Meerkeuzevragen set 1

 Gericht oefenen  

 Meerkeuze set één 

 8 vragen
 Nederlands
1 / 12
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsMiddelbare schoolvmbo, mavoLeerjaar 4

In deze les zitten 12 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

 Gericht oefenen  

 Meerkeuze set één 

 8 vragen
 Nederlands

Slide 1 - Tekstslide

 Toets functionaliteit
Deze les als toets inzetten?

Neem contact op 

met ons via

info@monkeeapp.com

en test de demo ;-)

Slide 2 - Tekstslide

Uitlegvideo
Stap 1: Klik op het plusje en open de tekst
Open de tekst
 Hoe werkt het?
Stap 2: Bekijk de video
Stap 3: Maak de vragen

Slide 3 - Tekstslide


1. Hoe wordt de tekst ‘Scholen worstelen nog met schermpjes in de klas’ vooral ingeleid in alinea’s 1, 2 en 3 samen? 
A
door een samenvatting van de tekst te geven
B
door een voorbeeld bij het onderwerp van de tekst uit te werken
C
door een waarschuwing bij het onderwerp te geven
D
door het centrale probleem van de tekst te benoemen

Slide 4 - Quizvraag


2. In alinea 5 komt leerling Rixte aan het woord.
Welk probleem maakt de schrijver met het voorbeeld van Rixte vooral duidelijk?

Rixtes voorbeeld maakt vooral duidelijk  
A
dat de afleiding van de telefoon of iPad tijdens de les wel meevalt.
B
dat de leraar meer rond moet lopen tijdens de les om te controleren
C
dat je tijdens de les snel andere dingen kunt doen op digitale apparaten.
D
dat leerlingen in de les graag gebruikmaken van Snapchat en Instagram.

Slide 5 - Quizvraag


3. Welke uitspraak over alinea 6 is waar?  
A
Als mensen twee informatieverwerkende processen tegelijkertijd uitvoeren, dan doen ze dat langzamer en minder goed.
B
Als mensen twee informatieverwerkende processen tegelijkertijd uitvoeren, dan verliezen ze geen snelheid of nauwkeurigheid.
C
Kinderen konden vroeger beter multitasken dan nu en waren daarin toen ook sneller en nauwkeuriger.
D
Kinderen van nu kunnen beter multitasken dan vroeger en zijn daarin ook sneller en nauwkeuriger.

Slide 6 - Quizvraag


4. Wat is het verband tussen alinea 7 en de laatste zin van alinea 6? 
A
Alinea 7 en de laatste zin van alinea 6 vormen een opsomming.
B
Alinea 7 en de laatste zin van alinea 6 vormen een tegenstelling.
C
Alinea 7 geeft de gevolgen bij de laatste zin van alinea 6.
D
Alinea 7 geeft een uitleg bij de laatste zin van alinea 6.

Slide 7 - Quizvraag


5. Wat maakt Van Domselaar duidelijk met de zin “Vroeger las ik bij bepaalde leraren ook hele jaargangen Donald Duck in de les.” (regels 159-161) 
A
dat de leraar er zelf verantwoordelijk voor is dat de leerlingen in de les opletten
B
dat de leraren vroeger ook nooit doorhadden wat je precies deed tijdens de les
C
dat een iPad in de les net zo afleidend is als de Donald Duck lezen tijdens de les
D
dat er vroeger meer afleiding in de les te vinden was dan tegenwoordig

Slide 8 - Quizvraag


6. Wat is het belangrijkste doel van deze tekst?

De tekst wil de lezer 
A
ervan overtuigen dat het belangrijk is om minder te multitasken, zowel op school als in het dagelijkse leven.
B
ervan overtuigen dat telefoontassen een goede oplossing zijn voor de problemen met het gebruik van de mobiele telefoon in de les.
C
informeren over problemen die scholen in de les ondervinden met nieuwe technologieën en mogelijke oplossingen hiervoor.
D
informeren over de telefoontas, die door steeds meer scholen gebruikt wordt in de les.

Slide 9 - Quizvraag


7. Wat is een belangrijke conclusie van deze tekst?

Scholen hebben moeite met het gebruik van digitale apparaten in de klas
A
en kiezen dan ook voor een verbod daarvan in het lokaal.
B
en vinden dat de docenten hier zelf strenger tegen moeten optreden.
C
maar hebben de oplossing gevonden in de telefoontas.
D
maar hebben een mogelijke oplossing gevonden in de telefoontas.

Slide 10 - Quizvraag


8. Voor wie is deze tekst vooral bestemd?
A
voor mensen die geïnteresseerd zijn in het probleem van afleiding door digitale apparaten op scholen
B
voor jongeren die tijdens de les veel met digitale apparaten bezig zijn
C
voor leraren die veel last hebben van het gebruik van digitale apparaten in de les
D
voor ouders van jongeren die tijdens de les veel met digitale apparaten bezig zijn

Slide 11 - Quizvraag


 Dit waren de vragen


 Klik op het kruisje rechtsonder


 Scroll naar beneden en vergeet
 niet op lever in te klikken






 Einde

Slide 12 - Tekstslide