week 37 vaste les Par. 1.4 De landbouwrevolutie

Welkom bij geschiedenis
Binnen= beginnen:
  • Ga rustig zitten op je plek volgens de klassenplattegrond.
  • Telefoon in je tas
  • Jas uit

  • Pak alvast je leerboek en schrift en start met lezen van paragraaf 1.3 en 1.4.



1 / 26
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolhavoLeerjaar 1

In deze les zitten 26 slides, met interactieve quiz, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Welkom bij geschiedenis
Binnen= beginnen:
  • Ga rustig zitten op je plek volgens de klassenplattegrond.
  • Telefoon in je tas
  • Jas uit

  • Pak alvast je leerboek en schrift en start met lezen van paragraaf 1.3 en 1.4.



Slide 1 - Tekstslide

Vandaag
  1. Lesdoelen (5 min)
  2. Begintaak (5 min)
  3. Uitleg paragraaf 1.4 (+/- 10 min)
  4. Zelfstandig werken (10 min)
  5. Afsluiting (5 min)

Slide 2 - Tekstslide

Leerdoel
  • Wat veranderde er door de landbouw in het leven van de mensen?
  • Ik kan de oorzaken en gevolgen van de landbouwrevolutie noemen.
  • Ik weet wat oorzaken en gevolgen zijn. 

Slide 3 - Tekstslide

Begintaak
Schrijf op in je schrift:
Hoe leefden jagers-verzamelaars?

  • 5 minuten
  • Zelfstandig en in stilte
  • Weet je het niet? Kijk in je leerboek bij par. 1.3
  • Eerder klaar? Lees par. 1.4

timer
5:00

Slide 4 - Tekstslide

Jagers werden boeren

Slide 5 - Tekstslide

Jagers werden boer
Het houden van dieren voor melk of vlees (veetelt) en akkerbouw samen noem je = LANDBOUW!

Slide 6 - Tekstslide

Landbouw ontdekt

Slide 7 - Tekstslide

Vruchtbare Halvemaan
  • Gebied waar de eerste landbouw ontstaat (9000 v. Chr.)

  • Midden-Oosten:, Syrië, Irak, Iran

  • Ontstaan van veeteelt en akkerbouw: agrarische samenleving

Slide 8 - Tekstslide

Landbouwrevolutie
  • Revolutie betekent verandering

  • Jager-verzamelaars worden boer

  • De landbouwrevolutie duurde meer dan 1000 jaar: niet iedereen werd tegelijk boer

  • Landbouw bestaat uit: akkerbouw en veeteelt

Slide 9 - Tekstslide

De eerste dorpen
  • Boeren bouwden boerderijen bij hun akker en hielden er hun vee. 
  • Boeren zijn geen nomaden, omdat zij voor hun eigen voedsel kunnen zorgen. 
  • Er ontstaan dorpjes en mensen hebben meer bezittingen.

Slide 10 - Tekstslide

Pre-agrarische samenleving
Landbouwsamenleving = agrarische samenleving

Slide 11 - Tekstslide

Boeren in Europa
  • Pas laat: het was niet nodig, er was voldoende voedsel te vinden.

  • Eerste boeren in Nederland: Zuid-Limburg rond 5300 v. Chr.

  • Tóch landbouw in Europa: mensen verhuizen uit gebieden waar gebrek aan landbouwgrond is en komen hier terecht

Slide 12 - Tekstslide

Boeren in Nederland
  • Zuid-Limburg: bandkeramiekers (tot 4400 v. Chr)

  • Noord-Nederland: trechterbekercultuur (rond 3500 v. Chr.)

  • Vanaf 3000 v. Chr. zijn er in Nederland geen jager-verzamelaars meer

Slide 13 - Tekstslide






Bandkeramiek

Slide 14 - Tekstslide






Trechterbekercultuur

Slide 15 - Tekstslide

Hunebed
De hunebedden waren familiegraven. 
Drenthe
Tussen 3400 en 3200 v.C. gebouwd
Hunebedbouwers

Slide 16 - Tekstslide

OORZAAK - GEVOLG

Slide 17 - Tekstslide

Oorzaken Landbouwrevolutie
  • Het werd warmer en droger.
  • De bevolking groeide, waardoor er meer eten nodig was.
  • Mensen leerden meer over de natuur.

Slide 18 - Tekstslide

Gevolgen 
landbouwrevolutie
  • Mensen stoppen te leven als nomaden

  • Er ontstaan steden: landbouwsamenleving

  • Mensen krijgen meer bezittingen

Slide 19 - Tekstslide

Oefenen met oorzaak/gevolg (1)
  1. Schrijf onderstaande zinnen over in je schrift.
  2. zelfstandig en in stilte.
  3. Kies het juiste woord: 
 
1. Het veranderende klimaat was een oorzaak / gevolg van de landbouwrevolutie. 
2. Het ontstaan van dorpen was een oorzaak / gevolg van de landbouwrevolutie. 
3. Het toenemen van de sociale verschillen was een oorzaak / gevolg van de landbouwrevolutie. 
timer
5:00

Slide 20 - Tekstslide

Zelf oefenen, Opdracht 2: 

  1. Lees paragraaf 1.3
  2. onderstreep oorzaken in de tekst met blauw,
  3. onderstreep gevolgen met een ander kleurtje.



Signaalwoorden van een oorzaak of gevolg zijn bijvoorbeeld:
  • hierdoor
  • daardoor
  • doordat
  • zodat
  • waardoor
  • want
  • door

Slide 21 - Tekstslide

Volgende week
Wat gaan we doen in:
  • Vaste les: instructie 1.5
  • Inschrijfuur of stilte-uur: maken Kennistoets 1.1 t/m 1.4

Kijk in de studiewijzer 'Geschiedenis' voor het huiswerk.


Slide 22 - Tekstslide

Leerdoel
  • Wat veranderde er door de landbouw in het leven van de mensen?
  • Ik kan de oorzaken en gevolgen van de landbouwrevolutie noemen.
  • Ik weet wat oorzaken en gevolgen zijn. 

Slide 23 - Tekstslide

Voor mij zijn de leerdoelen behaald
😒🙁😐🙂😃

Slide 24 - Poll

Voor de liefhebber:
een filmpje over hunebedden.

Slide 25 - Tekstslide

Slide 26 - Video