Kals doe Limburgs?
'n Les in 't Limburgs, de taol van Limburg
GRONINGS
TWENTS
ZEEUWS
BRABANTS
LIMBURGS
Kals doe Limburgs?
'n Les in 't Limburgs, de taol van Limburg
GRONINGS
TWENTS
ZEEUWS
BRABANTS
LIMBURGS
Les 5 van de reeks Dialecten in Nederland: elke les is volledig in één dialect. Deze les is geschreven in het Limburgs, naar de spelling en woorden van de Limburgse Wikipedia. Het Limburgs is een verzameling dialecten: de kaarten zijn geschreven in een midden-Limburgse mengvorm, zoals die ook in het Limburgse artikel gebruikt wordt. Op elke kaart zit een knop NL met de vertaling. Voor klas 1 tot 3 van het vo, ongeveer 25 minuten. De notities zijn in het Nederlands, zodat ze ook te lezen zijn voor wie geen Limburgs spreekt. Image credit: LessonUp
Waat leer ich?
Ich kin oetleggen waat 'n dialek is en waat 't Limburgs zoe apart maak.
Alle kaarte zien in 't Limburgs. Zuug doe NL? Tik d'rop veur de vertaoling.
In het Nederlands: Wat leer ik? Ik kan uitleggen wat een dialect is en wat het Limburgs zo apart maakt. Laat de klas het doel eerst zelf proberen te lezen. Wijs op de knop NL: leerlingen mogen eerst raden en dan pas op NL tikken. Image credit: LessonUp
Neum e woord oet 't Limburgs of oet 'n angere dialek wat doe kins
In het Nederlands: Noem een woord uit het Limburgs of uit een ander dialect dat je kent. Verwacht woorden als gezellig, sjoen, ich, doe, mien of een woord uit een familietaal. Alles mag: het gaat om voorkennis, niet om goed of fout. Image credit: LessonUp
Boe kal me Limburgs?
Tik op de letters op de kaart en lees wat d'r in dat stuk gekald weurt.
Kaart: Jeroen, Dutch-dialects.svg, Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0
In het Nederlands: Waar spreekt men Limburgs? In Nederlands en Belgisch Limburg, maar ook in stukken van Wallonië en Duitsland. De grens is niet scherp: het belangrijkste kenmerk is het gebruik van sleeptoon en stoottoon (tonaliteit), en dat gebied loopt niet precies samen met de provinciegrens. L is Zuid-Limburg (gebied 24) en N is het noorden van Limburg (gebied 21), waar de dialecten veel meer op het Brabants lijken. De kaart is gebaseerd op de indeling van Jo Daan, die in de taalkunde een punt van discussie blijft. Bron kaart: Jeroen, Dutch-dialects.svg, Wikimedia Commons (CC BY-SA 3.0). Image credit: Jeroen, Dutch-dialects.svg, Wikimedia Commons (CC BY-SA 3.0) Image credit: LessonUp
Waat is 'n dialek?
'n Dialek is gein 'foute Nederlands'. 't is de taol van 'n streek, mit eige wäörd, eige klanke en 'n eige grammatica.
LIMBURGS
Aan de klas
Kernidee van de les: een dialect is een regionale taalvorm met eigen uitspraak, woordenschat en grammatica. Taalkundigen gebruiken ook de neutralere woorden variant of taalvariant, omdat dialect in de volksmond vaak klinkt als niet-standaard. Het Standaardnederlands is zelf ook een variant die de standaard is geworden. Vraag na de kaart: welk woord uit de tekst vind je het mooist, en waarom? Image credit: LessonUp
't Limburgs is erkind
In 1997 haat Nederland 't Limburgs officieel erkind es streektaol. In Belsj Limburg is dat nog neet gebäörd.
LIMBURGS
Aan de klas
In 1997 tekende de Nederlandse overheid het Europees handvest voor regionale talen of talen van minderheden en erkende daarmee het Limburgs als streektaal. De Belgische overheid heeft het Kaderverdrag inzake de bescherming van nationale minderheden in 2001 ondertekend, maar Vlaanderen weigert dat te ratificeren, daarom bestaat het Limburgs in Belgisch Limburg nog niet officieel. Het Limburgs is een van de vijf onder het Handvest erkende minderheidstalen in Nederland, samen met het Nedersaksisch, het Jiddisch, het Sinti-Romanes en het Fries. Image credit: LessonUp
Waat is waor van 'n dialek?
In het Nederlands: Wat klopt er over een dialect?
'n Dialek is de taol van 'n streek, mit eige wäörd en klanke.
'n Dialek is foute Nederlands.
'n Dialek kal me allein es me aaw bis.
'n Dialek haat gein grammatica.
Goed antwoord: A. In het Nederlands: een dialect is de taal van een streek, met eigen woorden en klanken. B is de hardnekkigste misvatting: een dialect is geen verkeerde versie van het Nederlands. C klopt niet, ook jongeren spreken dialect. D klopt niet: elk dialect heeft een eigen grammatica. Image credit: LessonUp
't Limburgs haat muziek
't Limburgs haat twie toene: de sleeptoon en de stoottoon. In Mestreech zeg me 'eine stein' en 'twie stein': 't zelfde wäörd, meh mit 'ne angere toon.
LIMBURGS
Aan de klas
Veel Limburgse dialecten hebben tonen: met een verschil in toonhoogte verander je de betekenis van een woord. In Maastricht heeft eine stein (een steen) een hoge vlakke sleeptoon en twie stein (twee stenen) een dalende stoottoon. Probeer het met de klas: laat ze beide zinnen met een hoge en met een dalende toon zeggen. Het gebruik van sleeptoon en stoottoon geldt in het artikel over het Limburgs als het belangrijkste kenmerk van het Limburgs. In sommige gebieden is het toonsysteem verdwenen, en de dialecten ten zuiden van Maastricht kennen geen tonaliteit. Image credit: LessonUp
Ich en doe
Veur 'ik' zeg me 'ich' en veur 'jij' zeg me 'doe'. Dat hoor ze in väöl Limburgse dialekte. Ouch 'ui' en 'ij' weure 'oe' en 'ie'.
LIMBURGS
Aan de klas
Het tweede belangrijkste kenmerk van het Limburgs, door de meeste dialecten gedeeld, is het woordje ich (of iech) voor ik. Het derde is het voornaamwoord doe (soms diech); de westelijke dialecten (Belgisch Limburg vanaf Hasselt) gebruiken daarvoor het Nederlandse gij. Verder komen de Nederlandse ui en ij terug als oe en ie. In veel dialecten wordt de t aan het eind van een woord na veel medeklinkers niet uitgesproken (slech voor slecht). Image credit: LessonUp
Drei geslaachte
't Limburgs haat, wie 't Duits, drei geslaachte: dee maan, die vrouw, dat keend. Dus zeg me 'ne sjoene maan, 'n sjoen vrouw, e sjoen keend.
LIMBURGS
Aan de klas
Het Limburgs heeft een eigen verbuigingssysteem dat zowel van het Hollands-Brabantse als van het Duitse afwijkt. Er zijn drie grammaticale geslachten (mannelijk, vrouwelijk, onzijdig), met de lidwoorden dee, die, dat en eine(n), ein, ei(n). Het meervoud volgt de vrouwelijke vorm. Typisch Limburgs is dat het bijvoeglijk naamwoord bij vrouwelijk en meervoud in enkele gevallen de -e laat vallen: dee/eine sjoene maan, die/ein sjoen vrouw, dat/ei sjoen keend, die sjoen minse. Image credit: LessonUp
Waat is waor van 't Limburgs?
In het Nederlands: Wat klopt er over het Limburgs?
't Limburgs zeit 'jij' wie 't Nederlands.
't Limburgs haat twie toene: sleeptoon en stoottoon.
Allein in Zuid-Limburg kal me Limburgs.
't Limburgs is neet erkind.
Goed antwoord: B. In het Nederlands: het Limburgs heeft twee tonen, de sleeptoon en de stoottoon. A klopt niet: in veel Limburgse dialecten zegt men doe voor jij. C klopt niet: het Limburgs wordt ook in Noord-Limburg en deels in België, Wallonië en Duitsland gesproken. D klopt niet: het Limburgs is sinds 1997 in Nederland erkend als streektaal. Image credit: LessonUp
Boe hoort dit?
Sleep elk woord naar de taal waarin je het zo zegt. Ich en ik betekenen allebei 'ik', doe en jij allebei 'jij'.
LIMBURGS
NEDERLANDS
jij
ich
ik
doe
In het Nederlands: Waar hoort dit? Goed: ich en doe horen bij het Limburgs, ik en jij bij het Nederlands. Bespreek na het nakijken of leerlingen ook zulke korte woorden kennen die in hun eigen streek anders zijn. Image credit: LessonUp
Welk wäörd oet dien streek snap neet iederein? Waat beteikent 't?
In het Nederlands: Welk woord uit jouw streek snapt niet iedereen? Wat betekent het?
Verwacht woorden als gezellig, sjoen, mien, joh, boeie of woorden uit een thuistaal. Er is geen goed of fout: laat leerlingen het woord elkaar uitleggen en vraag door: waar komt het vandaan, wie zegt het, en zou je het ook tegen je leraar zeggen? Een misvatting die je kunt tegenkomen: een woord dat in mijn familie gewoon is, is vanzelf verkeerd Nederlands. Vraag dan: voor wie zou het fout zijn? Image credit: LessonUp
Kal ein in diene femilie 'n dialek?
Jao, ich kal 't zelf
Jao, ein in mien femilie, ich verstoon 't
Ich ken e paar wäörd
Nei, bij ons neet
In het Nederlands: Praat iemand in je familie een dialect? Opties: ja, ik praat het zelf; ja, iemand in mijn familie, ik versta het; ik ken een paar woorden; nee, bij ons niet. Afsluitende reflectie, geen goed of fout. Wie nee antwoordt, praat ook een regionale variant van het Nederlands: een accent of een eigen woordenschat telt mee. Image credit: LessonUp
Slotdia met de link naar de themalessen van LessonUp. Image credit: LessonUp