Quiz thema 1 - Les 3 + les 5

Quiz - Les 3 + Les 5
1 / 13
volgende
Slide 1: Tekstslide
PAVSecundair onderwijsBeroepssecundair onderwijsLeerjaar 6

In deze les zitten 13 slides, met interactieve quizzen en tekstslide.

time-iconLesduur is: 50 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Quiz - Les 3 + Les 5

Slide 1 - Tekstslide

1. Je wilt met de fiets van je huis naar een festival rijden. Welke digitale toepassing is het meest geschikt om je route uit te stippelen?
A
Een tekstverwerker
B
Google Maps
C
Een rekenmachine
D
Een vertaalprogramma

Slide 2 - Quizvraag

2. Je krijgt de coördinaten 50°55'51" NB - 4°30'07" OL. Wat betekent NB?
A
Ten noorden van de evenaar
B
Ten noorden van de nulmeridiaan
C
Ten noorden van de Noordpool
D
Ten noorden van België

Slide 3 - Quizvraag

3. Welke combinatie gebruik je om een plaats nauwkeurig te situeren met coördinaten?
A
Hoogte en afstand
B
Breedtegraad en lengtegraad
C
Tijdzone en klimaat
D
Noordpool en Zuidpool

Slide 4 - Quizvraag

4. Je ziet op een reliëfkaart veel bruine kleuren en bijgevolg veel gebergtes. Welk soort kaart heb je gebruikt?
A
Topografische kaart
B
Staatkundige kaart

Slide 5 - Quizvraag

5. Op een kaart ligt je bestemming ten noordwesten van je vertrekpunt. In welke richting reis je?
A
Naar rechtsboven
B
Naar linksonder
C
Naar linksboven
D
Naar rechtsonder

Slide 6 - Quizvraag

6. Rachel belt vanuit Belgie met vrienden in Mexico, Kenia en China. Bij haar vrienden is het niet overal hetzelfde uur. Hoe komt dit?
A
De aarde draait rond haar as.
B
De aarde heeft overal een ander klimaat.
C
De aarde draait in een dag rond de zon.
D
De maan draait rond de aarde.

Slide 7 - Quizvraag

7. De aarde draait in ongeveer 24 uur een keer rond haar eigen as. Hoe noemen we deze beweging?
A
Seizoensrotatie
B
Dagboog
C
Aardrevolutie
D
Aardrotatie

Slide 8 - Quizvraag

8. Wanneer het in België middag is, is het op sommige plaatsen nacht. Welke verklaring is correct?
A
De zon schijnt 's nachts minder fel
B
Sommige landen liggen verder van de zon.
C
De zon draait elke dag rond de aarde.
D
Door de bolvorm en rotatie tegenover de zon.

Slide 9 - Quizvraag

9. De wereld is verdeeld in 24 tijdzones. Waarom ongeveer 24?
A
Omdat elke tijdzone 24 graden breed is.
B
Omdat er 24 continenten zijn.
C
Omdat de aarde ongeveer 24 uur nodig heeft voor een rotatie.
D
Omdat er 24 seizoenen zijn.

Slide 10 - Quizvraag

10. In Brussel is het 09.37 uur en in Londen 08.37 uur. Je reist van Brussel naar Londen. Wat doe je met je horloge?
A
Een uur vooruitzetten
B
Twee uur vooruitzetten
C
Een uur terugzetten
D
Niets

Slide 11 - Quizvraag

11. Waarom ontstaan de seizoenen?
A
Omdat de afstand aarde-zon elke maand sterk verandert.
B
Door de schuine aardas en de omloop van de aarde rond de zon.
C
Omdat de aarde in de zomer sneller ronddraait.
D
Omdat de zon in de winter minder energie produceert.

Slide 12 - Quizvraag

12. Het is 21 december. Welke uitspraak over België is correct?
A
De dagen zijn langer dan de nachten.
B
Dag en nacht duren precies even lang.
C
We beleven een van de langste dagen.
D
We beleven een van de kortste dagen.

Slide 13 - Quizvraag