Hoofdstuk 2 paragraaf 3 Jodendom en Christendom

Jodendom en christendom
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Jodendom en christendom

Slide 1 - Tekstslide

Doelen voor deze les: 
  • • Je kan het volgende kenmerkend aspect in je eigen woorden uitleggen: ‘De ontwikkeling van het jodendom en het christendom als de eerste monotheïstische godsdiensten.’
  • • Je kan uitleggen hoe het jodendom zich ontwikkelde.
  • • Je kan uitleggen hoe het christendom ontstond.
  • • Je kan uitleggen hoe het christendom de Romeinse staatsgodsdienst werd.
  • • Je kan uitleggen hoe het monotheïsme is ontstaan.
  • • Je kan het verschil tussen het Joodse geloof en het christendom uitleggen.
  • • Je kan uitleggen waar de christenen in geloven.
  • • Je kan uitleggen waar de christenen in verschilden ten opzichten van de joden.
  • • Je kan het verschil uitleggen tussen godsdienstvrijheid en staatsgodsdienst.
  • • Je kan het verschil tussen de Bijbel en de Tenach uitleggen.

Slide 2 - Tekstslide

Lesdoel: ‘De ontwikkeling van het jodendom en het christendom als de eerste monotheïstische godsdiensten.’

Slide 3 - Open vraag

Slide 4 - Video

Leg de verschillen uit tussen het Jodendom en het Christendom.

Slide 5 - Open vraag

Noem 1 overeenkomst tussen de Christenen en de Joden.

Slide 6 - Open vraag

Het jodendom
Heilige boek: De Tenach. 

  • Er is maar één god: Monotheisme. 
  • Dit is volgens wetenschappers geleidelijk ontstaan. 
  • Geloof in andere goden werd onderdrukt en/of ontkend. 
  • Plaats waar joden samenkomen heet de synagoge. 
  • Zij geloven dat dat God een nieuwe koning zou sturen genaamd de Messias. Die hun koninkrijk in de oude glorie zou herstellen. 
  • 66 n.C.: Romeinse slaan een joodse opstand neer in Judea. Joden worden verspreid door het hele Romeinse rijk. 

Slide 7 - Tekstslide

Ontstaan Christendom
Christenen geloven:
  • Dat Jezus Christus de Messias is. 
  • Jezus de zoon van god is. 
  • Dat Jezus gestorven is aan het kruis, voor de zonden/lijden van de mens en na 3 dagen weer is opgestaan. 


Slide 8 - Tekstslide

Het ontstaan van het christendom
  1. Na de dood verspreiden zijn joodse volgers het geloof van Jezus. 
  2. Paulus van Tarsus sluit zich bij deze groep aan. 
  3. Paulus zegt dat alle mensen zich aan mogen sluiten bij deze groep gelovigen. 
  4. Paulus maakt de verering los van het jodendom, waardoor er een nieuwe monotheistische godsdienst ontstaat. 
  5. Vanaf 52 n.C. reist Paulus door het Midden-Oosten en bekeert daar mensen door het Christendom. 
  6. Hij zei dat Jezus terug zou keren en een nieuwe wereldrijk zou stichten. 
  7. Iedereen die in Jezus geloofd krijgt een beter leven in het hiernamaals. 

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Video

Lesdoel: ‘De ontwikkeling van het jodendom en het christendom als de eerste monotheïstische godsdiensten.’

Slide 11 - Open vraag

Het ontstaan van het christendom
Verschil tussen het jodendom en christendom: 
  1. Christenen geloven dat Jezus Christus de messias was. 
  2. Bijbel = Tenach +  Het nieuwe testament (De boeken over het leven van Jezus en Paulus.)

Slide 12 - Tekstslide

Leg uit waarom de Romeinen niet tolerant waren tegenover de Christenen.

Slide 13 - Open vraag

Christendom wordt staatsgodsdienst.
In het begin werden christen vervolgd omdat: 
  1. Zij hun eigen regels hadden. 
  2. Zij aanhangers hadden in alle lagen van de Romeinse bevolking. 
  3. Keurden Romeinse normen en waarden af. 
  4. Verheerlijkten armoede. 
  5. Weigerde de keizer en de staatsgoden te eren. 

Slide 14 - Tekstslide

Christendom wordt staatsgodsdienst.
  1. 3de eeuw n.C.: Enkele keizers proberen het christendom uit te roeien. Maar dit stopt niet de groei van christenen. 
  2. 313 n.C: Keizer Constantijn is de eerste keizer die openlijk zegt dat hij christen is en geeft de christenen godsdienstvrijheid.  
  3. In 380 n.C: Keizer Theodosius maakt van het christendom de staatsgodsdienst 
  4. In 392 n.C: Worden oude Romeinse Tempels omgebouwd naar Kerken. 

Slide 15 - Tekstslide

Leg het verschil uit tussen godsdienstvrijheid en gewetensvrijheid.

Slide 16 - Open vraag

Christendom tot staatsgodsdienst
Verschil tussen godsdienstvrijheid en staatsgodsdienst:
  • Godsdienstvrijheid: Je mag kiezen wel geloof je hebt.
  • Staatsgodsdienst: Er is maar één officiele godsdienst in het land. 

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Video

Lesdoel: ‘De ontwikkeling van het jodendom en het christendom als de eerste monotheïstische godsdiensten.’

Slide 19 - Open vraag

Aan de slag: Huiswerk
  1. Maken paragraaf 2.3. 
  2. Nakijken paragraaf 2.3. 
  3. Leren leerdoelen 2.3. 

Slide 20 - Tekstslide