BSM 1.5 Voeding

BSM 1.5 Voeding
1 / 24
volgende
Slide 1: Tekstslide
BSMMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 24 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

BSM 1.5 Voeding

Slide 1 - Tekstslide

Voor de les start
1. Neem plaats (één tafeltje tussen elke leerling)
2. jas uit 
3. laptop open en inloggen Lessonup

Slide 2 - Tekstslide

Gezonde voeding
 De hoeveelheid voeding waarop het menselijk lichaam kan functioneren en het fit en energiek is zonder ziektes of kwaaltjes.

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Video

Energie leverende voedingsstoffen

Slide 5 - Tekstslide

Koolhydraten 

Slide 6 - Tekstslide

Bij welke groep koolhydraten duurt de opnamesnelheid het langst?
A
Enkelvoudige
B
Tweevoudige
C
Mix van groepen
D
Meervoudige

Slide 7 - Quizvraag

Koolhydraten die het lichaam niet direct gebruikt worden in de spieren en lever opgeslagen als?
A
Vet
B
Glycogeen
C
Galzuur
D
Worden niet opgeslagen

Slide 8 - Quizvraag

Slide 9 - Video

Zoek in maximaal 5 minuten zoveel mogelijk informatie op over eiwitten.

Slide 10 - Open vraag

Vocht 
Vocht is geen energieleverende stof, maar wel een essentieel onderdeel van onze voeding. Het lichaam bestaat voor 55% uit water, baby’s zelfs voor 70%. Water is de belangrijkste bouwstof in het lichaam. Daarnaast speelt water een belangrijke rol bij het transport van bouw- en afvalstoffen door het lichaam. Verder is vocht onmisbaar voor het reguleren van onze lichaamstemperatuur. Veel mensen en ook sporters onderschatten het belang van een goede vochtbalans. Toch kunnen sporters door het verbeteren van hun drinkgedrag het snelst en het makkelijkst winst behalen.

Slide 11 - Tekstslide

Vezels
Voedingsvezels
  • uit planten, niet direct te verteren door mensen
  • Leveren geen energie of voedingsstoffen
  • 4 belangrijke eigenschappen....

Slide 12 - Tekstslide

Vitamines, mineralen, sporenelementen
Vitamines
  • Organische stoffen
  • Belangrijke rol bij op en afbraakprocessen
  • Niet zelf aanmaken (= dus essentiele voedingsstof)
  • Tekort kan ontstaan (suplement nodig?!)

Mineralen en sporen: 
  • Anorganisch
  • Bouwstof of katalysator

Slide 13 - Tekstslide

Zelfstudie 
Alcohol 
Bioactieve stoffen

Slide 14 - Tekstslide

De energie die de mens in rust verbruikt noemen we de?

Slide 15 - Open vraag

Physical Activity Level, de PAL-waarde.
Hiermee wordt de energie bedoeld die nodig is voor al onze lichaamsbeweging. Die beweging wordt niet alleen verkregen door sportieve activiteiten, maar juist door alle dagelijkse bezigheden.

Energiebehoefte = ruststofwisseling + lichaamsbeweging

Slide 16 - Tekstslide

Factoren die de energiebehoefte beïnvloeden: 


  • leeftijd
  • lichaamsgrootte (lengte, gewicht)
  • groei
  • lichaamssamenstelling
  • Mate van getraindheid (bij sporters)
  

Slide 17 - Tekstslide

De energiebalans

Slide 18 - Tekstslide

Sport en voeding
  • Geen aanvullende eisen voor recreative én wedstrijdsporters! 
  • Topsporters = dagelijks 3 tot 6 uur sport -> persoonlijk dieet

(vorige slide)

Slide 19 - Tekstslide

Afvallen
Wat is de formule dus om af te vallen?

(vorige slide)

Slide 20 - Tekstslide

Mogelijke toets vraag: Leg uit welke voedingsstof het meest van belang is voor een krachtsporter tijdens het sporten?

Slide 21 - Open vraag

Noem drie functies van vetten.

Slide 22 - Open vraag

Leg uit waarom iemand die getraind is minder vermoeid raakt dan iemand die ongetraind is bij dezelfde inspanning.

Slide 23 - Open vraag

Bedankt voor jullie aandacht

Slide 24 - Tekstslide