Les 3 Module Evalueren - Evaluatieverslag

Module Evalueren

Les over het schrijven van een evaluatieverslag
Fase 3: Organiseren van de zorg

1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quiz en tekstslides.

Onderdelen in deze les

Module Evalueren

Les over het schrijven van een evaluatieverslag
Fase 3: Organiseren van de zorg

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Programma
1. Welkom
2. Aanwezigheidsregistratie
3. Energizer
4. Terugblik vorige les
5. Lesdoel I en stukje theorie
6. Aan de slag
7. Theorie: Evaluatieverslag
8. Lesdoel check en afsluiting

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aanwezigheidsregistratie
Aanwezigheid zal door de docent geregistreerd worden. Aanwezigheid kan meerdere malen tijdens de les worden gedaan. Bij vroegtijdig verlaten van de les, zonder geldige reden, zal je op 'ongeoorloofd afwezig' staan. 

Ben je te laat? Geef dit dan door aan het einde van de les aan de docent. Dit is jouw verantwoordelijkheid. 

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Energizer 
Blinde verbeelding

- De eerste persoon die gaat tekenen trekt een kaart van de voorwerpkaarten.

- Zij gaat voor de groep bij de flip-over of het whiteboard staan en sluit haar ogen.
Terwijl ze tekent, probeert de rest van de groep te raden wat het is.

- Hier geldt dat iedereen die het juiste woord raad een punt krijgt. De tekenaar krijgt dan ook een punt.

- Na de eerste ronde geeft de tekenaar de stift aan een volgend persoon.


Slide 4 - Tekstslide

Blinde verbeelding

Voorbereiding: Voor deze energizer heb je stiften en papier nodig. Je kunt de oefening ook plenair uitvoeren. Dan heb je een whiteboard of flip-over nodig met een paar (werkende) markers.
Daarnaast heb je een aantal kaartjes of briefjes nodig met namen van voorwerpen er op. Hier zijn een aantal voorbeeldwoorden:
  • Sleutel
  • Theekop
  • Bushalte
  • Boot
  • Tuinpad
  • Kaasschaaf
Uitleg voor subgroepjes:
Vorm twee- of drietallen. Laat ze bepalen wie er begint met tekenen.
Elke subgroep neemt plaats rond een eigen tafel met leeg papier, stiften en een stapeltje voorwerpkaarten.

De tekenaar van elke groep trekt een kaart. Hij bekijkt hem zonder dat de rest kan zien wat er op staat.
Nu sluit hij zijn ogen en tekent (naar beste eer en geweten) het voorwerp zonder te spreken.
De anderen van de groep mogen raden wat het is.
Nadat de tekenaar klaar is, wisselt de tekenbeurt naar de volgende persoon aan tafel.
Speel het zo lang tot ten minste iedereen 2x heeft getekend.
Wie het juist raadt krijgt een punt.
Wanneer het getekende is geraden, krijgt de tekenaar ook een punt.

Uitleg plenair:
De eerste persoon die gaat tekenen trekt een kaart van de voorwerpkaarten.
Zij gaat voor de groep bij de flip-over of het whiteboard staan en sluit haar ogen.
Terwijl ze tekent, probeert de rest van de groep te raden wat het is.
Ook hier geldt dat iedereen die het juiste woord raad een punt krijgt. De tekenaar krijgt dan ook een punt.
Na de eerste ronde geeft de tekenaar de stift aan een volgend persoon.
Speel zo lang tot iedereen één à twee keer is geweest. Laat dit afhangen van de groepsgrootte.
Het kan zijn dat het woord niet wordt geraden en de tekenaar niet meer weet wat zij/hij nog meer kan tekenen. Help dan door het spel af te breken en de tekenaar het woord te laten zeggen.
Je wil immers voorkomen dat de energie er uit gaat en de tekenaar gefrustreerd raakt.

Groepsgrootte: 2 tot 12 personen
Tijdsduur: 10 à 15 minuten
Effect: Deze ice-breaker roept veel humor op omdat de tekeningen vaak radicaal mislukken.

Doordat iedereen een keer tekent heeft iedereen zich kwetsbaar laten zien. Hierdoor ontstaat een open en ontspannen sfeer in de groep.
timer
1:00
1 minuut om te noteren wat jij nog weet van de vorige les!

Slide 5 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoel I



  • Op methodische wijze verzamel je de gegevens die aansluiten bij het evaluatieplan. (stap 4 eindopdracht)

  • Op methodische wijze analyseer je de gegevens volgens je evaluatieplan. (stap 5 eindopdracht)







Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Uitvoeren van je evaluatieplan
Stap 3 van de eindopdracht
  • Je gaat dus gegevens verzamelen ten behoeve van de evaluatie.


Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Analyseren gegevens evaluatieplan
Stap 5 van de eindopdracht

Je hebt verschillende bronnen gebruikt om informatie te verzamelen, deze informatie werk je uit en voeg je toe in jij bijlage (denk aan gespreksverslag, rapportage, observatieverslag etc.).

De opgedane informatie ga je analyseren. Wat is analyseren?


Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Analyseren?

Analyseren is het grondig onderzoeken en het ontleden van ‘iets’.


De verzamelde informatie vanuit je evaluatieplan ga je goed doornemen op basis van je product- en procesvragen om je evaluatieverslag te kunnen schrijven.

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoel II
1. Je schrijft een gestructureerde evaluatieverslag. 
Hierin beschrijf en onderbouw je;

  • Antwoord op je product- en procesvragen
  • Conclusie t.a.v. de geboden ondersteuning
  • Aanbevelingen t.a.v. de geboden ondersteuning 
2. Je maakt inzichtelijk of de geboden ondersteuning aan de cliënt nog aansluiten bij de behoeften, wensen, mogelijkheden, kracht en eigen regie van de cliënt (aanbevelingen).


Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Van Evaluatieplan naar Evaluatieverslag
Na het schrijven van een je evaluatieplan - ga je deze uitvoeren - tijdens het uitvoeren verzamel je gegevens/ resultaten (LET OP! De resultaten/ gegevens moeten betrouwbaar zijn; denk aan gespreksverslag/ observatieplan - voeg altijd toe als bijlage)- deze werk je verder uit in het EVALUATIEVERSLAG.

Vandaag gaan we kijken naar het EVALUATIEVERSLAG!

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Aan de slag!

Lees het format door van het evaluatieverslag door.

Noteer voor jezelf de onderdelen die onduidelijk zijn of de vragen die het bij je oproept.


Met elkaar bespreken we de onduidelijkheden/ vragen!
timer
10:00

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Theorie - Evaluatieverslag


Pak je pen/papier/laptop erbij voor aantekeningen!!

Houd rekening met elkaar 
en 
focus je op de instructie!       

  
Lesmateriaal/ Boek:
Evaluatieverslag te vinden op Sharepoint.

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Evaluatieverslag: Verslag




Je neemt je product- en procesvragen over uit het OP en geeft aan hoe er gewerkt is aan:

- de gestelde doelen (productvragen). 

- hoe is het proces verlopen (procesvragen).

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Evaluatieverslag: Conclusie





Je schrijft een conclusie m.b.t. het resultaat van de gestelde product- en procesvragen.

Hier verbind je het verslag (hoe is er gewerkt aan de geboden ondersteuning t.a.v. product- en procesvragen) met een conclusie over de geboden ondersteuning (wat is het resultaat van de geboden ondersteuning t.a.v. de product- en procesvragen)

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Evaluatieverslag: Aanbevelingen



Hier beschrijf je per product- en procesvraag welke aanbevelingen t.a.v. de geboden ondersteuning. Is het doel behaald? Moet het doel worden bijgesteld?  Moet de ondersteuning worden aangepast?  Moeten er nieuwe doelen worden geformuleerd.

Je verbind je dus het verslag en de conclusie en bedenk aanbeveling!  

Besteed aandacht aan: sloot de geboden ondersteuning aan op de behoeften, wensen, mogelijkheden, kracht en eigen regie van de cliënt?

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Tip; maakt het overzichtelijk!

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Evalueren met post-it's

Elke student krijgt 2 post-it's

- Schrijf op post-it 1:  Is het lesdoel behaald vandaag?
Ja/ Nee + korte toelichting

- Schrijf op post-it 2: Tip en Top voor de les (inhoud/ proces)?
Tip/ Top + korte toelichting

Plak de post-it's op het bord en bespreek kort na met elkaar!


Slide 18 - Tekstslide

De deelnemers schrijven op een A4’tje wat ze vandaag geleerd hebben. Ze maken hiervan een prop. Als de docent het zegt mogen ze deze door de ruimte gooien. Dan pakt elke deelnemer een sneeuwbal, vouwt deze open en schrijft of ze de doelen van vandaag behaald hebben. Er worden weer ballen van gemaakt en opnieuw als de docent het zegt door de klas gegooid.
Dan pakt elke deelnemer weer een sneeuwbal, vouwt deze open en schrijft een tip op voor de inhoud van de les van vandaag. Er worden weer ballen van gemaakt en deze worden op het teken van de docent opnieuw door de klas gegooid.
Dan pakt elke deelnemer weer een sneeuwbal, vouwt deze open en schrijft een tip op voor de docent. Er worden weer ballen van gemaakt en nu worden alle sneeuwballen naar de docent gegooid.
Door deze werkvorm gaan deelnemers nog even bewust nadenken wat ze nu gedaan hebben, wat ze geleerd hebben en hoe ze dit kunnen toepassen. En doordat het redelijk anoniem is krijg je vaak hele goede tips.
Afsluiting & Huiswerk
Ga aan de slag met stap 3, 4 en 5 uit de eindopdracht. 
Neem dit mee naar de volgende les!

Zijn er nog vragen?

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Maak er een mooie dag van!

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies