Wiederholung Periode 1 Proefwerkweek

Wiederholung 
für die Klassenarbeit
1 / 30
volgende
Slide 1: Tekstslide
DuitsMiddelbare schoolvmbo k, g, tLeerjaar 1,2

In deze les zitten 30 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Wiederholung 
für die Klassenarbeit

Slide 1 - Tekstslide

Lesdoel 
De herhaling van de grammatica voor de proefwerkweek. 

Slide 2 - Tekstslide

1. Fragewörter
Sleepvraag!

Slide 3 - Tekstslide

Wo
Wann
Wer
Wohin
Woher
Warum
Welch-
Was
Wie
Waar
Wie
Wat
Wanneer
Hoe
Waarom
Welk
waarheen
waar vandaan

Slide 4 - Sleepvraag

..... alt bist du?

A
Wie?
B
Wo?
C
Was?
D
Wann?

Slide 5 - Quizvraag

..... ist das? Das ist Henk, mein Vater.

A
Wie?
B
Was?
C
Wann?
D
Wer?

Slide 6 - Quizvraag

..... bist du geboren?

A
Wann?
B
Woher?
C
Wohin?
D
Wer?

Slide 7 - Quizvraag

..... ist deine Handynummer?

A
Wer?
B
Wann?
C
Was?
D
Warum?

Slide 8 - Quizvraag

..... kommt er? Er kommt aus Stuttgart.

A
Warum?
B
Welche?
C
Wo?
D
Woher?

Slide 9 - Quizvraag

2. Getallen
(Zahlen)

Slide 10 - Tekstslide

17

Slide 11 - Open vraag

45

Slide 12 - Open vraag

12

Slide 13 - Open vraag

3. Haben/Sein/Werden
(Schwache Verben)

Slide 14 - Tekstslide

Wiederholung
haben
sein
ich  

du

er/sie/es 

wir

ihr

sie / Sie 
hast
ist
seid
bin
hat
bist
sind
haben
habt
habe
haben
sind

Slide 15 - Sleepvraag

Wann ________ du Geburtstag?
A
habe
B
hast
C
haben
D
habest

Slide 16 - Quizvraag

Ich ______ 15 Jahre alt
A
binst
B
bin
C
sein
D
sind

Slide 17 - Quizvraag

Wir _______ viel Spaß haben in den Ferien.
A
werd
B
werdest
C
werden
D
werde

Slide 18 - Quizvraag

Wir ______ müde von der Party gestern.
A
bist
B
bin
C
ist
D
sind

Slide 19 - Quizvraag

Lisa und Tim _____ ein großes Haus
A
haben
B
habe
C
habt
D
hast

Slide 20 - Quizvraag

4. Zwakke werkwoorden
(Schwache Verben)

Slide 21 - Tekstslide

ich
du
er/sie/es
wir
ihr
sie/ Sie
e
st
t
en
en
t

Slide 22 - Sleepvraag

Vervoeg het Duitse zwakke werkwoord spielen (= spelen).                                  
ich
du
er/sie/es

wir
ihr
sie/Sie
Denk aan de stam!
spielen
spielen
spielst
spiele
spielt
spielt

Slide 23 - Sleepvraag

Wat gebeurt bij werkwoorden met een s klank aan het einde van de stam?
A
Niets
B
Alleen uitgang t bij du
C
uitgang -et bij du
D
extra -s bij du

Slide 24 - Quizvraag

Wat gebeurt bij werkwoorden met een d/t aan het einde van de stam?
A
Niets
B
extra e bij du er/sie/es en ihr
C
uitgang -et bij du
D
extra -s bij du

Slide 25 - Quizvraag

machen
Warum ... er das
A
machen
B
macht
C
mache
D
machst

Slide 26 - Quizvraag

lieben
... du deine Freundin?
A
liebe
B
lieben
C
liebt
D
liebst

Slide 27 - Quizvraag

heißen
Ihr ... Sandra und Felix.
A
heißen
B
heißt
C
heißst
D
heiße

Slide 28 - Quizvraag

wohnen
Ich … in Berlin.
A
wohne
B
wohnst
C
wohnen
D
wohnt

Slide 29 - Quizvraag

lieben
Warum ... er Fußball so sehr?
A
liebt
B
liebe
C
lieben
D
liebst

Slide 30 - Quizvraag