20.4 Glucose als grondstof 6V 2324

Paragraaf 1 Dierenwelzijn
20.4 Glucose als grondstof
1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 6

In deze les zitten 23 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Paragraaf 1 Dierenwelzijn
20.4 Glucose als grondstof

Slide 1 - Tekstslide

Doel 20.4
Je leert hoe het transport van stoffen plaatsvindt
Je leert hoe houtvaten en bastvaten gebouwd zijn
Je leert welke nutriënten planten nodig hebben


Slide 2 - Tekstslide

Glucose als grondstof
Uit fotosynthese ontstaan glucose en fructose 1,6 difosfaat 
Glucose + fructose 1,6 difosfaat -> Sacharose
2 monosacharides -> 1 disacharide

                    
                        +                              -> 





Slide 3 - Tekstslide

Sacharose
Koolhydraten worden in de vorm van sacharose vervoerd naar andere delen van de plant.

Als het transport trager gaat dan de aanmaak van suikers dan wordt glucose omgezet naar zetmeel . Neemt de hoeveelheid glucose weer af dan wordt zetmeel weer omgezet naar glucose.








Slide 4 - Tekstslide

Zetmeel
Osmotische waarde?

Slide 5 - Tekstslide

Bastvaten (zeefvaten/ phloëem)
Bastvaten lopen in vaatbundels samen met houtvaten.

Slide 6 - Tekstslide

Bastvaten (zeefvaten/ phloëem)
Bastvaten vervoeren organische stoffen en water. Van de bladeren naar de rest van de plant.

Slide 7 - Tekstslide

Bastvaten (zeefvaten/ phloëem)
Bastvaten bestaan uit langgerekte levende cellen die onderling verbonden zijn met zeefplaten. 

Slide 8 - Tekstslide

Bastvaten (zeefvaten/ phloëem)
Bastvat cellen hebben geen kern en missen ook andere organellen.

Slide 9 - Tekstslide

Bastvaten (zeefvaten/ phloëem)
Bastvaten worden omgeven door begeleidende cellen die de bastvaten voorzien van voedsel en andere benodigde eiwitten.

Slide 10 - Tekstslide

Houtvaten (xyleem)
Houtvaten zijn de versterkte celwanden van dode langgerekte cellen.

Slide 11 - Tekstslide

Houtvaten (xyleem)
De verdikkingen in de celwand kunnen rindvormig zijn, spiraalvormig, netvormig of gestippeld.

Slide 12 - Tekstslide

Transport bastvaten 

Slide 13 - Tekstslide

Transport bastvaten (source)
1. aanmaak van suikers
2. actief transport suikers naar
bastvaten
3. osmotische waarde stijgt
4. water van houtvaten naar
bastvaten
5. overdruk in bastvaten 

Slide 14 - Tekstslide

Transport bastvaten (sink)
1. elders wordt sacharose 
opgenomen
2. osmotische waarde daalt in 
het bastvat
3. water verdwijnt uit het bastvat
4. onderdruk in het bastvat

Slide 15 - Tekstslide

Source/ sink
Voorjaareldcde



Zomer/ najaar: source = bladeren, sink = elders
Voorjaar: source = wortels, sink = nieuwe bladeren


Slide 16 - Tekstslide

Sacharose
Bij de doelcel wordt sacharose (of glucose) gebruikt voor:

1. dissimilatie (levert ATP)
2. voortgezette assimilatie (levert andere organische stoffen)
Zoals: eiwitten, cellulose, zetmeel, vetten, RNA, DNA.
Ook gifstoffen, kleurstoffen, pectine (tussencelstof), vitamines









Slide 17 - Tekstslide

Voortgezette assimilatie
Voor het maken van eiwitten, cellulose, zetmeel, vetten, RNA, DNA, gifstoffen, kleurstoffen, pectine (tussencelstof), vitamines
hebben de planten ook andere atomen nodig dan alleen C, H en O.









Slide 18 - Tekstslide

Voortgezette assimilatie
Bepaal met behulp van je BINAS welke atomen planten nodig hebben om van glucose (en fructose) de volgende stoffen te maken: Aminozuren/ Fosfolipiden/ Chlorofyl/ DNA/ ATP
Wat is de functie van deze stoffen in de plant?










Slide 19 - Tekstslide

Nutriënten/ plantenvoeding
Stoffen, buiten C, H en O, die planten nodig hebben.
Veel - macronutriënten
N/ S/ P/ K/ Ca/ Mg (zie Tabel 91D1)

Weinig - micronutriënten
Zie tabel 91D2










Slide 20 - Tekstslide

Assimilatie/ dissimilatie

Slide 21 - Tekstslide

Doel 20.4
Je hebt geleerd hoe het transport van stoffen plaatsvindt
Je hebt geleerd hoe houtvaten en bastvaten gebouwd zijn
Je hebt geleerd welke nutriënten planten nodig hebben





Slide 22 - Tekstslide

Huiswerk
In de online methode.
Kies leerweg B.
20.4: alle vragen

Slide 23 - Tekstslide