Cornelius Nepos SE 704 bespreking

Dit is hoe de les in elkaar zit:

-  Je maakt eerst een aantal vragen voor je de proefvertaling komt inzien.
- Dan kom je de proefvertaling halen + inzien
- Daarna maak je een paar vragen over de gelezen stof
- Daarna lever je je werk van de proefvertaling in en kom je je gelezen stoftoets ophalen.
- Nadat je deze hebt ingezien kom je weer al het werk inleveren.
Je hebt één lesuur de tijd hiervoor. Je bent er zelf verantwoordelijk voor dat alles weer NETJES ingeleverd is. 
1 / 35
volgende
Slide 1: Tekstslide
LatijnMiddelbare schoolvmbo lwoo, vwoLeerjaar 5

In deze les zitten 35 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Dit is hoe de les in elkaar zit:

-  Je maakt eerst een aantal vragen voor je de proefvertaling komt inzien.
- Dan kom je de proefvertaling halen + inzien
- Daarna maak je een paar vragen over de gelezen stof
- Daarna lever je je werk van de proefvertaling in en kom je je gelezen stoftoets ophalen.
- Nadat je deze hebt ingezien kom je weer al het werk inleveren.
Je hebt één lesuur de tijd hiervoor. Je bent er zelf verantwoordelijk voor dat alles weer NETJES ingeleverd is. 

Slide 1 - Tekstslide

Cornelius Nepos SE 703& 704 bespreking

Slide 2 - Tekstslide

exercitus summam imperii ad eum detulit. Een leerling vertaalt: het leger heeft het volledige gezag overgedragen aan Hannibal. Welke regel heeft deze leerling over het hoofd gezien?

Slide 3 - Open vraag

id
A
mannelijk
B
vrouwelijk
C
onzijdig

Slide 4 - Quizvraag

id probatum est: dit is/werd goedgekeurd (niet: hij is/werd goedgekeurd)

Slide 5 - Tekstslide

proximo triennio.
A
congrueert
B
congrueert niet

Slide 6 - Quizvraag

detulit
A
zij hebben overgedragen
B
hij heeft overgedragen
C
hij werd overgedragen
D
hij was overgedragen

Slide 7 - Quizvraag

subegit
A
hij heeft onderworpen
B
zij werden onderworpen
C
hij heeft zich onderworpen
D
hij is onderworpen

Slide 8 - Quizvraag

vi
A
nom. pl. van vir, mannen
B
abl. sg. van vis, geweld
C
abl.sg. van via, straat
D
3e sg. van velle, willen

Slide 9 - Quizvraag

civitatem komt van
A
civis, civis (burger)
B
civitas, civitatis (stad)

Slide 10 - Quizvraag

Saguntum subegit
A
Saguntum werd veroverd
B
hij heeft Sagunto veroverd
C
hij heeft Saguntum veroverd
D
Sagunto werd veroverd

Slide 11 - Quizvraag

tres exercitus maximos. Kan dit congrueren?
A
ja
B
nee

Slide 12 - Quizvraag

cum fratre Hasdrubale
A
met zijn broer Hasdrubal
B
met de broer van Hasdrubal

Slide 13 - Quizvraag

secum komt van
A
secus (adv). op een andere manier
B
cum se : met zich(zelf)

Slide 14 - Quizvraag

let op: als er adv. achter een woord in het woordenboek staat, betekent dat dat het een bijwoord is. Die veranderen NIET van vorm

Slide 15 - Tekstslide

ut saltum Pyrenaeum transiit. Een leerling vertaalt dit met 'Toen ging hij naar de andere kant van de Pyrenaeen'. Wat gaat er mis met de vertaling van 'ut'?

Slide 16 - Open vraag

ut saltum Pyrenaeum transiit. Een leerling vertaalt: "zodra met bergwoud van de Purenaeen naar de andere kant is gegaan, " Welk advies geef je deze leerling?

Slide 17 - Open vraag

cum + ind.
cum + coni.
cum + abl. 
samen met (van personen)
toen
omdat
hoewel
wanneer

Slide 18 - Sleepvraag

cum omnibus incolis conflixit.
Een leerling vertaalt: hij is toen met alle inwoners in gevecht geraakt. Wat gaat er mis bij de vertaling van cum?

Slide 19 - Open vraag

neminem komt van
A
nemo, inis (niemand)
B
nemus, nemoris (bos)

Slide 20 - Quizvraag

itinera muniit
A
hij bouwde wegen
B
hij ommuurde wegen

Slide 21 - Quizvraag

alterum cum Hasdrubale fratre in Hispania reliquit,
A
cum is hier een voegwoord
B
cum is hier een voorzetsel

Slide 22 - Quizvraag

effecit ut
A
om ervoor te zorgen dat
B
hij zorgde ervoor dat
C
er werd voor gezorgd dat
D
ze zorgden ervoor dat

Slide 23 - Quizvraag

elephantus ornatus ire posset,
A
opgetuigde olifanten konden gaan
B
opgetogen olifanten konden gaan
C
een olifant kon opgetuigd worden
D
een opgetuigde olifant kon gaan

Slide 24 - Quizvraag

Kom nu je proefvertaling halen (opgave - eigen werk - correctievoorschrift)
Tel de punten na.

n.b.: de zinnen zijn opgedeeld in stukjes waarvoor je punten kunt halen. ZO'n stukje heet een kolon (mv. kola). In de kantlijn staat bijv.:
3: 2/4. Dat betekent dat je voor het derde kolon 2 van de 4 punten hebt gehaald.

Slide 25 - Tekstslide

Hoe tevreden ben je met je proefvertaling?
😒🙁😐🙂😃

Slide 26 - Poll

Hoe ga je je voorbereiden op de volgende proefvertaling?
A
Elke les huiswerk maken
B
extra proefvertaling maken
C
Aantekeningen maken tijdens de les
D
extra werken in grammatica-katern

Slide 27 - Quizvraag

Hoe kan je docent je helpen?

Slide 28 - Open vraag

Voordat je naar de gelezen stof toets gaat.. Hoeveel uur kostte de voorbereiding je ?
020

Slide 29 - Poll

Hoe vaak heb je je huiswerk gemaakt in de aanloop naar deze toets?
A
(bijna) altijd
B
vaker wel dan niet
C
vaker niet dan wel
D
vrijwel nooit

Slide 30 - Quizvraag

Wat heb je tijdens de lessen wél gedaan?
A
zoveel mogelijk aantekeningen gemaakt
B
de vertaling nagekeken
C
vragen gesteld als ik iets niet begreep
D
opgelet bij uitleg

Slide 31 - Quizvraag

In hoeverre had je zelf ervoor gezorgd dat alles (aantekeningen, uitwerkingen) in je schrift stond?
😒🙁😐🙂😃

Slide 32 - Poll

Lever je SE 704  ( eigen werk, correctievoorschrift, evt. opgaveblad) in.
Kom je SE 703 halen (eigen werk, correctievoorschrift evt. opgaveblad).

Tel je punten na, bekijk de toets, kom naar de docent als je vragen hebt. 

Slide 33 - Tekstslide

Heb je verder nog ideeen over wat je kunt doen om je voor te bereiden op de volgende proefvertaling?

Slide 34 - Open vraag

ut + coni.
ut + ind. 
om te 
toen
zodra
opdat

Slide 35 - Sleepvraag