Introductie Macht en gezag

Macht


Verhouding
"De betekenis die een samenleving geeft aan de verschillen tussen mensen"
1 / 19
volgende
Slide 1: Tekstslide
MaatschappijwetenschappenMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

In deze les zitten 19 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Macht


Verhouding
"De betekenis die een samenleving geeft aan de verschillen tussen mensen"

Slide 1 - Tekstslide

Leerdoelen
Je kan uitleggen wat het macht inhoudt, de twee elementen van het kernconcept macht onderscheiden en herkennen in een bron.  

Je kunt de vier machtsbronnen beschrijven en herkennen in een bron

Je kent het verschil tussen informele en formele macht en kunt deze herkennen in een bron


Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Video

In hoeverre hadden de jongens van Streetlab macht in dit filmpje?

Slide 4 - Open vraag

Macht
Het vermogen om hulpbronnen in te zetten om bepaalde doelstellingen te bereiken en de handelingsmogelijkheden van anderen te beperken of te vergroten. 
Je bezit dus iets of je hebt bepaalde kenmerken die jou kunnen helpen om jouw doelen te bereiken waarmee je anderen helpt of juist tegenwerkt. 

Slide 5 - Tekstslide

Macht
Je hebt dus macht wanneer...
  1. je de mogelijkheid hebt om hulpbronnen in te zetten om jouw doel te bereiken.
  2. je een andere actor kan beperken in zijn mogelijkheden of die ander juist meer mogelijkheden kan geven. 

Slide 6 - Tekstslide

Aan wie denk jij als jij denkt aan iemand met macht?

Slide 7 - Open vraag

Wanneer heb je macht?
4 soorten machtsbronnen
  1. Affectieve: invloed op grond van gevoel en emoties (ouders)
  2. Cognitieve: invloed op basis van kennis (virologen)
  3. Economische: invloed op basis van geld of het bezit van schaarse goederen 
  4. Politieke: invloed van de overheid of politieke machtsdragers

Bij macht is sprake van een asymmetrische relatie tussen personen. 
Daarnaast kan macht zowel formeel als informeel zijn. 

Slide 8 - Tekstslide

Wanneer heb je macht?
Vul jouw antwoord hiervoor aan. Waarom heeft deze persoon juist macht? Over welke machtsbronnen beschikt deze persoon?

Slide 9 - Tekstslide

Wat weet je nog van macht?

Slide 10 - Open vraag

Wanneer heb je macht?
Formele macht
  • Macht die iemand heeft op grond van zijn positie én welke is vastgelegd in regels.

Informele macht
  • Macht die iemand heeft op basis van uitstraling, kennis of charisma en welke niet is vastgelegd. 

Slide 11 - Tekstslide

Macht
Formele of informele macht?

Slide 12 - Tekstslide

Een docent heeft...
A
Formele macht
B
Informele macht

Slide 13 - Quizvraag

Wanneer iemand je kan dwingen om iets te doen omdat hun macht is vastgelegd in een reglement, spreken we van...
A
Formele macht
B
Informele macht

Slide 14 - Quizvraag

Wat klopt niet?
A
Macht kun je op formele en informele basis hebben
B
Macht gaat niet altijd gepaard met geweld
C
Vrienden hebben ook een vorm van macht
D
Macht is altijd vastgelegd in de wet

Slide 15 - Quizvraag

De overheid heeft veel macht op basis van:
A
Affectieve machtsbronnen
B
Cognitieve machtsbronnen
C
Economische machtsbronnen
D
Politieke machtsbronnen

Slide 16 - Quizvraag

Slide 17 - Video

Macht, en gezag!
Macht: het vermogen om hulpbronnen in te zetten om bepaalde doelstellingen te bereiken en de handelingsmogelijkheden van anderen te beperken of te vergroten. 

Gezag: macht die als legitiem wordt beschouwd. Macht wordt als rechtvaardig en passend  gezien voor de actor met macht. Anderen accepteren vrijwillig de macht van de actor. 

Slide 18 - Tekstslide

In hoeverre heeft de Nederlandse overheid gezag volgens jou? Leg uit!

Slide 19 - Open vraag