Delier
Delier
Deze slide heeft geen instructies
Lesdoel
''Aan het einde van deze les kan de student het delier herkennen, de belangrijkste oorzaken en risicofactoren benoemen, het onderscheiden van andere aandoeningen zoals dementie en depressie, en passende verpleegkundige interventies toepassen in praktijksituaties.”
Deze slide heeft geen instructies
Wat gaan we deze les doen?
Quiz met stellingen en vragen
Theoretische uitleg
Video & observatie-opdracht
Casuïstiek in groepen
Afronding & Reflectie
Deze slide heeft geen instructies
Een delier ontstaat altijd geleidelijk.
Niet waar
Waar
Een delier ontstaat acuut, meestal binnen uren tot dagen.
Een delier en dementie zijn hetzelfde.
Waar
Niet waar
Dementie = chronisch, langzaam progressief; delier = acuut en meestal reversibel.
Welke van deze is géén risicofactor voor een delier?
Hoge leeftijd
Infectie
Goede nachtrust
Medicatie (bv. benzodiazepinen)
Goede nachtrust verlaagt juist het risico. Alle andere opties zijn risicofactoren.
Wat is het eerste wat je als verpleegkundige doet bij verdenking op een delier?
Meteen medicatie geven
Arts informeren
Patiënt alleen laten rusten
Collega's op de hoogte brengen
Een delier is een medisch spoedgeval. De arts moet worden geïnformeerd om oorzaak te achterhalen en te behandelen.
Welke interventie hoort bij verpleegkundige zorg bij delier?
Veel prikkels aanbieden om patiënt alert te houden
Geen familie op bezoek
Rustige omgeving creëren
Patiënt niet corrigeren in zijn waarnemingen
Patiënt heeft baat bij structuur en rust, met prikkelreductie en oriëntatiehulp.
Wat is een delier?
Definitie: Een delier is een acute verwardheidstoestand met een plotseling begin en een onregelmatig verloop.
Kenmerken:
Wisselend bewustzijn (soms helder, soms verward).
Verminderde aandacht en concentratie.
Verstoring van slaap-waakritme.
Psychotische symptomen mogelijk (wanen, hallucinaties).
Belangrijk onderscheid: meestal reversibel als de oorzaak wordt behandeld.
Deze slide heeft geen instructies
Oorzaken en risicofactoren
Somatisch: infecties (bijv. longontsteking, urineweginfectie), pijn, obstipatie, dehydratie.
Medicatie: opioïden, benzodiazepinen, polyfarmacie.
Omgevingsfactoren: prikkelrijke omgeving, opname in ziekenhuis, slaapgebrek.
Risicogroepen: ouderen, patiënten met cognitieve achteruitgang, mensen na operatie.
Deze slide heeft geen instructies
Soorten delier
Hyperactief delier: patiënt is onrustig, angstig, kan agressief zijn.
Hypoactief delier: patiënt is stil, teruggetrokken, apathisch (vaak gemist!).
Gemixt: afwisseling tussen hyper- en hypoactief.
Deze slide heeft geen instructies
Onderscheid met dementie en depressie
Delier: acuut begin, fluctueert, vaak reversibel.
Dementie: geleidelijk begin, langzaam progressief, irreversibel.
Depressie: sombere stemming, interesseverlies, geen acute fluctuaties.
Deze slide heeft geen instructies
Onderscheid met dementie en depressie
Casussen, waar past het bij en waarom?
Deze slide heeft geen instructies
Gevolgen en urgentie
Delier is een medisch spoedgeval.
Kan leiden tot verhoogde morbiditeit, mortaliteit en langere opnames.
Vroegtijdig herkennen en handelen is cruciaal.
Deze slide heeft geen instructies
Beantwoord de volgende vragen
Welke signalen zie je?
Hoe reageert de verpleegkundige (of juist niet)?
Deze slide heeft geen instructies
Maar wat kan jij doen? (Verpleegkundige interventies)
Deze slide heeft geen instructies
Signaleren en observeren
Gebruik observatielijsten zoals de DOSS (Delirium Observatie Screening Schaal).
Noteer veranderingen in gedrag en oriëntatie.
Rapporteer direct bij vermoeden van delier → arts informeren (spoed).
Creëer een rustige en veilige omgeving
Verminder prikkels: weinig lawaai, gedimd licht, vaste structuur.
Zorg voor vertrouwde voorwerpen (bril, gehoorapparaat, foto’s).
Houd nachtrust in stand (slaap-waakritme ondersteunen).
Oriëntatie bieden
Leg regelmatig uit wie je bent, waar de patiënt is, en wat er gebeurt.
Plaats klok en kalender in zicht.
Spreek rustig, kort en duidelijk.
4. Communicatie en bejegening
Gebruik een rustige toon en maak oogcontact.
Stel gerust en voorkom confrontatie met wanen/hallucinaties.
Betrek familie als steun (vertrouwd gezicht).
5. Samenwerking in het zorgteam
Overleg met arts over oorzaak en behandeling (bv. infectie, medicatie).
Signaleer risicofactoren en geef input voor beleid.
Deel observaties met collega’s tijdens overdracht.
6. Familie en naasten betrekken
Leg uit wat een delier is en dat het vaak tijdelijk is.
Adviseer familie om rustig aanwezig te zijn en patiënt te oriënteren.
Vraag familie om signalen te delen die zij zien.
7. Preventieve interventies
Voldoende vocht en voeding.
Vroegtijdig mobiliseren.
Optimaliseren van pijnbestrijding zonder overmatig sedativa.
Vermijden van onnodige slangetjes en katheters.
Deze slide heeft geen instructies
Communicatie en bejegening
Gebruik een rustige toon en maak oogcontact.
Stel gerust en voorkom confrontatie met wanen/hallucinaties.
Betrek familie als steun (vertrouwd gezicht).
Samenwerking in het zorgteam
Overleg met arts over oorzaak en behandeling (bv. infectie, medicatie).
Signaleer risicofactoren en geef input voor beleid.
Deel observaties met collega’s tijdens overdracht.
Familie en naasten betrekken
Leg uit wat een delier is en dat het vaak tijdelijk is.
Adviseer familie om rustig aanwezig te zijn en patiënt te oriënteren.
Vraag familie om signalen te delen die zij zien.
7. Preventieve interventies
Voldoende vocht en voeding.
Vroegtijdig mobiliseren.
Optimaliseren van pijnbestrijding zonder overmatig sedativa.
Vermijden van onnodige slangetjes en katheters.
Deze slide heeft geen instructies
Preventieve interventies
Voldoende vocht en voeding.
Vroegtijdig mobiliseren.
Optimaliseren van pijnbestrijding zonder overmatig sedativa.
Vermijden van onnodige slangetjes en katheters.
Deze slide heeft geen instructies
In twee groepjes een casus uitwerken
Opdracht:
Herken de symptomen.
Welke verpleegkundige interventies pas je toe?
Hoe betrek je familie/mantelzorg?
Presentatie: iedere groep deelt kort hun aanpak.
Deze slide heeft geen instructies
Wat neem jij mee naar de praktijk?
Afronding & Reflectie
Deze slide heeft geen instructies
Inzicht
Vraag
Schrijf 1 inzicht en 1 vraag op die je nu nog hebt
Deze slide heeft geen instructies