C
P
W
O
E

Slide 42 - Sleepvraag

Koppel de juiste eenheid bij de juiste grootheid..
Natuurkunde :)
Seconden (s)
Hertz (Hz)
Meters per seconde (m/s)
Graden
Leukste vak op school
Trillingstijd (T)
Frequentie (f)
Snelheid (v)
Hoek van inval/terugkaatsing

Slide 43 - Sleepvraag

Meetinstrument
Grootheid
Eenheid
liniaal
temperatuur
decibel
tijd
meter per seconde
maatbeker
vierkante centimeter
hoek
graden celcius
thermometer
geluidssterkte
decibelmeter
stopwatch
seconden
afstand
centimeter
snelheid
lasergun
volume
deciliter
geodriehoek
graden
oppervlak
liniaal

Slide 44 - Sleepvraag

Einde van les 1
Je hebt in deze les geleerd:
  • wat het verschil is tussen een grootheid (dat WAT je meet) en een eenheid (WAARIN je iets meet);
  • dat er in de natuurkunde heel veel dingen zijn die je kunt meten;
  • dat je dit nog niet allemaal hoeft te weten.

Slide 45 - Tekstslide

Ik beheers de leerdoelen die hiervoor zijn genoemd!
😒🙁😐🙂😃

Slide 46 - Poll