Herhaling 3.3

3.3 Wat spreken we af?
1 / 15
volgende
Slide 1: Tekstslide
Mens & MaatschappijMiddelbare schoolvmbo g, tLeerjaar 1

In deze les zitten 15 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

3.3 Wat spreken we af?

Slide 1 - Tekstslide

Planning
3.3 Herhalen 
Zelfstandig werken
Nabespreken

Slide 2 - Tekstslide

Deeltijd of voltijdbaan
Deeltijdbaan (of parttimebaan): dan werk je minder dan 35 uur per week

Voltijdbaan (fulltimebaan): Dan werk je 35 uur of meer per week

Slide 3 - Tekstslide

Vaste, tijdelijke of flexibele baan
  • Als je een vaste baan hebt, dan heb je met je werkgever een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd afgesproken (geen einddatum)

  • Heb je wel een einddatum afgesproken, dan heb je een tijdelijke baan.

  • Als je alleen werkt op momenten dat je nodig bent,                                                                                           dan heb je een flexibele baan.
       --> Je werkt dan via een uitzendbureau of hebt een oproepcontract.




Slide 4 - Tekstslide

3.3 Wat spreken we af? 
  • Nettoloon
  • Het loon dat je ontvangt op je bankrekening
  • Brutoloon
  • Het loon dat je met je werkgever hebt afgesproken (er is nog niets op ingehouden!)
  • Inhoudingen  - 
  • Loonbelasting en sociale premies

Slide 5 - Tekstslide

3.3 Wat spreken we af? 
Wetten die een werknemer beschermen:
  • Arbowet:
  • arbeidsomstandigheden wet
  • regels voor een veilige en gezonde arbeids-omstandigheden
  • Arbeidstijdenwet:
  • regels voor werk- en rusttijden
  • let op: speciale regels voor jongeren!

kinderen in de spotlights

Slide 6 - Tekstslide

Wanneer heb je een deeltijdbaan?
A
Wanneer je meer werkt dan 35 uur
B
Wanneer je minder werkt dan 35 uur
C
Wanneer je meer werkt dan 40 uur
D
Wanneer je werkt tussen de 35 en 40 uur.

Slide 7 - Quizvraag

Wat is een flexibele baan?
A
Elke dag andere taken binnen je baan
B
Meer dan 35 uur
C
Wanneer je opgeroepen kunt worden
D
Via een uitzendbureau

Slide 8 - Quizvraag

Hoe jonger je bent, hoe lager het minimumjeugdloon is.
A
Juist
B
Onjuist

Slide 9 - Quizvraag

wat is een Arbowet?
A
de regels voor werktijden en pauzes.
B
melding doen als iemand mishandeld is.
C
het omgaan met persoonlijk gegevens.
D
de wet over veiligheid, gezondheid en welzijn

Slide 10 - Quizvraag

wat is een arbeidstijdenwet?
A
dat is een wet die weet wat wel en niet mag
B
dat is een wet die jou beschermd
C
daarin staan regels voor werk en rusttijden
D
daarin staan regels voor hoe je moet werken

Slide 11 - Quizvraag

Nettoloon =
timer
0:30
A
brutoloon - (loonbelasting + sociale premies)
B
brutoloon - loonbelasting
C
brutoloon - sociale premies
D
brutoloon

Slide 12 - Quizvraag

Het minimumjeugdloon geldt vanaf...jaar
A
14
B
15
C
20
D
21

Slide 13 - Quizvraag

Je brutoloon is 1700.
De inhoudingen zijn 200.
Wat is je nettoloon?
A
1.900
B
1.500
C
-1.500

Slide 14 - Quizvraag

Zelfstandig werken: Fluisteren
Maken: 
Opdracht 1 t/m 3 

BLZ: 108
timer
15:00

Slide 15 - Tekstslide