les 3 wetgeving GGZ

1 / 37
volgende
Slide 1: Tekstslide
VerzorgendeMBOStudiejaar 3

In deze les zitten 37 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 120 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Doel van deze les
Je:
  • Kent de huidige zorgvormen in de GGZ
  • Kent het zorgproces in de GGZ
  • Kent de wetgeving en financiering rondom de GGZ

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is je beeld van de psychiatrische patiënt?

Slide 3 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Psychisch / psychiatrisch
Psychiatrische aandoeningen: de ernstigere ziektebeelden. ernstige depressies, angststoornissen en psychoses.
Zaken die het dagelijkse leven van mensen verstoren en waarbij het nodig kan zijn om behandelingen te ondergaan, soms in combinatie met medicijnen. 

Psychische aandoeningen: lichtere vormen daarvan, zoals bijvoorbeeld somberheid bij rouw.


Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Visie op psychiatrie 

"Hoe je naar psychiatrische zorgvragers kijkt, 
heeft ook invloed op hoe je met hen omgaat."

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Zorgproces GGZ

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wetgeving GGZ
  1. WGBO = Wet geneeskundige behandelovereenkomst
  2. Wvggz (vervanging wet BOPZ) = wet verplichte geestelijke gezondheidszorg
  3. Wkkgz= wet klachten en geschillen zorg

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 9 - Video

Deze slide heeft geen instructies

WGBO :Wet op de Geneeskundige Behandelovereenkomst


Gaat over de afspraken tussen cliënt en zorgverlener: toestemming, informatie, dossier.
Voorbeeld: Een patiënt moet toestemming geven voordat de verpleegkundige een injectie mag geven.

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 11 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

 Overzicht van de vier belangrijkste GGZ-wetten
Wet Volledige naam Waar gaat het over? Waarom belangrijk?
WGBO Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst Rechten en plichten van cliënten en zorgverleners (informatie, toestemming, dossier). De cliënt beslist mee over zijn behandeling.
Wkkgz Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg Kwaliteit, veiligheid en klachtenafhandeling. Zorg moet verantwoord en veilig zijn.
Wvggz Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg Regelt verplichte zorg bij psychiatrische problematiek (ook ambulant). Minder dwang, meer toezicht en maatwerk.
Wzd Wet zorg en dwang Voor mensen met dementie of verstandelijke beperking bij onvrijwillige zorg. Beschermt kwetsbare groepen tegen onnodige dwang.

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Financiering GGZ vanuit verschillende bronnen (5)
Groepje van 2, werk uit:
  1. ZVW wat houdt het in + wie betaalt?
  2. WLZ wat houdt het in + wie betaalt?
  3. WMO wat houdt het in + wie betaalt?
  4. Jeugdwet wat houdt het in+ wie betaalt?
  5. Justitie, wat hebben zij met GGZ te maken + wie betaalt?

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Doel behaald?

  • Ken je de huidige zorgvormen in de GGZ?
  • Ken je het zorgproces in de GGZ?
  • Ken je de wetgeving en financiering rondom de GGZ?

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Schrijf 2 dingen op die je deze les hebt geleerd.

Slide 18 - Open vraag

De leerlingen voeren hier drie dingen in die ze in deze les hebben geleerd. Hiermee geven ze aan wat hun eigen leerrendement van deze les is.
Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.

Slide 19 - Open vraag

De leerlingen voeren hier twee dingen in waarover ze meer zouden willen weten. Hiermee vergroot je niet alleen betrokkenheid, maar geef je hen ook meer eigenaarschap.
Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.

Slide 20 - Open vraag

De leerlingen geven hier (in vraagvorm) aan met welk onderdeel van de stof ze nog moeite. Voor de docent biedt dit niet alleen inzicht in de mate waarin de stof de leerlingen begrijpen/beheersen, maar ook een goed startpunt voor een volgende les.
Opdracht
Maak tweetallen en werk de opdracht uit van it's learning. 
Je levert ze apart in! 

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Les 2

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Onderwerpen in de relatie tussen 
verzorgende en zorgvrager

  • communicatie
  • grenzen stellen 
  • omgaan met moeilijk gedrag

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

DSM-5 classificatiesysteem
  • = diagnostisch handboek voor psychiatrische stoornissen.
  • biedt criteria om stoornissen te identificeren en te classificeren.

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Communicatie
Effectieve communicatie is essentieel 

  •  luisteren, 
  • begrijpen 
  • duidelijk spreken

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Grenzen stellen
  • aangeven 
  • respecteren 

van persoonlijke grenzen.

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Samenvatting
  • normaal en afwijkend gedrag
  • invalshoeken voor afwijkend gedrag
  • het DSM-5 classificatiesysteem
  • de geschiedenis van de geestelijke gezondheidszorg
  • het zorgproces in de GGZ 
  • relatie tussen verzorgende en zorgvrager.

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Omgaan met moeilijk gedrag
  • adequaat mee om te gaan, 
  • bijv toepassen van de-escalatietechnieken.

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

DSM-5 

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Doel van deze les
Je kunt aan het einde van deze les benoemen : 

  • wat normaal en afwijkend gedrag is 
  • Wat DSM 5 inhoudt
  • Oorzaken benoemen die kunnen leiden tot psychische problemen

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

10 mythes over psychische stoornissen​
  1. Het is aanstellerij​
  2. Het komt weinig voor​
  3. Ze hebben het aan zichzelf te danken​
  4. Ze zijn dom, zwakbegaafd of ontoerekeningsvatbaar​
  5. Ze veroorzaken meestal overlast​
  6. Het is een tijdelijk probleem, het gaat wel weer over​
  7. Je moet er geen aandacht aan besteden​
  8. Er zijn toch medicijnen voor?​
  9. Ze hebben geen maatschappelijk nut​
  10. Als ze weer beter zijn, hebben ze geen hulp meer nodig​









Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wanneer is er sprake van een psychiatrische stoornis?
  • Als de psychologische functies (zoals bv voelen, denken of waarnemen) afwijkend functioneren​
  • Gevolg → de persoon gaat zich anders (afwijkend of gestoord) gedragen.​
  • Afwijkend of gestoord gedrag is het belangrijkste kenmerk (symptoom) van een psychiatrische stoornis


Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 34 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 37 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies