H7.2 Het zonnestelsel

H7.2 Het zonnestelsel
1 / 33
volgende
Slide 1: Tekstslide
Natuurkunde / ScheikundeMiddelbare schoolmavoLeerjaar 2

In deze les zitten 33 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

H7.2 Het zonnestelsel

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hemellichamen
De zon, de maan en de sterren zijn hemellichamen.

Een hemellichaam is een voorwerp dat zweeft in het heelal en niet door mensen is gemaakt. 

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De sterrenhemel
  • wat bedoelen we met de sterrenhemel?
  • als het donker is en geen wolken, de grote halve bol vol met sterren.
  • wat zijn hemellichamen?
  • de zon, de maan, de sterren
  • noordelijke hemelpool
  • sterren die zichtbaar blijven gedurende de nacht. 

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Sterrenhemel
Sterren lijken net als de zon te bewegen van oost naar west.



In het noorden is de Noordelijke hemelpool en de Poolster.
De aardas ligt in 1 lijn met de Noordelijke hemelpool.
Daarom lijkt deze stil te staan.

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Noordelijke hemelpool

Punt aan de hemel waar het noordelijke uiteinde van de aardas naartoe wijst; alle sterren in het noorden lijken rond dit punt te draaien.

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Noordelijke hemelpool hier staat de Poolster

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Sterren kijken
Met het blote oog zie je dit:

Met een telescoop zie je dit:

Slide 7 - Tekstslide

Hoe zie je het verschil tussen sterren en planeten?
Planeten
De aarde is een planeet en samen met 7 andere planeten draaien ze om de zon

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 9 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Sterren en planeten
Planeten zijn koele donkere hemellichamen die om een ster heen bewegen. Ze geven geen licht maar reflecteren het.

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De planeten

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Planeten 

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Dwergplaneet
Rond de zon draaien niet alleen acht planeten, maar ook vijf dwergplaneten. 

Een dwergplaneet is rond, net als een planeet, maar dan kleiner.

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Planetoïden
  • Rond de zon draaien ook miljarden planetoïden
  • Dit zijn kleine en grote rotsblokken met een onregelmatige vorm. 
  • De meeste van deze rotsblokken draaien in een baan tussen de planeten Mars en Jupiter. 
  • Dit is de zogeheten planetoïdengordel. 

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 15 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Manen
Een maan is een hemellichaam dat een baan om een planeet beschrijft.

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Dwergplaneten, Planetoïden en Manen
Dwergplaneten
Een dwergplaneet is rond, net als een planeet, maar dan kleiner.

Planetoïden
Planetoïden zijn kleine en grote rotsblokken met een onregelmatige vorm.

Manen
Een maan is een hemellichaam dat draait rond een planeet of een dwergplaneet.

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Onthoud
• De zon is een grote bol die erg heet is. De buitenkant is ongeveer 5800 °C.
– De zon geeft licht.
– De afstand van de aarde tot de zon is 150 miljoen km.
• Een planeet is een bolvormig hemellichaam dat rond de zon draait.
– Een planeet geeft zelf geen licht.
• Het zonnestelsel heeft acht planeten.
• De aarde draait in één jaar precies één rondje rond de zon. De omlooptijd van de aarde is een jaar.
– Iedere planeet heeft zijn eigen omlooptijd.
• De astronomische eenheid (AE) is gelijk aan de afstand van de aarde tot de zon.
– Dus 1 AE = 150 000 000 km.
• Een dwergplaneet is bolvormig en draait rond de zon.
– Een dwergplaneet is kleiner dan een planeet.
– Een dwergplaneet geeft zelf geen licht.
• Planetoïden draaien net als planeten en dwergplaneten rond de zon.
– Planetoïden zijn grote en kleine rotsblokken met een onregelmatige vorm.
• Een maan is een hemellichaam dat draait rond een planeet of een dwergplaneet.

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Het heelal is ...........
A
hetzelfde als ons zonnestelsel.
B
iets anders dan ons zonnestelsel, maar even groot.
C
iets anders dan ons zonnestelsel, maar kleiner.
D
iets anders dan ons zonnestelsel, en wel groter.

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


Wat is een planeet?
A
hemellichamen die om een planeet draaien
B
een rond hemellichaam dat om een ster draait
C
een lijn om de aarde op het zuidelijk halfrond
D
de grens tussen het noorden en het zuiden van de aardbol

Slide 20 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Pluto is een dwergplaneet.
A
Waar
B
Niet waar

Slide 21 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Bij elke ster die wij zien, bevindt zich een zonnestelsel
A
Waar
B
Niet waar

Slide 22 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het grootste hemellichaam
A
de aarde
B
de zon
C
de sterren
D
Jupiter

Slide 23 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Vraag 8
Welk hemellichaam staat het dichtst bij de aarde?
A
de zon
B
Mercurius
C
Mars
D
de maan

Slide 24 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk hemellichaam is rond
A
Dwergplaneet
B
Planetoïde

Slide 25 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk begrip past bij deze afbeelding?
A
Zonnestelsel
B
Ster
C
Sterrenstelsel
D
Planeet

Slide 26 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

15. De afbeelding hiernaast is een hemellichaam uit het zonnestelsel.
Wat voor hemellichaam is dit?
A
Een dwergplaneet
B
Een planetoïde
C
Een planeet
D
Een ster

Slide 27 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


Wat is een zonnestelsel?
A
Alle zonnen in de ruimte
B
De sterren, die je bij helder weer 's nachts kan zien
C
De zon met alle planeten en manen
D
Een ander woord voor melkweg

Slide 28 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat zijn dan andere hemellichamen?
A
Gassen, sterren, kraters en manen
B
Asteroiden, kraters, manen en planetoiden
C
Gassen, asteroiden, sterren en manen
D
Sterren, manen, planetoiden en asteroiden

Slide 29 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Ons zonnestelsel hoort bij een sterrenstel.
A
Waar
B
Niet waar

Slide 30 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het centrale punt in ons zonnestelsel?
A
Zon
B
Aarde
C
Venus
D
Maan

Slide 31 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Vanaf de aarde kun je foto’s maken van andere sterrenstelsels, zoals in afbeelding 3. Zo’n foto kun je niet maken van de Melkweg.
Waarom kan dat niet?

A
De aarde zit in het zonnestelsel en het zonnestelsel zit in de Melkweg.
B
De Melkweg is veel te groot.
C
De planeten bewegen, waardoor de foto onduidelijk wordt.
D
De zon geeft te veel licht, waardoor je de Melkweg niet kunt zien.

Slide 32 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

De miljoenen rotsblokken die tussen de banen van Mars en Jupiter in een baan om de zon draaien heten …
A
planetoïden
B
kometen
C
meteorieten
D
astroïden

Slide 33 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies