11.2 Alkanen en alkenen

11.2 Alkanen en Alkenen
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
ScheikundeMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 4

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

11.2 Alkanen en Alkenen

Slide 1 - Tekstslide

Doelen van deze les
Je kunt de verschillen tussen alkanen en alkenen beschrijven.
Je kunt de algemene formules van alkanen en alkenen gebruiken om de molecuulformule te noteren.
Je kunt de structuurformules van enkele alkanen en alkenen tekenen.
Je kunt het kraakproces beschrijven en weergeven in een reactievergelijking.
Je kunt temperaturen in graden Celsius en kelvin omrekenen.

Slide 2 - Tekstslide

Koolstof
We hebben het over koolstofchemie. Dat betekent dat we het dus ook over koolstof hebben. 

Een koolstofatoom heeft als eigenschap dat het 4 bindingen aan kan gaan. Bij koolwaterstoffen gaan koolstof dus bindingen aan met koolstof of waterstof. 

Slide 3 - Tekstslide

Alkanen
Alle alkanen zijn koolwaterstoffen, maar niet alle koolwaterstoffen zijn alkanen. 

Een alkaan is een verzadigde verbinding. Dat betekent dat alle bindingen vol zitten. Er kan geen atoom meer bij. 


Slide 4 - Tekstslide

Alkanen

Slide 5 - Tekstslide

Alkanen

Slide 6 - Tekstslide

Reeksen
Alkanen hebben nog iets bijzonders. Je kunt de reeks namelijk voorspellen. Alkanen hebben een formule die je kunt volgen.

CnH2n+2 

Lijkt even moeilijk, maar volg mij even. 

Slide 7 - Tekstslide

CnH2n+2
De C staat voor Koolstof, de n erachter staat voor een bepaald aantal. n=dus aantal.

De H staat voor waterstof, en de 2n staat voor 2x het aantal wat bij de C staat. 

+2 betekent gewoon 2 erbij tellen.  

Nu een voorbeeld, nog niet uitzonen ;-)

Slide 8 - Tekstslide

CnH2n+2
C4H10 is Butaan. Gaan we kijken hoe die formule past.

De 4 bij C4 is dus het aantal van de "n". Als je dan die 4x2 doet voor de H krijg je 8. Als je er dan 2 bij optelt, kom je op 10. 

Wat krijg je dan voor formule als je 6 koolstofatomen hebt? 
Schrijf op en laat zien!

Slide 9 - Tekstslide

Ethaan heeft 2 koolstofatomen, wat is de molecuulformule? Gebruik: CnH2n+2.

Slide 10 - Open vraag

Nonaan heeft 9 koolstofatomen, wat is de molecuulformule? Gebruik: CnH2n+2.

Slide 11 - Open vraag

Kraken en polymerisatie
Zulke lange ketens koolwaterstoffen hebben we vaak niet veel aan. Dat betekent dat we deze ketens breken en er kleinere koolwaterstoffen van maken. Dit noemen we kraken

Soms houd je juist te kleine ketens over, deze kun je weer aan elkaar schakelen. Dit noem je polymerisatie

Slide 12 - Tekstslide

Kraken
Kraken kun je op 2 manieren doen:

Thermisch kraken, mbv warmte. 

Katalytisch kraken, mbv een katalysator. 
Een katalysator is in de scheikunde een stof die de snelheid van een specifieke chemische reactie beïnvloedt zonder zelf verbruikt te worden.

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide

Alkenen
Dan zijn er ook nog de alkenen. Bij deze koolwaterstoffen zijn niet alle bindingen vol. 

Er is nog een plekje, maar die is niet opgevuld. Daarom is er een dubbele binding ontstaan. 

Slide 15 - Tekstslide

Celsius & Kelvin
0 K is het absolute nulpunt

Slide 16 - Tekstslide

wat is 25 graden Celsius in kelvin?
A
25 K
B
298,15 K
C
298 K
D
-248 K

Slide 17 - Quizvraag

Hoeveel Kelvin is 100 graden Celsius
A
373
B
173
C
73
D
-273

Slide 18 - Quizvraag

Hoeveel graden Celsius is 578 Kelvin?
A
851 graden Celsius
B
505 graden Celsius
C
305 graden Celsius
D
205 graden Celsius

Slide 19 - Quizvraag

Lezen en maken:
11.2 Alkanen en alkenen alle opgv uit het boek 

Slide 20 - Tekstslide