In deze les zitten 33 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.
Lesduur is: 50 min
Onderdelen in deze les
H12.3
Soorten bewegingen
Slide 1 - Tekstslide
In de natuurkunde onderscheiden we 3 soorten beweging
Slide 2 - Tekstslide
Een versnelde beweging
Een beweging met constante snelheid
Een vertraagde beweging
Slide 3 - Tekstslide
Slide 4 - Tekstslide
H12.3
Soorten bewegingen
Slide 5 - Tekstslide
Een versnelde beweging
Een beweging met constante snelheid
Een vertraagde beweging
Slide 6 - Tekstslide
Slide 7 - Tekstslide
Slide 8 - Tekstslide
Slide 9 - Video
Versnelde beweging
Slide 10 - Tekstslide
Beweging met constante snelheid
Slide 11 - Tekstslide
Vertraagde beweging
Slide 12 - Tekstslide
Een auto rijdt weg bij een verkeerslicht. Wat voor beweging is dit?
A
een eenparige beweging
B
een versnelde beweging
C
een vertraagde beweging
Slide 13 - Quizvraag
Je moet op de fiets afremmen, omdat de spoorbomen dichtgaan. Wat voor beweging is dit?
A
een eenparige beweging
B
een versnelde beweging
C
een vertraagde beweging
Slide 14 - Quizvraag
Een marathonloper rent met een constante snelheid. Wat voor beweging is dit?
A
een eenparige beweging
B
een versnelde beweging
C
een vertraagde beweging
Slide 15 - Quizvraag
Hoe noem je een beweging waarvan de snelheid steeds groter wordt? een ---------- beweging?
Slide 16 - Open vraag
Hoe noem je een beweging waarvan de snelheid niet verandert? een ----------- beweging
Slide 17 - Open vraag
Hoe noem je een beweging waarvan de snelheid steeds kleiner wordt? een --------- beweging?
Slide 18 - Open vraag
Een parachutist springt uit een vliegtuig en opent na vijf seconden zijn parachute. a/ Wat voor soort beweging maakt hij in de eerste vijf seconden? een --------- beweging
Slide 19 - Open vraag
Opdrachten
1 t/m 9
Klaar? Doe iets voor jezelf.
Slide 20 - Tekstslide
Slide 21 - Tekstslide
Slide 22 - Video
Versnelde beweging
Slide 23 - Tekstslide
Beweging met constante snelheid
Slide 24 - Tekstslide
Vertraagde beweging
Slide 25 - Tekstslide
Een auto rijdt weg bij een verkeerslicht. Wat voor beweging is dit?
A
een eenparige beweging
B
een versnelde beweging
C
een vertraagde beweging
Slide 26 - Quizvraag
Je moet op de fiets afremmen, omdat de spoorbomen dichtgaan. Wat voor beweging is dit?
A
een eenparige beweging
B
een versnelde beweging
C
een vertraagde beweging
Slide 27 - Quizvraag
Een marathonloper rent met een constante snelheid. Wat voor beweging is dit?
A
een eenparige beweging
B
een versnelde beweging
C
een vertraagde beweging
Slide 28 - Quizvraag
Hoe noem je een beweging waarvan de snelheid steeds groter wordt? een ---------- beweging?
Slide 29 - Open vraag
Hoe noem je een beweging waarvan de snelheid niet verandert? een ----------- beweging
Slide 30 - Open vraag
Hoe noem je een beweging waarvan de snelheid steeds kleiner wordt? een --------- beweging?
Slide 31 - Open vraag
Een parachutist springt uit een vliegtuig en opent na vijf seconden zijn parachute. a/ Wat voor soort beweging maakt hij in de eerste vijf seconden? een --------- beweging