English - 3.2 tag questions

Friday, 12 February
1 / 23
volgende
Slide 1: Tekstslide
EngelsMiddelbare schoolvmbo k, gLeerjaar 1

In deze les zitten 23 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Friday, 12 February

Slide 1 - Tekstslide

Today
Review 3.2: aanwijswoorden
Tag questions
Check hw: 3.2 ex 10,11,12,13
Studybox 3.2
Quizlet
Clean up and round off

Slide 2 - Tekstslide

aanwijswoorden Engels

Slide 3 - Woordweb

Welk woord gebruik je om 1 ding aan te wijzen die ver weg staat?
A
This
B
That
C
These
D
Those

Slide 4 - Quizvraag

Welk woord gebruik je om 2 dingen aan te wijzen die dichtbij staan
A
This
B
That
C
These
D
Those

Slide 5 - Quizvraag

Welk woord gebruik je om 2 dingen aan te wijzen die ver weg staan?
A
This
B
That
C
These
D
Those

Slide 6 - Quizvraag

Welk woord gebruik je om 1 ding aan te wijzen wat dichtbij staat?
A
This
B
That
C
These
D
Those

Slide 7 - Quizvraag

Slide 8 - Tekstslide

........cookies I have here look delicious, don't they?
A
These
B
Those

Slide 9 - Quizvraag

I'm glad we took......train. It's much faster than the other one.
A
that
B
this

Slide 10 - Quizvraag

Let's buy ....... souvenirs in that shop on 5th Avenue.
A
these
B
those

Slide 11 - Quizvraag

Ik weet hoe ik aanwijswoorden in het Engels kan gebruiken: Typ Ja of Nee

Slide 12 - Open vraag

Goal
Na vandaag kan je Engelse "tag questions" gebruiken. Dit zijn zinnetjes die je gebruikt als je iets zegt maar het niet zeker weet.

Slide 13 - Tekstslide

Tag questions
Nederlands:
Jij bent David, toch?
Zij zijn Nederlands, of niet?
Hij is niet vriendelijk, of wel?

Slide 14 - Tekstslide

Tag questions
Engels
You are English, aren't you?
They are best friends, aren't they?
My brother is rich, isn't he?
I am tall, aren't I?

Slide 15 - Tekstslide

You are English, aren't you?

They are best friends, aren't they?

My brother is rich, isn't he?

I am tall, aren't I?

You are not English, are you?

They are not best friends, are they?

My brother is not rich, is he?

I am not tall, am I?

Slide 16 - Tekstslide

She is very pretty, _____ she?
A
is
B
Isn't

Slide 17 - Quizvraag

You are not very strong, ___ you?
A
Are
B
Aren't

Slide 18 - Quizvraag

They are family, ___ they?
A
are
B
aren't

Slide 19 - Quizvraag

I understand Tag questions
A
Yes
B
No
C
A little

Slide 20 - Quizvraag

Studybox

Page 119 - 125
https://quizlet.com/569792939/flashcards

timer
5:00

Slide 21 - Tekstslide

Exercises
Finish 3.2 
exercises 10, 11, 12, 13
Study: vocab 3.2

Slide 22 - Tekstslide

Have a great spring break!

Slide 23 - Tekstslide