Hoe beïnvloeden variabele kosten de dekkingsbijdrage?
A
Variabele kosten verhogen altijd de dekkingsbijdrage
B
Hogere variabele kosten verlagen de dekkingsbijdrage
C
Lagere variabele kosten verlagen de dekkingsbijdrage
D
Variabele kosten hebben geen invloed op de dekkingsbijdrage
Slide 11 - Quizvraag
Ik verkoop een product voor € 5,-. De inkoopprijs van de product is € 2,50. De constante kosten zijn € 750. Wat is de dekkingsbijdragen?
A
€ 750
B
€ 5,-
C
€ 2,50
D
€ 7,50
Slide 12 - Quizvraag
De constante kosten zijn €105.000. De verkoopprijs van een artikel is €15. De variabele kosten per stuk zijn €3. Bereken de break even afzet
A
8700
B
5000
C
8750
D
6540
Slide 13 - Quizvraag
De roze nepwimpers totale Constante kosten zijn € 100.000. De variabele kosten per stuk zijn € 0,80 en de verkoopprijs is € 1,20 Wat is de break-even afzet?
Slide 14 - Open vraag
2 varianten
1 Break even afzet (BEA)
Het Break Even Punt in stuks AFZET
2 Break even omzet (BEO)
Het Break Even Punt in geld OMZET
Slide 15 - Tekstslide
De consumentenprijs is altijd exclusief BTW
A
Waar
B
Niet waar
Slide 16 - Quizvraag
Hoe maken we van de Break-even afzet de Break-even omzet?
A
break-evenafzet x variabele kosten
B
break-even omzet x verkoopprijs
C
break -even afzet x verkoopprijs
D
brea-even afzet x vaste kosten
Slide 17 - Quizvraag
wat is het verschil uit tussen variabele kosten en constante kosten
A
Constante kosten zijn afhankelijk van het aantal producten (afzet) dat wordt gemaakt
B
Variabele kosten zijn afhankelijk van het aantal producten (afzet) dat wordt gemaakt
C
Variabele kosten zijn altijd gelijk
D
Constante kosten blijven gelijk gedurende het bestaan van een bedrijf
Slide 18 - Quizvraag
Break-even omzet
Als je de break-even afzet weet kun je heel gemakkelijk
de break-even omzet berekenen:
= break-even afzet x verkoopprijs per stuk
Slide 19 - Tekstslide
Vaste kosten: €2.450,00 Variabele kosten per T-shirt: €12,00 Verkoopprijs per T-shirt: €20,75 Wat is de Break-even omzet van de kleermaker?
Slide 20 - Open vraag
Kosten van een bedrijf zijn €360.000, 60% daarvan is constant. Verkoopprijs is €23 en de variabele productiekosten zijn €8. De verwachte productie is 30.000 stuks. Hoe hoog is de break even afzet?
A
14.400
B
16.666
C
21.177
D
18.445
Slide 21 - Quizvraag
Wat wordt er met 'begroting' bedoeld
A
overzicht van de huidige inkomsten en uitgaven
B
overzicht van de huidige opbrengsten en kosten
C
een planning van de toekomstige inkomsten en uitgaven
Slide 22 - Quizvraag
Een begroting van alle ontvangsten en uitgaven heet
A
explotatiebegroting
B
liquiditeitsbegroting
C
Balans
D
Verlies & Winst rekening
Slide 23 - Quizvraag
Welk deelresultaat is een onderdeel van een resultatenrekening volgens de methode direct costing?
A
Brutowinst
B
Bezettingsresultaat
C
Transactieresultaat
D
Dekkingsbijdrage
Slide 24 - Quizvraag
Constante kosten
Variabele kosten
Machines
Afschrijvingskosten
Huur
Fietsonderdelen
Loon oproepkrachten
Loon in vaste dienst
Reclamekosten
Verpakkingsmateriaal
Slide 25 - Sleepvraag
Wat is consumentenprijs?
A
De prijs die een producent betaalt voor grondstoffen.
B
De prijs die een winkel betaalt voor het opslaan van producten.
C
De prijs die de consument betaald voor product of dienst.
D
De prijs die de overheid oplegt als belasting op consumptie.